18 maart 2018

Ommen. Lang geleden (5)

Categorie: Harry Woertink.    710 keer gelezen.

Een vervolg over Ommen, maar dan lang geleden. Over het ontstaan van de stad, de bewoners en het leven op het platteland. In dit deel de kleding van toen.

 In het Streekmuseum poseert een mevrouw met een baby op de arm in oude klederdracht.
Afb.: Streekmuseum Ommen

Een sociografie van Ommen, zoals vervat in een rapport uit 1949 gemaakt door Groenman en Schreuder in opdracht van de stichting Maatschappelijk werk ten plattelande.

Bij de kleding moet onderscheid gemaakt worden tussen werk- en zondagse kleding en tussen kleding van boeren en burgers. De kwaliteit van de kleren is zeer goed te noemen. Door de week draagt de boer een zwaar en donker manchester, waaronder een zwarte trui en blauwe kiel. Het aantal onderkleren is zeer groot; er worden veel gebreide borstrokken gedragen. ’s Zondags verandert de garderobe. Dan trekt de boer zijn zwarte lakensepak aan, waaronder weer de trui. De pijpen van de broek zijn kort en nauw. Het geheel wordt gecompleteerd door zwarte sokken, de mooie wit geschuurde klompen en zwartzijden pet. De lakense kostuums zijn zeer degelijk en het komt vaak voor, dat de boer zijn gehele leven hetzelfde kostuum gebruikt.

Van de diverse modevoorschriften trekken de boeren zich nagenoeg niets aan. Confectiekostuums zijn nog niet in zwang. Ook niet bij jongeren boeren. De magazijnen voor confectiekleding vinden daarom ook hun klanten voornamelijk in de stad en een enkele keer onder de meer „verburgerlijkte” boeren. Het zondagse kostuum wordt alleen gedragen op zon- en feestdagen, bij visite en andere uitgangsdagen. In de stad wordt als werkkleding de overall gebruikt. De laatste jaren zie je ook meer dat het platteland inburgert en daar vooral gedragen wordt door de jongelui. De overall fungeert ook wel als half “opknappertje” als bijvoorbeeld een tuniek erbij wordt aangetrokken of het manchester jasje of het afgedankte zondagse kostuum. Het gebruik van een winterjas is er bij mannen gaandeweg ingekomen. Dat deze jas werkelijk meer mode- dan nuttigheidsobject is, blijkt duidelijk uit het feit dat men er niet tegen opziet op hete zomerdagen de jas aan te trekken. Regenjassen ziet men vooral bij de jongelui. Lees meer »

1 Reactie »

12 maart 2018

Yad Vashem postuum uitgereikt aan echtpaar Reefhuis uit Lemele voor redden Joodse medeburgers

Categorie: Harry Woertink, Oorlog en Bevrijding.    410 keer gelezen.

Aan het echtpaar Reefhuis uit Lemele is postuum de Yad Vashem onderscheiding uitgereikt.

 Annemie van Zuilen in het midden met rechts Henk Reefhuis en links de Ommer burgemeester Hans Vroomen.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer afbeeldingen het album “Yad Vashem onderscheiding”.

Dit voor de hulp die Lubbertus Reefhuis en Geertje Reefhuis-Boekel hebben geboden om Joodse kinderen uit handen van de Duitsers te houden tijdens de periode van de Tweede Wereldoorlog (1940-1945). De uitreiking vond maandag 12 maart 2018 plaats in het gemeentehuis van Beilen, waar namens het gemeentebestuur van Ommen burgemeester Hans Vroomen vertegenwoordigd was. De onderscheiding, certificaat met medaille werd uitgereikt door Aviv Shir-On, ambassadeur van Israël. Henk Reefhuis, zoon van het overleden echtpaar nam de onderscheiding in ontvangst. De in Gouda wonende Henk Reefhuis bedankte in zijn toespraak met name de bewoners van Lemele, die als het ware een ring van bescherming boden aan het verzet. De familie Reefhuis gaf in de oorlog onderdak aan Annemie van Zuilen. Zij was speciaal voor deze plechtigheid uit Canada waar ze nu woont overgekomen. Het weerzien van Annemie en de zoon van de familie Reefhuis was heel emotioneel.

Annemie van Zuiden was 4 jaar toen de oorlog begon. Zij en haar ouders waren Joods en woonden in Beilen. Tijdens de angstige oorlogsjaren moest ook Annemietje onderduiken om uit handen te blijven van de verachte Duitse bezetter. Dat gebeurde op tal van adressen. Het laatste adres waar ze verbleef tot aan de bevrijding was bij de familie Reefhuis aan de Lemelerweg 42 in Lemele. Ze kwam hier aan in 1944 en werd gebracht door Niek Viëtor. De periode in Lemele herinnert Annemie als veilig en liefdevol bij het gastgezin Lubbertus Reefhuis en Geertje Reefhuis-Boekel. Voor de hulp die het echtpaar Reefhuis bood, om zo Joodse kinderen uit handen van de Duitsers te houden, heeft de Ambassade van Israël postuum de Yad Vashem onderscheiding ‘Rechtvaardigen onder de Volkeren’ toekend. Lees meer »

Reageren »

11 maart 2018

Ommen. Lang geleden (4)

Categorie: Harry Woertink.    708 keer gelezen.

In deze streek en vooral in het oosten en zuiden van Ommen ziet men vele boerderijen van het oude Saksische type of het Halle-type waarop overigens vele variaties zijn.

 Erve Volkerink aan de Beerzerweg in de jaren 40, als voorbeeld van een Saksische boerderij met zogeheten onderschoer, een inspringende ruimte in de achtermuur van de deel.
Afbeelding: OudOmmen

De woonruimte, een donker vertrek met slechts een tweetal ramen, is van de deel gescheiden door een muur, waarin een deur zit aan een kant van de haard. Aan de andere kant van het vuur is de vaste zitplaats van de boer. Vaak treft men hier in de muur een raampje, zodat de boer zo nu en dan zijn blik kan laten gaan over de deel en het vee in de stallen. In het vertrek zijn een groot aantal zware eikenhouten kasten en kisten geplaatst, waarin onder andere het linnengoed wordt opgeborgen. Het plafond is van stevige balken gemaakt. In de winter hangt er worst en spek te drogen. De veestallen bevinden zich aan weerskanten van de open deelruimte. Aan de ene kant de koestallen, de kalveren het dichtst bij de woonruimte. Aan de andere kant zijn de varkenshokken gebouwd, terwijl hier tevens plaats is ingeruimd voor de paarden, voorzover deze dan aanwezig zijn. Tussen koestal en woonruimte vindt men in de nieuwere boerderijen een smal gangetje, waarin soms een pomp is, soms een WC. In de oudere boerderijen staat de WC ook wel achter in de stal of buiten het huis en ontbreekt in enkele gevallen geheel. Dan dient de mesthoop als zodanig. In de stad bestaat nog het tonnetjessysteem, waarbij dan een ophaal dienst functioneert. Alleen de moderne huizen en villa’s bezitten toiletten met doorspoeling.

Bedstee
Keren we naar de boerderij terug, dan blijkt dat in enkele gevallen de bedstee nog aanwezig is. Deze bevindt zich aan weerskanten van de woonkamer. Het zijn diepe, donkere hokken met deuren ervoor, ingebouwd in de muren. Vooral door de jongere boeren werden later de nog overgebleven bedsteden vervangen door slaapkamers of opslagruimten. Het aantal mensen, dat in een bedstee slaapt, was afhankelijk van de gezinsgrootte. In grote gezinnen kwam het nog voor, dat er vijf of zes kinderen in een bedstee sliepen, waarvan een paar aan het voeteneind. Lees meer »

2 Reacties »

9 maart 2018

Workshop Palmpasenstok versieren in Streekmuseum Ommen

Categorie: Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    434 keer gelezen.

OMMEN – Op 24 maart, de tweede zaterdag voor Pasen, is het weer zover: de optocht van “Zwaanties op ‘n stökkie”, of te wel de jaarlijkse Palmpasenoptocht in Ommen.

 Enkele deelnemers van de Palmpasenoptocht in 2017.
Foto: Hans Steen

Een oude traditie waar een stoet jongeren met een versierde Palmpasenstok onder begeleiding van muziek door Ommen trekken.

Workshop
De Palmpasenoptocht voor de kinderen wordt in ere gehouden door de Gemienschop van Oll Ommer, een vereniging die zich inzet om Ommer tradities overeind te houden. Palmpasen is van oorsprong een christelijk feest, waarbij de palmtak verwijst naar de palmbladeren die de Joden neerlegden bij de intocht van Jezus in Jeruzalem. De palmtak is een kruis van twee dunnen stokken die aan elkaar worden vastgemaakt. De stokken worden omwikkelt met gekleurd papier, waarna de buxus op de stok wordt vastgebonden. Daarna wordt een koord met snoep of fruit geregen en aan de dwarslat vastgebonden. Tot slot wordt een broodzwaantje op de bovenste punt gezet. De palmstok wordt bekleed met buxustakken. In Ommen spreken ze niet van een haantje op een stok, maar van een zwaantje op een stok. Om de kunst van het versieren van een Palmstok onder de knie te krijgen organiseert Oll Ommer op zaterdag 17 maart om 10.30 uur in het Streekmuseum een workshop “Palmpasenstok versieren”. Voor de deelnemers is er dan een gratis startpakket, bestaande uit een geschilde stok, buxustakjes, voorgeboorde snoepeitjes, krenten, rozijnen en een sinaasappel, juist de “ingrediënten” voor een originele Ommer “Zwaantie op ‘n stökkie”. Opgave voor workshop voor 15 maart bij Gerrit Steen, telefoon 0529-454181.

Palmpasenoptocht
De jaarlijkse Palmpasenoptocht zelf is op zaterdag 24 maart. Die zaterdag kunnen om 14.00 uur de zelf gemaakte creaties gebracht worden naar het Streekmuseum aan Den Oordt 7 in Ommen. Een jury zal dan de versierde stokken beoordelen. Om 14.30 uur gaat hier de optocht van start met het jeugdorkest van Soli. De route is door het centrum en eindigt rond 16.00 uur in de hal van Verzorgingscentrum Oldenhagen aan de Hessel Mulertstraat 22. Lees meer »

Reageren »

7 maart 2018

Streekmuseum Ommen voor verdachtenhekje rechtbank

Categorie: Harry Woertink.    440 keer gelezen.

OMMEN – Het Streekmuseum Ommen is in het bezit gekomen van een heel uniek meubeltje. Het gaat om het hekje en krukje afkomstig van het oude Kantongerecht aan de Markt in Ommen.

 Het verdachtenhekje en bankje van de rechtbank nu in het Streekmuseum.
Foto: Harry Woertink
Klik hier voor meer afbeeldingen bij dit artikel.

Dit verdachtenhekje heeft dienst gedaan vanaf 1882 tot de opheffing van het kantongerecht in 1933. Een verdachte moest aan het begin van een strafzaak voor het hekje staan en kreeg dan te horen waar hij of zij van werd verdacht. Pas als de rechter een teken gaf mocht de verdachte gaan zitten. Toen het Kantongerecht in Ommen werd opgeheven zijn hekje en krukje opgeborgen op de zolder van het voormalige kantongerecht. Bij de sloop van het pand in 1970 kwamen ze weer tevoorschijn om vervolgens opgeslagen te worden. Onlangs werd het Streekmuseum op het spoor gebracht en zijn het hekje en krukje naar het museum gehaald. Jan Mensink uit Junne wist het uit elkaar gevallen eikenhouten meubeltje weer te restaureren.

Blij met nieuwe aanwinst
Het Streekmuseum is blij met de aanwinst die inmiddels aan de expositie is toegevoegd. “Het oude markante kantongerecht is jammer genoeg gesloopt. Gelukkig hebben we nu nog iets dat herinnert aan de kantongerecht”, aldus Harry Woertink van het museum. Op de plek van het voormalige kantongerecht staat sinds 2015 het zogeheten Marktgebouw waarin gehuisvest zijn een restaurant, bank en op de bovenverdieping een winkel van Action.

In 1882 betrokken de kantonrechter en zijn griffie het nieuw gebouwde kantongerecht. Tot de werkzaamheden van het kantongerecht behoorden onder andere rechtspreken over geschillen bij huren en pachten, schulden, arbeidszaken, overtredingen en familiezaken zoals de regeling van voogdij bij minderjarigen en machtiging minderjarigen voor verkoop van onroerend goed. Op de laatste zitting in 1933 werd recht gesproken door kantonrechter baron J.P.A. Mulert, bijgestaan door griffier mr. L.J.A. du Quesne van Bruchem en ambtenaar openbaar ministerie N. Lever. Deurwaarder van het kantongerecht was toen J.Lameijer en bij ongeregeldheden trad M. Eelman op als majoor van de rijksveldwacht. Lees meer »

Reageren »

6 maart 2018

Ekkelenkamp Ommen viert 80-jarig bestaan

Categorie: Harry Woertink.    855 keer gelezen.

OMMEN – Restaurant en IJssalon Ekkelenkamp in Ommen bestaat 80 jaar. Dit jubileum wordt deze maand gevierd.

 Ekkelenkamp Ommen in 1957 (links) met op de gevel: ‘Lunchroom – IJs – Banket’.
Foto: OudOmmen

Bijna iedereen heeft wel eens een softijsje geproefd van deze bekende zaak aan de Stationsweg 1 in Ommen. Bij zomerweer staan de ijsliefhebbers in de rij bij een van de ijskiosken aan de zuidkant van de Vechtbrug. Inmiddels is restaurant Ekkelenkamp in handen van de derde generatie Ekkelenkamp.

Restaurant Ekkelenkamp werd in 1938 opgericht door B. Ekkelenkamp. Begonnen werd als bakkersbedrijf met brood en banket. Midden jaren vijftig van de vorige eeuw is Ekkelenkamp gestopt met broodbakken. Vanaf toen is men zich meer gaan richten op patisserie en met een ijssalon gestart. De zaak was toen ook bekend als banketbakkerij en lunchroom B. Ekkelenkamp. In 1960 kwam de eerste softijsmachine in de zaak. Het softijs van IJssalon Ekkelenkamp staat nog steeds goed bekend in de wijde omgeving.

In 1976 nam de tweede generatie W. Ekkelenkamp het bedrijf over. Daaruit is de uitbreiding van de Lunchroom & Petit restaurant ontstaan. Van oudsher wordt het gebak in eigen patisserie gemaakt. Sinds jaar en dag is er nog steeds een groot assortiment, voor bij de koffie of om mee te nemen. In januari 2011 is de zaak totaal verbouwd en is de derde generatie aangetreden om dit geweldige familie bedrijf voort te zetten. Ook is daarbij de naam veranderd in “Ekkelenkamp Lunch-Diner-Patisserie”. Een sfeervolle koffiezaak en eetgelegenheid met een gemoedelijke sfeer.

Bron: Harry Woertink – 6 maart 2018

Reageren »

4 maart 2018

Ommen. Lang geleden (3)

Categorie: Harry Woertink.    628 keer gelezen.

Op het platteland was de onderlinge hulp groot: het “Noaberschap”. Bij een bruiloft kwamen de noabers in actie.

 Een voorbeeld van een saksische boerderij in Beerze.
Afbeelding: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Reeds voor de trouwdag is men begonnen met het houden van visites. De vrouwen komen de uitzet van de bruid bewonderen, tevens wordt maar vast een aanvang genomen met het uitspreken van gelukwensen en goede raadgevingen, onder het genot van een kopje koffie en een glaasje. Op de huwelijksdag belasten de buurtbewoners zich met de zorg voor de trouwkoets. De bruid wordt van huis gehaald, er wordt flink gegeten en gedronken, en dan begeeft de stoet zich naar het gemeentehuis en de Kerk. Na de inzegening wordt weer het een en ander gebruikt in een cafeetje langs de weg en dan rijdt men terug naar de buurtschap.
Nog een belangrijker dag in het leven der buurtbewoners is die van een begrafenis. Ook nu worden allen weer ingeschakeld voor hulp. Als de man overleden is, wordt direct door de naaste buren het bericht verspreid in de buurtschap en medegedeeld aan de familieleden van de overledene, die elders wonen, terwijl een ander er voor zorgt, dat het bericht in de stad aan belanghebbenden wordt verteld. Dikwijls werd tijdens deze dagen het werk op de boerderij gedaan door de buren, zodat dus de gezinsleden zich hierover geen zorgen behoefden te maken.

Nog op de dag van sterven wordt het lijk ontkleed en dan komt het linnengoed, dat reeds vanaf de trouwdag ongebruikt in de kast gelegen heeft, te voorschijn om als doodsgewaad te dienen. De kist is door de buurtbewoners van zwaar eikenhout gemaakt. Enkele dagen later vindt de begrafenis plaats. Op deze dag worden stoelen en tafels aangesjouwd uit de hele buurt. De naaste familie met de predikant komen in ’t voorhuis te zitten en de verre bloedverwanten met de buren in het achterhuis. De buurvrouwen hebben samen gezorgd voor brood, koffie, suiker, boter, kopjes en messen. Zij zijn druk in de weer om de gasten goed te verzorgen. In de keuken zien we alleen witte en blauwe kopjes, maar op de deel zijn er van allerlei kleuren. Natuurlijk wordt er over de dode niet anders dan veel goeds verteld. In de kamer wordt fluisterend gesproken, daar staat het lijk opgebaard. Heel anders is dat in het achterhuis, waar zelfs gelachen wordt. Is de maaltijd beëindigd, dan spant de naaste buur zijn paard voor de boerenwagen en wacht achter het huis. Op de deel wordt de kist nog een keer geopend en met een laatste blik wordt van de dode afscheid genomen. Lees meer »

Reageren »

27 februari 2018

Streekmuseum Ommen opent nieuw seizoen

Categorie: Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    499 keer gelezen.

OMMEN – Het Streekmuseum in Ommen is vanaf 1 maart weer open. Na een korte winterstop start het museum een nieuw (toeristen)seizoen.

 Veel belangstelling voor de thema-expositie over de buurtschappen Varsen en Witharen in het Ommer Streekmuseum.
Foto: CCO
Zie voor meer foto’s het album “Molen Den Oordt / Streekmuseum”.

Het publiek is er welkom tot eind april middags en vanaf 1 mei de hele dag. Gedurende de maand maart is ook de thema expositie te bezichtigen over de Ommer buurtschappen Varsen en Witharen. De collectie van bijzonder materiaal over de historie van beide buurtschappen was al eerder voor de buurtbewoners zelf in het museum tentoongesteld.

Goed seizoen
De afgelopen maanden is de wintersluiting aangegrepen voor onderhoud, schoonmaak en het toevoegen van enkele nieuwe voorwerpen. Zo is het museum in het bezit gekomen van een unieke antieke koets, die in het tolhuis staat opgesteld. Terugkijkend op het afgelopen seizoen constateert museumbeheerder Harold Dokter een toename van het aantal bezoekers vergeleken met het jaar daarvoor. “We zijn best tevreden over het aantal bezoekers in 2017. Ook zien we dat scholen het museum graag komen bezoeken en grote gezelschappen hebben een bezoek aan ons museum op het programma staan”, aldus Dokter.

Een groep van 30 vrijwilligers runt het museum en leiden graag bezoekers rond in het museum met exposities over streekklederdrachten, huistafereeltjes uit vervlogen tijden en een oud schoolklasje. Een brandspuit uit eind 1800 en een oud uurwerk uit de oudste kerk van Ommen zijn zo maar enkele voorwerpen die er tentoongesteld zijn. De nog werkende windmolen is van binnen te bezichtigen en in het tolhuis zijn enkele werkplaatsen ingericht met historische ambachten. Lees meer »

1 Reactie »

26 februari 2018

Ommen. Lang geleden (2)

Categorie: Harry Woertink.    345 keer gelezen.

De gemeente Ommen is ontstaan uit de nederzetting van die naam aan de Vecht. Daar waar het bisschoppelijk veer gelegen was en ook een aantal oude Marke-nederzettingen langs Vecht en Regge.

 Fragment uit het archief van de Gemeente Ommen met informatie over (de inwoners van) Ommen in 1815.

Stad en Ambt hoorden economisch-geografisch bijeen. Zeer duidelijk blijkt dat uit de telling die in 1795 werd gehouden. De stad werd volgens deze telling toen grotendeels bewoond door winkeliers, ambachtslieden en andere personen buiten de landbouw staande. Zo vond men er behalve de schout, de notaris en enige andere notabelen 10 kleermakers, 8 timmerlieden, 6 kooplieden in paarden en vee, 5 bakkers, 5 kasteleins, 4 schoenmakers, 2 kooplieden in huiden, 5 metselaars, 2 molenaars, 1 barbier, 1 koopman in garen en band, 2 kooplieden in koffie en thee e.d., 2 smeden, 3 wevers, 7 spinners en spinsters, 5 slagers, 2 klompenmakers, 2 kooplieden in laken en wol, 1 koopman in granen, 1 kuiper, 1 grutter, 1 naaister, 1 horlogemaker en nog enige andere handelaren en winkeliers. Een rijk gevarieerde middenstand dus.

Agrarisch
Op 31 December 1930 telde de gemeente Ommen 8176 inwoners terwijl de oppervlakte cultuurgrond 7851 hectare bedroeg. Wanneer men als criterium voor een agrarische gemeente aanneemt, dat wanneer 40% of meer van de beroepsbevolking tot de agrariërs behoort sprake is van agrarisch, dan kan voor Ommen met 65,8 % van de totale beroepsbevolking in de landbouw niet anders gesteld worden dan dat Ommen toen een agrarische gemeente was. In 1930 bestond de helft van alle winkels, 51 van de 101, uit kruidenierswinkels en bakkerijen, waarvan 19 kruidenierswinkels – tevens bakkerijen. Daar in vergelijking met andere agrarische gemeenten Ommen weinig winkels heeft, zijn de omzetten niet laag. De drie grootste bakkers verbakten ongeveer 15-20 baaltjes per week, dat wil zeggen zoveel als beschouwd kan worden een goede norm te zijn voor een renderend bedrijf. De andere bakkerijen blijven onder deze norm: 12 baaltjes is dan al een behoorlijke omzet. Daar echter de meeste bakkerijen tevens kruidenierswinkel waren kon een niet onaanzienlijk hogere geldomzet bereikt worden dan uit de broodbakkerij alleen.

In dit verband kan er op gewezen worden, dat de levensmiddelenwinkels in Stad-Ommen niet onbelangrijke voordelen hadden van het vreemdelingenverkeer. Het Padvinderskamp, dat gedurende 3 maanden in Ommen werd gehouden nam grote hoeveelheden kruidenierswaren en brood af. Het Sterkamp, dat een tiental dagen duurde, had ook massale leveranties nodig. In een korte periode werden dan zeer goede zaken gedaan. Ook had Ommen al vroeg een filiaal van Albert Heyn. Lees meer »

Reageren »

22 februari 2018

Vroegere kerk diende als onderdak voor de NSB

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink.    529 keer gelezen.

Er is meer bekend over het gebruik van het kerkgebouw aan het Molenpad nadat het niet meer als kerk dienst deed.

 De vroegere Christelijk Gereformeerde kerk in Ommen.
Foto: Cultuurhistorisch Centrum Ommen

Zoals vermeld in het artikel “Een kerkje aan het Molenpad in Ommen” was het van korte duur dat hier kerkdiensten werden gehouden van de Christelijk Gereformeerde kerk. In de oorlogsjaren (1940-1945) is het pand gekocht door de plaatselijke groepsleider van de NSB (Nationaal Socialistische Beweging). Zo kon het gebouw eind maart 1942 in gebruik genomen worden als groepshuis van de NSB.

Daarbij ging het om de Weerbaarheidsafdeling (WA), de NSB-vrouwen (NSVO) en de Jeugdstorm. “Opdat de kameraadschapsband onderling steeds meer zou worden versterkt en men steeds meer geschikt zal worden om de nationaal-socialistische beginselen in leer en leven uit te dragen”, schreef de krant van toen over de opening, die ook wist te melden dat de inventaris en verbouwing 400 guldens hebben gekost.

De officiële ingebruikneming vond feestelijk plaats met toespraken van plaatselijke leiders, die stelden blij te zijn met het nieuwe groepshuis, vooral ook omdat bij plaatselijke lokaalverhuurders veel “laster en tegenwerking” werd ondervonden bij het huren van lokaliteiten. Na een muzikaal en vocaal intermezzo en koffie met gevulde koek werd een eenpansmaaltijd genuttigd, die bestond uit heerlijke erwtensoep. Voor het nodige „er in” hadden enkele agrariërs gezorgd.

Bron: Harry Woertink – 22 februari 2018

Reageren »

Pagina 5 van 241« Eerste...34567...102030...Laatste »