14 januari 2016

Vakantiehuis “Wolfskuil” voor bleekneusjes uit de randstad (1)

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink, Scouting / Padvinderij.    2.194 keer gelezen.

Arme kinderen uit de stad vakantie bieden in de bosrijke omgeving van Ommen. Dat was 75 jaar geleden de doelstelling van het kinder- en vakantiehuis Wolfskuil.

 Het nieuwe kinderhuis Wolfskuil geopend in 1940.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel en de albums “Kinderhuis De Wolfskuil”, “St. Jorishoeve – Repelaerhoeve” en “De Blokhut Wolfskuil”.

In de bosschen van “Wolfskuil” te Ommen is een vacantiehuis gebouwd, dat binnenkort in gebruik genomen zal worden. De inrichting, een geschenk van jhr. Repelaer te Den Haag, aan het Leger des Heils in Nederland, zal als eerste gasten een aantal kinderen uit Rotterdam herbergen”, aldus een bericht in tal van kranten begin september 1940. Het ging om het nieuwe vakantiehuis voor kinderen “Wolfskuil”, gebouwd in opdracht van jonkheer Ocker Repelaer van Molenaarsgraaf (1888-1975) uit Den Haag. In 1939 heeft de rijke jonker het uit dennenbos en heide bestaand gebied tussen de spoorlijn en de Regge, ter grootte van ongeveer 28 hectare gekocht van zijn neef Philip Dirk Baron van Pallandt van Eerde. Op het zuidelijk deel van het terrein werd vervolgens het kinderhuis gebouwd. De bedoeling van jonkheer Repelaer daarbij was om kinderen uit de achterstandswijken uit de Randstad naar de Wolfskuil te laten komen en ze hier weer aan te sterken.

Bosrijk
Aanvankelijk waren natuurvrienden uit Ommen weinig enthousiast over de bouwplannen in de bossen van de Wolfskuil. Toen zij echter door de heer Ruissing, opzichter en tekenaar van het gebouw uitgenodigd werden om de met rode en paarse stenen gebouwde vakantiehuis met rieten dak met eigen ogen te komen bekijken waren de tegenstanders om. Het kinderhuis met een prachtig gezicht op de Lemelerberg past voortreffelijk in deze bosrijke omgeving, luidde de conclusie van de oorspronkelijke tegenstanders. Het gebouw van 34 bij 8 meter in de Wolfskuil omvatte op de benedenverdieping kantoor, spreekkamer, twee officierskamers, eetzaal, keuken, washuis, slaapkamer en een dagverblijf voor kleuters, terwijl voor jonkheer Repelaer in de rechtervleugel een logeerkamer was ingericht. Op de bovenverdieping twee grote slaapkamers, elk plaats biedend aan tien kinderen, vier eenvoudige slaapkamers voor de officieren, een dokterskamer, ziekenzaaltje, linnenkamer, douchecellen en badkamer. Alle kamers waren in lichte kleuren geverfd, de plafonds van de bovenkamers waren van celotex. Het gebouw was bovendien voorzien van centrale verwarming en stromend koud en warm water. Er was plek voor 25 arme stadskinderen, die gedurende 6 weken konden genieten van een gezonde omgeving.

Opening
Op 9 oktober 1940 is het zover dat het vakantiehuis van het Leger des Heils officieel in gebruik genomen kan worden. Om twee uur werden alle genodigden onder wie de Leger des Heilscommandant Bouwe Vlas, officieren van het Leger des Heils, de stichter jhr. O. Repelaer, mevrouw H.C. Nering Bögel-baronesse van Zuylen van Nyevelt en burgemeester en wethouders van Ommen, welkom geheten door kolonel Visser. Een van de sprekers is jhr. Repelaer die zijn goede wensen uit, daarbij het mooie werk naar voren brengend, dat hier zal worden verricht. Vervolgens verrichtte mevrouw Nering Bögel-baronesse van Zuylen van Nyevelt de officiële opening, door de sleutels van het gebouw aan commandant Bouwe Vlas te overhandigen. Commandant Bouwe Vlas dankte allen voor de medewerking, in het bijzonder de stichter jhr. Repelaer. Na zang door officieren van het Leger des Heils sprak de heer Nering Bögel, burgemeester van de gemeente Ommen. Het tehuis ingericht voor verpleging van 25 kinderen en stond onder directe leiding van directrice Edelkoort. Bij de opening waren reeds twintig kinderen uit Rotterdam gearriveerd. Door de Duitse bezetting komt het werk van de nobele jonkheer na twee jaar stil te liggen. In 1942 wordt het kindertehuis gevorderd door de Duitsers.

Brand
Na de oorlog worden de activiteiten weer opgepakt. In 1947 voltrekt zich een ramp. Door een defect aan de centrale verwarming brand het kinderhuis van het Leger des Heils tot de grond toe af. Alleen de inventaris kon nog worden gered. Een jaar na de brand staat er weer een nieuw gebouw. De uitvoering van de nieuwbouw wordt enigszins gewijzigd en de rieten dakbedekking komt niet terug. In het nieuwe onderkomen wordt voorts ingezet op het organiseren van zomerkampen voor padvinders, voornamelijk afkomstig uit Den Haag, waar jonkheer Repelaer hopman is. Om als vakantiecentrum te dienen en te waarborgen voor kinderen die een steuntje in de rug nodig hebben, roept jonkheer Repelaer op 15 april 1948 de Hopman Repelaerstichting in het leven.

St. Jorishoeve
Het gebouw Wolfskuil krijgt de naam Sint Jorishoeve. Padvinders kamperen op naastgelegen grasveldjes. Even verderop wordt een houten Blokhut gebouwd en de diepe kuil waar het bosgebied de Wolfskuil zijn naam aan ontleent wordt geschikt gemaakt voor kampvuren en openluchtmeetings. In 1957 breekt er opnieuw brand uit. Dit keer is het de Blokhut, op dat moment bewoond door een vijftiental Haagse padvinders. Zij ontsnappen ternauwernood aan de dood. Een van de padvinders werd wakker van geritsel en zag een rode gloed. Hij sprong uit bed en zag tot zijn ontzetting dat het rieten dak in lichter laaie stond. Met grote moeite wisten de bewoners zich door de verstikkende rook een weg naar buiten te banen, terwijl het brandende dak reeds instortte. Van de inboedel kon vrijwel niets worden gered. De brandweer, die spoedig ter plaatse was, stond vrijwel machteloos tegenover de vuurzee. De brand is vermoedelijk ontstaan door vonken van een nog smeulend buiten-vuur.

Ook hier verrijst na korte tijd weer een nieuwe Blokhut. De kuil bij de Blokhut wordt in de vijftiger en zestiger jaren op Tweede Pinksterdag gebruikt door het Gereformeerde verenigingsleven voor hun jaarlijkse openluchtmeetings. Hopman Repelaer is vanaf de zestiger jaren steeds vaker in zijn onderkomen in Ommen te vinden. Hij ergert zich mateloos aan het gedrag van bezoekers van zijn bossen. Ze komen van de paden af en laten rommel achter. Repelaer verklaart op een gegeven het landgoed verboden gebied voor wandelaars.

Repelaerhoeve
Na het overlijden van de 87-jarige ongehuwde jonkheer Ocker Repelaer van Molenaarsgraaf in 1975 blijft de Hopman Repelaerstichting bestaan en beheert de nalatenschap van Repelaer. De benaming Sint Jorishoeve van het hoofdgebouw wijzigt in Repelaerhoeve. Het bosgebied, oorspronkelijk 28 hectare is dan nog 16 hectare groot. Door de jaren heen zijn vele ontwikkelingen in gang gezet met de bedoeling de oorspronkelijke idealen van jonkheer Repelaer op een steeds in de tijd passende wijze te realiseren. De groepsaccommodaties werden uitgebreid of in de afgelopen jaren onderworpen aan ingrijpende onderhoudsbeurten. De doelstelling van de jonkheer is altijd gebleven: een warm hart toedragen aan kinderen en jongeren die het minder hebben. Zij kunnen dan ook met korting op het landgoed De Wolfskuil hun vakantie vieren. Het gaat dan om kampen onder professionele begeleiding voor kinderen die opgroeien in armoede, met gedragsproblemen, ziekte of verstandelijke beperking.

In deel 2 een vervolg over de geschiedenis van Hopman Repelaer en de Wolfskuil.

Bron: Harry Woertink – 14 januari 2016

4 Reacties »

• • •

4 reacties »