микрозаймы

17 juni 2020

De nieuwe plannen van Ommen 75 jaar Vrijheid

Categorie: Informatiebronnen.    508 keer gelezen.

OMMEN – De Stichting Ommen 75 jaar Vrijheid kondigt de plannen aan voor het nog lopende bevrijdingsjaar. In 2020 zijn alle evenementen afgelast, maar in 2021 zullen nog één herdenking en 4 feestdagen door de stichting worden georganiseerd.

 Covoorzitter Roos ter Beek: “Dat was even schrikken met de coronacrisis begin dit jaar. Natuurlijk begrepen we meteen je dat er dit kalenderjaar geen enkel groot evenement meer kan worden georganiseerd. En natuurlijk waren we als organisatie wel even teleurgesteld. Maar we zijn niet bij de pakken neer gaan zitten. We hebben de evenementen afgelast voor dit jaar, maar de uitgifte van het boekje ‘Ommen in oorlog’ en de introductie van de app ’75 jaar bevrijding Ommen’ wel onmiddellijk uitgevoerd. Zo gaven we rondom de Bevrijdingsdag van Ommen en de landelijke herdenking en Bevrijdingsdag toch ook iets blijvends aan Ommen. Toch iets om mee te herdenken en vieren.

Het bestuur heeft ervoor gekozen in 2021 toch nog een aantal evenementen in te halen en hiervoor een conceptprogramma heeft opgesteld.

Zaterdag 10 april
Op zaterdag 10 april wordt de Bevrijdingsdag van Ommen gevierd, met medewerking van alle Ommer muziekverenigingen, een optocht met voertuigen uit de periode ’40-’45 en een podiumprogramma op het Plein van de Vrede (Kerkplein). Omdat op 11 april in 2021 op een zondag valt, heeft de organisatie ervoor gekozen dat de festiviteiten plaats zullen vinden op de dag dat de bevrijding van de gemeente begon: de bezetters werden in Lemele al op 10 april 1945 door de Canadezen verjaagd. Op 11 april wil de organisatie wel weer inzetten op veel vlagvertoon in de gehele gemeente.

Zaterdag 1 mei
Veteranendag zoals deze in 2020 zou plaatsvinden is in twee delen geknipt. Dat was organisatorisch niet anders mogelijk. Zaterdag 1 mei zal in Stegeren de dropping plaatsvinden met authentiek materieel in aanwezigheid van onder meer de veteranen uit de periode 1940 tot op heden.

Dinsdag 4 mei
Dinsdag 4 mei zal de stille tocht naar de oorlogsgraven en de 2 minuten stilte bij de begraafplaats aan de Hardenbergerweg plaatsvinden. Dit is een vijfjaarlijkse traditie die om de bekende redenen in 2020 niet door kon gaan en in 2021 wordt ingehaald. Lees meer »

Reageren »

17 juni 2020

Canon van de Ommer: Carel Johan Warnsinck (2)

Categorie: Canon van de Ommer.    678 keer gelezen.

Carel Johan Warnsinck (1865-1941) geneesheer in dienst van de gemeenschap van Ommen

 Carel Johan Warnsinck
Afbeelding: OudOmmen
Zie ook het album “2. Carel Johan Warnsinck”, de verzamelplek voor alles over Carel Johan Warnsinck.

Ommen zat zonder geneesheer en moest voor medische hulp een beroep doen op artsen van verder weg. Daarom ook dat Ommen in 1890 met druk een beroep deed op Carel Johan Warnsinck om naar Ommen te komen als gemeentegeneesheer. Hij was juist een praktijk begonnen in Ootmarsum, maar koos toch voor Ommen. Later zou hij zeggen van zijn komst naar Ommen nooit geen spijt te hebben gehad. Hij genoot vertrouwen van zijn patiënten en werkte er met heel veel plezier.

Lief en leed
Het was de eenvoud die dokter Warnsinck kenmerkte. In zijn ruim 40-jarige dokterspraktijk heeft hij een generatie Ommenaren zien opgroeien en lief en leed met hun gedeeld. Warnsinck heeft veel voor Ommen betekend. In 1908 stond hij aan de wieg van het Groene Kruisvereniging in Ommen en was 34 jaar lang voorzitter. Ook daar heeft hij baanbrekend werk verricht op het gebied van volksgezondheid en hygiëne. Verder was hij 30 jaar lang bestuurslid van de VVV in Ommen. Dokter Warnsinck trouwde in 1890 met Petronella Hendrikca Bouwmeester, dochter van de toenmalige burgemeester Alexander Carel Bouwmeester. Het echtpaar ging wonen aan de Voorbrug (Ambt-Ommen) in het huis waar tussen 1852 en 1884 meester Jan Pieter Grolle les gaf aan de kinderen en in 1830 werd gebouwd door burgemeester J.A. Chevallerau. In 1896 werd de woning flink uitgebreid. De dokterswoning met praktijk is in 1949 gekocht door hotelier Gerrit Stegeman en vervolgens in 1954 afgebroken om de weg en parkeerplaats voor het hotel breder te maken. Het tuinhuis van toen staat er nog steeds. In de zomer wordt van daaruit ijs verkocht door Ekkelenkamp.

Paard en wagen
De heer Warnsinck werd geboren op 18 juni 1865 te Kloetinge in Zeeland. Hij studeerde aan de Universiteit te Amsterdam, alwaar hij op 6 juni 1890 tot arts promoveerde. Op 1 November 1890 kwam hij naar Ommen. Hij was in dienst van zowel de gemeente Stad-Ommen als die van Ambt-Ommen. Het waren geen makkelijke tijden. Zijn praktijk strekte zich uit tot ver in de buurtschappen. Hij bezocht zijn patiënten met paard en wagen. De arrenslee waarin hij zich met sneeuw vervoerde staat in het Streekmuseum van Ommen. Dat geldt ook voor zijn dokterstas die een plek in het Ommer museum heeft gekregen.

Groene Kruis
Toen er een afdeling van het Groene Kruis werd opgericht, werd de dokter met algemene stemmen tot voorzitter gekozen. Ook was hij voorzitter van de afdeling Ommen van het Centraal Genootschap voor Kinder-, herstellings- en vakantiekolonies. Warnsinck was jaren de enige dokter in Ommen waardoor zijn hulp in talrijke gezinnen werd ingeroepen. Was de kindersterfte in Ommen naar verhouding tot andere plaatsen gering, toch wist de Warnsinck hierin nog belangrijke vooruitgang te boeken. De wegen waren in die tijd abnormaal slecht, zodat het verre van eenvoudig was om patiënten spoedig te bereiken. Als consul van de ANWB wist hij hierin veel verbetering te brengen. In 1926 kreeg Ommen een tweede gemeentegeneesheer in de persoon van dokter G. Pos. Waar de dokters zich toen ook mee bezig hielden was tandheelkunde. Tot 1932. In dat jaar kwam de vrouwelijke tandarts Catharina Symina Mulder naar Ommen. Lees meer »

Reageren »

15 juni 2020

Executieplek op de Besthmenerberg van drie vermoorde verzetshelden gemarkeerd met grote steen

Categorie: Harry Woertink.    634 keer gelezen.

Met een grote steen op de Besthmenerberg worden drie vermoorde verzetshelden uit de oorlog herdacht. Het gaat om Jaap Musch, Jan van Putten en Derk Webbink.

De dikke steen met bank waar in 1944 de verzetshelden Jaap Musch, Jan van Putten en Derk Webbink zijn geëxecuteerd.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “2020 – Nieuw Monument”.

Alle drie zijn in de Tweede Wereldoorlog op de schietbaan van Kamp Erika geëxecuteerd. Het nieuwe gedenkmonument is een onderdeel van het vernieuwde oorlogsmonument van strafkamp Erika op de Besthmenerberg onder Ommen. Als gevangenenkamp was Kamp Erika van 1941 – 1945 een plek van ontberingen, pijn, vernederingen en veel leed.

De route naar het herdenkingsmonument is vanaf de parkeerplaats de Steile Oever aan de Hammerweg aangegeven met grijze vijfhoekige betonnenpaaltjes. Het gevangenenkamp had ook een vijfhoekig model. Op de kruising van vier paden volgt eerst het herdenkingsblok over de Sterkampen van Krishnamurti. Er tegenover ligt het donkere herdenkingsblok over “Kamp Erika” van 1941 tot 1945. Rechts daarvan het blok over het interneringskamp “Kamp Erica” (dan met een c geschreven) van einde oorlog 11 april 1945 tot 1946 en aan de andere kant op de kruising een blok met informatie. Dit blok is ook te gebruiken als zitplaats. Wanneer de routepaaltjes verder worden vervolgd komt men na ongeveer 900 meter in oostelijke richting uit bij eerdergenoemde executieplek van de drie verzetsstrijders. De plek is gemarkeerd met een grote veldkei en een zitbank.

Jaap Musch
Jacob Philip (Jaap) Musch (1913) uit Amsterdam redde in de Tweede Wereldoorlog Joodse kinderen uit de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam. Ongeveer 160 kinderen uit de kinderopvang en daarnaast nog een groot aantal andere kinderen ontkwamen via de organisatie waar hij lid van was aan transport naar de concentratiekampen. In totaal ging het om minstens 231 kinderen. Jaap Musch is na zijn arrestatie in Nijverdal overgebracht naar Kamp Erika en is hier verhoord door leden van de Sicherheitsdienst uit Arnhem. Die waren berucht. Ze waren toevallig op bezoek in het strafkamp. Daar is Jaap door hen gruwelijk gemarteld. Hij liet niets los.

Lees meer »

Reageren »

15 juni 2020

28 juni rondwandeling met gids door de Ommerschans

Categorie: Ommerschans.    535 keer gelezen.

Ook dit jaar organiseert vereniging de Ommerschans elke vierde zondag van de maand (met uitzondering van de maand December) een rondwandeling met gids door het gebied de Ommerschans.

‘Gezigt op het gesticht voor bedelaars binnen de Ommerschans, in Overijssel, van de achter zijde’.
Afbeelding: OudOmmen

In een anderhalf uur durende wandeling vertelt de gids over de geschiedenis van het unieke gebied. Met onder meer verhalen over het zwaard van Ommerschans (dat te zien is in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden), de muiterij op de schans, de overval door de patriotten. Ook wordt er veel aandacht besteed aan de ruim 700 ha grote straf-en bedelaarskolonie Ommerschans. Je hoort niet alleen de historische feiten, maar ook verhalen over de bewoners en de dagelijkse gang van zaken op de kolonie. De gids vertelt ook over de geschiedenis van CTP Veldzicht die zijn oorsprong vindt in de kolonie Ommerschans.

De start van de zondagmiddagrondwandeling is om 14.00 uur en de avondrondwandeling om 19.00 uur bij het kanon in hartje Ommerschans. In verband met de Coronabeperkende maatregelen is de start niet (zoals gebruikelijk) bij de Veldzichthoeve maar bij het kanon in hartje Ommerschans en kan er geen koffie geserveerd worden. De kosten van de rondwandeling zijn € 5,00 en de vereniging de Ommerschans houdt zich aan de regels die door het RIVM zijn opgesteld. Er is geen gelegenheid om te pinnen. Vooraf aanmelden via info@ommerschans.nl of via 06-13629524. Parkeren bij het kanon naast de schanswal. Wilt u met een grote groep komen? Dan kunnen we ook in overleg rondleidingen afspreken op een ander moment. Laat u zich informeren over de mogelijkheden.

Lees meer »

Reageren »

13 juni 2020

Hoe in Ommen vroeger de brandweer geregeld was (3)

Categorie: Harry Woertink.    597 keer gelezen.

Je kon erin trouwen, rouwen of als taxi gebruiken. Maar ook kon het gebruikt worden om de spuit van de brandweer er mee te vervoeren.

De auto voor deze motorbrandspuit deed in 1944 niet alleen dienst als brandweerauto, maar ook als rouwauto, ziekenauto en taxi.
Foto: OudOmmen
Zie ook “deel 1”, “deel 2” en voor meer foto’s het album “Brandweer”.

Dat allemaal kon met een en dezelfde auto. Wat waren ze trots op hun brandspuit met dieselmotor. De brandspuiten stonden opgesteld in het brandspuitenhuisje dat gebouwd was tegen de muur van de Hervormde kerk op het Kerkplein. Bij brand kwam de (taxi) auto van garage Hurink snel voorgereden om de brandspuit aan te koppelen op weg naar de brand. Was het brandspuitenhuisje eerst te vinden aan de noordkant van de kerk. In 1848 werd de zuidkant van de kerk naast de consistoriekamer als betere locatie geschikt geacht. Later toen het opnieuw verbouwd moest worden en ook het platte dak vervangen moest worden door een aflopend dak stak de kerk daar een stokje voor. Het licht zou worden weggenomen uit het onderste gedeelte van een raam. Daarom werd toen op dezelfde plaats een nieuw huisje gebouwd met de deuren naar het zuiden. Tegelijk werden een 20-tal emmers aangeschaft. Het brandspuitenhuisje heeft dienstgedaan tot 1961, toen werd het afgebroken.

Instructie bij blussen van brand
In 1900 is een nieuwe “Instructie bij het blussen van brand” vastgesteld met een opperbrandmeester, 6 brandmeesters en zoveel manschappen als nodig waren, 3 pijpgasten, één zakkendrager en een bode. De manschappen kwamen onder bevel van de brandmeesters te staan. Deze laatste was kenbaar aan een stok, ringsgewijze geverfd met de kleuren rood en wit en voorzien van een knop, waarop de letters van de spuit waartoe zij behoorden. De anderen hadden als onderscheidingsteken een leren, zwartgelakte klep met een koord om de hals gedragen, voorzien van de letter van de spuit. Op 16 mei 1913 breekt brand uit bij B.J. Grootenhuis aan de Brugstraat met als gevolg een grote vuurzee. Omdat de brandweer het niet alleen aan kan wordt hulp ingeroepen van de brandweer van Dalfsen. Als men de brand ‘meester’ is zijn vijf huizen in de as gelegd. De geleende spuit wordt door vrachtrijder Steen met twee paarden teruggebracht naar Dalfsen. Er volgt nog een rekening van de wagenmaker die de spaken van de vier wielen van de Dalfser brandspuit heeft moeten vernieuwen. De burgers die zich hadden ingezet bij deze bluswerkzaamheden worden beloond met 10 cent per uur en wachthouders in de nacht krijgen 15 cent per uur. Een bijkomstigheid was nog dat opperbrandmeester Peter Oldeman drie dagen na de brand nog steeds hees was van het commanderen. Aangezien Oldeman tijdens de brand moeilijkheden kreeg met de marchaussee, die hem zijn bevoegdheden op het terrein van de brand betwistten, kreeg Oldeman voortaan een pet met het wapen van Ommen als teken van rang en bij een volgende brand daar geen onduidelijkheden meer over konden ontstaan.

Lees meer »

Reageren »

13 juni 2020

Nationaal Tinnenfigurenmuseum Ommen weer open – 35 jaar bestaan met speciale jubileumexpositie

Categorie: Harry Woertink.    423 keer gelezen.

OMMEN – Het Nationaal Tinnen Figuren Museum opent haar deuren weer op dinsdag 30 juni 2020 voor het publiek.

 Opstelling van tinnen figuren bij de start van het Tinnen Figuren Museum in Ommen in 1985.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Markt 1 – Nationaal Tinnen Figuren Museum”.

Het spreekt voor zich dat het museum er alles aan doet om iedereen een veilig en aangenaam bezoek aan te bieden. In lijn met de landelijke maatregelen om het coronavirus te bestrijden, is het museum alleen na een online reservering te bezoeken. De openingsuren zijn tijdelijk gewijzigd: dinsdag t/m zondag van 13.00 tot 17.00 uur. De bijzondere jubileumexpositie ‘Miniatuurschilders’ staat centraal. Op zaterdag 27 juni om 11.00 uur geeft wethouder Ko Scheele een speciaal accent aan de heropening, in het bijzijn van vrijwilligers en donateurs.

Jubileumexpositie ‘Miniatuurschilders’
Het museum bestaat dit jaar 35 jaar. De geplande opening van de jubileumexpositie Miniatuurschilders moest door de carona geannuleerd worden. Het museumbestuur is blij dat deze expositie alsnog getoond kan worden. De tentoonstelling zelf, met bijdragen van een keur aan internationale kunstenaars, is echt een feest. Een wel heel bijzondere bijdrage aan de jubileumexpositie is het vignet ‘de verjaardag van Groot Moghul Aurangzeb‘. Dieter Blanke, een begenadigd schilder en aarts verzamelaar met een collectie van 30.000 historische tinnen figuren, is de maker van dit vignet. Hij gebruikte figuren die worden uitgegeven door: Zinnstübel Gabriela Donner, Schliebener Weg 2, 04939 Lebusa, Duitsland.

Het bijzondere aan deze tinnen figurenserie is dat ze is gemaakt naar het voorbeeld van een zeer kostbare 132-delige serie miniatuur figuren uit 1708. En kostbaar is een understatement. Deze serie bestaat uit geëmailleerd zilveren en gouden miniatuur figuren, ingelegd met 4.909 diamanten, 160 robijnen, 164 smaragden, 1 saffier, 16 parels en 2 cameeën. In de loop der jaren raakten 391 stenen kwijt. Al deze figuren staan op een 1 m2 groot podium van goud en zilver. Lees meer »

Reageren »

12 juni 2020

IJskelders, Spaanse Griep, Junne en Tolhuizen in nieuwe nummer van De Darde Klokke

Categorie: CCO (Cultuurhistorisch Centrum Ommen).    548 keer gelezen.

OMMEN – In de nieuwste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (195) antwoord op de vraag wat een ijskelder is en de functie.

 De jongste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (195).

Steeds meer mensen bezoeken al wandelend of fietsend het prachtige landgoed Het Laar in Ommen. Menigeen zal ook langs de ijskelder van Het Laar gekomen zijn en zich afvragen wat moet die deur daar in dat heuveltje. Van de 10 ijskelders die in Salland nog bewaard zijn gebleven heeft Ommen er vier en ze zijn allemaal uniek, twee ijskelders behoren tot de mooiste ijskelders van Nederland. In Eerde, Vilsteren, de Ommerschans en in Het Laar zijn deze ijskelders als “verborgen” cultureel erfgoed te vinden. Nu de wereld in de ban is van het Coronavirus heeft De Darde Klokke een verhaal over de Spaanse Griep die in de zomer van 1918 in Nederland heerste. Ook inwoners van Ommen ontkwamen niet aan de Spaanse griep. In de stad zelf maar ook in de buurtschappen werden mensen ziek en kwamen te overlijden. Een tweede golf stak een jaar later op. Bijna nog erger dan een jaar eerder. Wel werden er toen maatregelingen getroffen om het virus te beperken. Deze tweede golf duurde tot maart 1920.

Landgoed Junne
Landgoed Junne bestaat 300 jaar. De geschiedenis begint in 1718 als Werner van Pallandt erve “de Brakel” aankoopt. Verschillende eigenaren zijn er in die 300 jaren geweest. In mei 2018 werd het landgoed gekocht door verzekeraar ASR. Niet alle boerderijen zijn in bezit van het landgoed: vijf zijn in particuliere handen. Vroeger werden de schapen op de hei geweid door jongeren. Hun loon bestond uit kost en inwoning en wat geld voor de vaak kinderrijke gezinnen. Men had dan weer een eter minder en dat scheelde weer. Vroeger was Ommen omsloten door tolwegen en tolbruggen. Op bijna alle toegangswegen naar de stad moest men tol betalen om van de weg gebruik te mogen maken. In De Darde Klokke alle tolhuizen in Ommen op rij. In het nieuwe nummer ook aandacht voor de beeldbepalende molen De Lelie. Deze in 1846 gebouwde molen blijft behouden als de gemeente de molen aankoopt. Eigenaar Hendrik Oldeman moet er een veer voor laten bij de verkoop, maar bereikt wel zijn doel om de Lelie grondig te laten restaureren zodat deze weer als korenmolen zijn werk kan doen. In 1976 is het dan eindelijk zo ver dat de molen weer kan draaien en malen met molenaar Anton Wolters. Abonnees van de kwartaaluitgave van De Darde Klokke krijgen het tijdschrift thuis toegestuurd. Losse nummers van De Darde Klokke zijn te koop bij Read Shop aan de Kruisstraat 3 in Ommen.

Bron: Harry Woertink – 12 juni 2020

Reageren »

9 juni 2020

Museum Palthehof vanaf vrijdag 3 juli op aanvraag open

Categorie: Musea.    305 keer gelezen.

 Het bestuur van de Historische Vereniging Ni’jluusn van Vrogger stelt haar museum open per 1 juli, om zo mensen in de gelegenheid te stellen de thematentoonstelling Nieuwleusen 75 Jaar Vrij – Vreugde en Verdriet te bekijken.

Inbreng thematentoonstelling Nieuwleusen 75 Jaar Vrij – Vreugde en Verdriet.
Foto: Ni’jluusn van vrogger

De openstelling is vooralsnog beperkt tot vrijdagmiddagen tussen 13.30 en 17.00 uur, en alleen op afspraak. Aanmelding kan via info@palthehof.nl (secretaris Henk Grevelman) en telefonisch via 0529-482736 (beheerder Jan Huzen). Het aantal bezoekers zal beperkt blijven tot 10 personen tegelijk, met inachtneming van alle RIVM- maatregelen. Als de maatregelen worden verruimd, dan zullen de openingstijden worden aangepast.

De Stichting 75 Jaar Vrijheid in Nieuwleusen heeft besloten om het Bevrijdingsfeest van Nieuwleusen te vieren op zaterdag 10 april 2021, 76 jaar na dato. Aangezien de huidige thematentoonstelling een onderdeel vormde van de bevrijdingsactiviteiten in het kader van het Lustrumjaar 75 Jaar Vrijheid, zal deze tentoonstelling in ieder geval intact blijven tot en met het uitgestelde Bevrijdingsfeest. We hopen u te mogen begroeten in ons museum!

Bron: Historische Vereniging Ni’jluusn van vrogger – 9 juni 2020

Reageren »

8 juni 2020

Hoe in Ommen vroeger de brandweer geregeld was (2)

Categorie: Harry Woertink.    628 keer gelezen.

Brand was vroeger een ramp. Een brandverzekering was er nog niet. De stad had brandwachten en brandputten.

Oefening van de brandweer op de Bleek bij Makkinga’s Molen in 1925.
Foto: OudOmmen
Zie ook “deel 1” en voor meer foto’s het album “Brandweer”.

In 1730 was voor het verkrijgen van het burgerrecht van de stad Ommen behalve een flinke som geld ook een leren brandemmer voor de brandweer een verplichte bijdrage. In 1841 had de stad Ommen de beschikking over 2 brandspuiten, 20 emmers, 160 brandhaken en 50 bijlen.

Brand, brand
Brand! Brand! klinkt het uit verschillende monden op woensdag 8 augustus 1822 als Ommenaren vuurtongen boven hun stadje zien en witte rookpluimen. Ook Egbert Brinkman ontdekt vanaf zijn land iets buiten de kom van Ommen dat het niet pluis is en keert snel te voet naar huis, achterna gekomen door zijn vrouw en kinderen. Dicht op de plek des onheils ziet Brinkman tot grote ontsteltenis dat zijn huis in lichterlaaie staat. En niet alleen van hem maar ook belendende percelen staan in vuur en vlam. De huizen branden als een fakkel. Vuurheren treden regelend op bij pogingen de brand te blussen. De slang van de brandspuit is op de naburige brandkolk aangesloten en inwoners staan rij in rij om telkens de met water gevulde leren emmers op de vuurhaard te gooien. Iedereen doet wat hij of zij kan. Uit de gevaar lopende huizen worden goederen weggesleept. Maar het mag allemaal niet baten. Totaal gaan 30 huizen en twee schuren in vlammen op.

In de krant
De krant van toen bericht het volgende over de grote brand in Ommen: “Ommen den 8 augustus 1822. Heden namiddag, omstreeks vier uren, ontstond alhier brand in de schuur van den arbeider Egbert Brinkman, welke dadelijk tot diens daaraan gelegene woning oversloeg en zoo geweldig toenam, dat, niettegenstaande alle aangebragte hulp, in minder dan één uur tijds dertig huizen en twee schuren eene prooi der vlammen werden. Eenenveertig gezinnen (circa één vijfde der bevolking dezer stad) zijn hierdoor van huisvesting en het grootste gedeelte hunner goederen beroofd en, meerendeels, in de diepste armoede gedompeld; waaruit zij alleen door krachtdadige hulp van menschenvrienden kunnen geholpen worden”.

De brand blijkt te zijn ontstaan in de schuur van Egbert Brinkman. Zijn kinderen van respectievelijk 8, 6 en 4 jaren hebben vermoedelijk vuur in de schuur gebracht toen zij – terwijl de moeder in de buurt van het huis aan het werk was – alleen thuis waren. Omstreeks drie uur ging mevrouw Brinkman met haar kinderen naar het veld om te helpen bij de roggeoogst. Onderwijl smeulde het vuur verder en omstreeks vier uur brak de brand uit die razendsnel om zich heen greep.

Lees meer »

Reageren »

5 juni 2020

Ommen, stad sinds 1248 met vesten omringd

Categorie: Boeken & Tijdschriften.    457 keer gelezen.

Ommen aan de rivier de Vecht, over welke hier eene fraaije brug ligt. Deze plaats, die in 1227 de verzamelplaats was der bisschoppelijke hulpbenden, die welhaast eenen ellendige dood te Ane vonden, was in 1228 insgelijks het hoofdkwartier van bisschop Willebrand van Oldenburg.

Het kasteel te Eerde
Afbeelding: Google books

Zij werd in 1248 door bisschop Otto III tot eene stad verheven. Waarschijnlijk werd het ten zelfden tijde met vesten omringd, want toen de eigenaars der kasteelen Rechteren en Voorst in het jaar 1330 Ommen in brand staken, trokken zij niet af voor zij de vesten hadden afgeworpen”, zo luidt de typering voor Ommen in het bijna 700 pagina’s tellende uitgave “Beschrijving der Nederlanden” uitgegeven in 1841 door J.H.Laarman uit Amsterdam. De beschrijving over Ommen vervolgt: “In 1379 leed de stad in omtrek veel door Evert van Essen, bezitter van het kasteel te Eerde, doch deze werd hiervoor eerlang door den bisschop op het geduchtste gestraft. In 1542 werd het door Rudolf van Münster gebrandschat en daar de vestingen door bisschop Philips in 1518 geslecht waren, wierpen zich in het jaar 1622 de 800 of 900 Spanjaarden, die zich hier gelegerd hadden, in de kerk, met oogmerk om zich van dezelve te bedienen tegen de staatschen, die hen te gemoet trokken. Deze kerk werd kort daarna eene prooi der vlammen, toen het geheele stadje door eenen geweldigen brand groote schade leed. Het meerendeel der burgers, 2,900 in getal, geneert zich van den landbouw, de fabrijken en eenige handwerken, waaronder vooral vroeger het knoopmaken moet gerekend worden. In Augustus wordt in dit stadje de jaarmarkt gehouden, die hier den naam van Ommer Bissing draagt, en van alle plaatsen in den omtrek eenen groeten toeloop heeft.

Ommerschans
De gemeente Ambt-Ommen bevattende in de gehuchten Lemele, Arriën, Varsen, Gíethmen, Junne, Stegeren, Eerde met een merkwaardig kasteel van denzelfden naam, Vilsteren met eene R. K. kerk, en Archum als ook de Ommerschans, en in de daarbij gelegene kolonie der maatschappij van weldadigheid 2,100 inwoners. De kolonie aan de Ommerschans bestaat uit een gesticht voor bedelaars, eene strafkolonie, ter beteugeling van hen, die de algemeene rust en orde verstoren, en eenige hoeven voor vrije kolonisten. Het is verbazend, welke aanwinsten hier op den vroeger zoo geheel verlatenen grond verkregen zijn. De landbouw staat er op eenen vrij hoogen trap, zoo zelfs, dat de menigvuldige lanen, de digte heggen en de rijke moestuinen met overvloed van groente, voor geene andere in de vruchtbaarste gedeelten des lands behoeven onder te doen. De kinderen gaan tweemaal daags ter school; des avonds moeten niet alleen de lieden, die des daags op de akkers werkzaam zijn, maar ook de volwassenen deel aan het schoolonderrigt nemen, met dien verstande, dat op den eenen dag de mannen, en op den anderen de vrouwen zich te dien einde vereenigen.

Lees meer »

Reageren »