31 januari 2016

Zuidkant van Ommen: Hei en dennen (1)

Categorie: Harry Woertink, Landgoederen.    1.135 keer gelezen.

Hei en dennen en verder niks. Zo ongeveer kan het gebied omschreven worden aan de zuidkant van Ommen in de periode tot 1900.

 1905. Burgemeester jhr J.L. van Nahuijs (rechts) en in het midden zijn echtgenote H.J. van Nahuijs-Ampt voor villa Hei en Dennen aan de grindweg naar Hellendoorn in Besthmen; tegenwoordig Hammerweg 14, Ommen.
Afb.: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel en album “Hei en Dennen”.

Toen ook werd de omgeving voorbij Landgoed Het Laar aangeduid als Besthmen. Van bebouwing was nog weinig sprake. Die kwam pas opgang toen de spoorlijn werd geopend. De eerste grote villa die er verrees kreeg de toepasselijk naam “Hei en Dennen”. Vanaf de brug in Ommen lag een grindweg, met de naam grindweg naar Hellendoorn. Eerder ging het om de weg naar Raalte, een zandweg die via de Nieuwebrug over de Regge liep en onderlangs de Archemerberg naar Raalte. Na de komst van het spoorstation kreeg het eerste gedeelte van de weg de naam Stationsweg en de weg over het spoor Hammerweg.

Spoorlijn
Het is een hele gebeurtenis als Ommen bereikbaar wordt met de trein. Op 15 januari 1903 wordt het baanvak Zwolle – Ommen geopend en op 1 februari 1905 Ommen – Mariënberg. Als station en spoorlijn zijn geopend door de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij maakt een verslaggever een ritje met de stoomlocomotief: “Vlug gaat hij niet, die locaaltrein, doch voor den reiziger als geknipt om van uit zijn coupé het landschap kalmpjes te kunnen opnemen. De malsche weiden om Zwolle worden afgewisseld door uitgestrekte bosschen, waar ge den houthakker aan den arbeid ziet of hem toeknikt, terwijl hij van zijn dagwerk even opkijkt naar den voorbijrollenden trein. Plotseling verandert dan weer het landschap en stort de trein u uit het donker woud in een open zandvlakte waar de wind het mulle zand van tijd tot tijd doet verstuiven. Dan weer nadert ge de Vecht, aan wier boorden op een smalle maar vruchtbare kleilaag goede weilanden worden aangetroffen, gewoonlijk met boomen beplant of omzoomd. De talrijke hazen zijn hier aan den trein reeds gewoon. De langooren, die op of aan den spoorweg zitten, huppelen wel eenige meters het land in, doch laten dan kalm den trein voorbijglijden. Lees meer »

2 Reacties »

29 januari 2016

Ccoba presenteert: Vier broers, één liefde: natuurfoto’s door de Gebroeders Reitsma

Categorie: Bibliotheek Ommen, Ccoba (Cult.comm.bibliotheek).    468 keer gelezen.

Ccoba, de culturele commissie bibliotheek activiteiten, organiseert op dinsdag 9 februari in de Bibliotheek aan de Chevalleraustraat een avond met de gebroeders Reitsma uit Zwolle.

 Foto: Bibliotheek Ommen

De liefde voor de natuur kregen ze van huis uit mee, met vader, moeder en de negen kinderen het veld in om kievitseieren te zoeken of een lange zomervakantie in de natuur. Zo leerden ze al die vogels en vlinders kennen die ze nu zo prachtig op de gevoelige plaat vastleggen. Vanuit hun woonplaats Zwolle fotograferen Jan-Pieter, Douwe, Anne en Gerrit Reitsma vaak in Dalfsen en Ommen maar ze zijn ook veel te vinden in het Park de Hoge Veluwe waar ze in 2014 in het informatiecentrum exposeerden. In het programma ‘Man bijt hond’ kregen we al een voorproefje, bij Ccoba kunnen we live genieten van de prachtige foto’s en verhalen van deze unieke broers.

De avond begint om 20.00 uur en de entree bedraagt € 7,00. Vrienden van Ccoba betalen € 3,00, bibliotheekleden € 5,00. Dat is inclusief koffie/thee. Kaarten zijn tijdens de openingsuren verkrijgbaar bij de klantenservice van de Bibliotheek Ommen. Ook op de avond zelf is er kaartverkoop. Openingstijden van de klantenservice: maandag 14.00-20.00 uur, dinsdag en donderdag 14.00 – 18.00 uur, woensdag en vrijdag: 14.00 – 20.00 uur en zaterdag 10.00 – 12.00 uur. Tel. 0529-452158. Reserveren kan via de website van de Bibliotheek www.bibliotheekommen.nl. Deze informatie is ook te vinden op de website www.ccobavanommen.blogspot.com.

Bron: Bibliotheek Ommen – 29 januari 2016

Reageren »

24 januari 2016

Antonie Gerrit Bloem, notaris in Ommen van 1895 tot 1928

Categorie: Bekende personen, Harry Woertink.    751 keer gelezen.

Antonie Gerrit Bloem, geboren op 31 december 1859 in Valburg, werkt na zijn studie als kandidaat-notaris in Uitgeest. In 1895 wordt hij tot notaris in Ommen benoemd, als opvolger van notaris F.W.N. baron Mulert.

 Notaris Bloem op de fiets bij de Steile Oever.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen de albums “Notaris Bloem” en “Fotoalbum familie Bloem”.

In hetzelfde jaar van zijn benoeming trouwt Bloem met Elisabeth Petronella Cornelia van Hunsel uit Den Haag. Ze vestigen zich in Ommen. In 1900 koopt Bloem het woonhuis van burgemeester A.C. Bouwmeester aan de Markt 20, om vandaaruit zijn notarispraktijk uit te oefenen. Bloem laat het huis verbouwen met een serre. In 1914 komt er een plat dak op de woning. Met de aankoop van een naastliggend pand kan de tuin in 1927 uitgebreid worden. Behalve notaris is Bloem ook een aantal jaren plaatsvervangend kantonrechter in Ommen. Uit het huwelijk Bloem en van Hunsel worden twee kinderen geboren: in 1900 zoon Gerardus Johannes Antonie (Gerrit) Bloem en in 1901 dochter Elisabeth Maria Alida (Elisabeth) Bloem. Op 26 oktober 1918 overlijdt dochter Elisabeth Bloem. Ze is dan nog maar 17 jaar. In 1920 haalt de jonge Gerrit Bloem de krant als zoon van de notaris als hij met zijn motor uitwijkt voor een fietser en tegen een boom knalt in Ermelo. “De rijwieler hield zich aan een vrachtauto vast en maakte zich plotseling los. Met een ernstige beenwond en andere kwetsuren is Bloem onmiddellijk per automobiel overgebracht naar Ommen. Het motorrijwiel werd zwaar beschadigd”.

Dienstmeisje -> zie album “Dienstmeisje Jennigje Hellwich
Dienstmeisje in 1903 is de 23-jarige Jennigje Hellwich uit Besthmen; zij is dochter van Alexander Magnus Hellwich, molenaar op de Besthmenermolen. Jennigje trouwt in dat jaar met de 22-jarige Albert Stegeman. Het gezin Bloem wandelt regelmatig op zaterdagmiddag door de laantjes van het Laarbos. Notaris Bloem is een van de weinigen die dan al in het bezit is van een fotocamera en legt veel op foto vast. Ook heeft de notaris zitting in het bestuur van de Boerenleenbank. In Ommen heeft hij een drukke notarispraktijk met veel verkopingen. Notaris Bloem koopt ook zelf in de loop van de jaren verschillende bezittingen: boerderijen, landhuisjes, grond en ook de dikke steen op de Lemelerberg. Lees meer »

Reageren »

22 januari 2016

Oude Mannen- en Vrouwenhuis in Ommen: ouderenzorg van vroeger

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    885 keer gelezen.

Genieten van je oude dag. Dat kon vroeger in het Hervormd Oude Mannen- en Vrouwenhuis aan de Achterstraat in Ommen.

 Ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van het Oude Mannen- en Vrouwenhuis der Ned. Hervormde Kerk werd in 1941 deze foto gemaakt van het verzorgende personeel. Van links naar rechts: Hendrikje Kothuis, Bets Martens, Margje Martens, Alie Martens, Frederika Schuurman en Willemien Schuurman.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel.

Kwam je er wonen dan moest je wel je eventuele bezittingen afstaan om iedereen even rijk te maken. Maar dan werd ook in alle opzichten voor je gezorgd. Bovendien kregen de oudjes nog een klein bedrag aan zakgeld, terwijl eveneens aan het pijpje tabak voor de mannelijke bewoners was gedacht.

Gasthuisstraat
De naam van de Achterstraat werd later door de aanwezigheid van het rusthuis gewijzigd in Gasthuisstraat. In 1901 werd het huis geopend op initiatief van de diaconie van de Hervormde Kerk, die dan staat onder leiding van ds. H.G. Ubbink. Hij hield zich vooral bezig met armenzorg. Het Oude Mannen- en Vrouwenhuis heeft dienst gedaan tot 1958. In het begin werd het ook wel “’t Armenhuis” genoemd. In 1947 wordt de naam gewijzigd in “‘Rusthuis”. Aan de leiding stond ‘den Vader en Moeder’. De eerste vader en moeder waren Tijssen met hulp Derkje, daarna vader en moeder Veldkamp, vervolgens vader en moeder Van Pijkeren opgevolgd door Achterberg. Toen vader en moeder Altena en als laatsten vader en moeder Groeneveld. Door de bouw van bejaardencentrum Oldenhaghen werd het rusthuis in 1958 overbodig.

Vader en moeder
Als armenhuis voor arme en oude lidmaten van de Hervormde kerk werd onder leiding van de vader en de moeder gestart met zeven personen: twee mannen en vijf vrouwen. De vader en moeder van het huis kregen een jaarlijkse vergoeding van 150 gulden en tevens vrije kost en inwoning, vuur en licht. Hun taken werden omschreven als volgt: Lees meer »

2 Reacties »

21 januari 2016

Natuurmonumenten herstelt quinconcevlak landgoed Eerde

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates, Landgoederen.    527 keer gelezen.

Natuurmonumenten begint volgende maand met het herstel van een bijzonder onderdeel van het parkbos op landgoed Eerde. Het gaat om het zogenaamde ‘quinconcevak’, een speciaal ontwerp uit de Frans Classicistische stijl, die in 1715 in de mode was.

 1956 – Landgoed Eerde met Kasteel vanuit de lucht.
Foto: OudOmmen

Vanaf de Hammerweg gezien ligt het parkbosvak waar het om gaat rechts voor kasteel Eerde. Het bureau SB4, gespecialiseerd in onderzoek van historische tuinen, parken en landschappen, concludeerde in 2010 dat landgoed Eerde uniek is in Nederland. “Eerde is een soort museum van tuinstijlen; een cultuurhistorische parel!”, aldus Eric Blok van SB4. De eiken in dit parkbosvak zijn destijds aangeplant in een strak vierhoeksverband. Deze stijl heet quinconce, omdat het oorspronkelijk ging om een patroon van 5 bomen, in de vorm van de vijf op een dobbelsteen. Bij latere toepassingen, zoals ook hier op Eerde, werd de middelste boom weggelaten, maar de naam quinconce bleef in gebruik. Van de oorspronkelijke eiken is nu nog een klein aantal over. Deze oude bomen zijn aan het eind van hun leven en takelen snel af. Met het oog op de veiligheid van bezoekers, moet er op niet te lange termijn worden ingegrepen. Dit biedt Natuurmonumenten de kans om het ontwerp uit 1715, een unieke cultuurhistorische parel, in ere te herstellen.

Nationaal belang
Het ensemble Eerde moet gezien worden als een totaalcompositie volgens het Frans Classicisme dat van oorsprong reeds zeldzaam en van hoge kwaliteit was en in de huidige tijd door haar gaafheid en nog aanwezige kwaliteiten een zeldzaam geworden voorbeeld. Daarbij is Eerde niet alleen van regionaal belang, maar zeker ook van nationale betekenis en mogelijk nog meer. (uit het rapport van SB4). Natuurmonumenten kiest er bij het herstel voor om alle bomen in het vak in één keer te kappen. Een pijnlijke ingreep in het parkbos, maar alleen op die manier kan het strakke karakter van de oorspronkelijke aanleg teruggebracht worden. Lees meer »

Reageren »

20 januari 2016

Vakantiehuis “Wolfskuil” zet idealen jonkheer Repelaer voort (3)

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink, Scouting / Padvinderij.    833 keer gelezen.

Ommen staat in 1950 op z’n kop met 7000 padvinders uit binnen- en buitenland tijdens het 10-daagse Jeugdkamp, ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de Nederlandse Padvinders Vereniging.

 1958 – Wolfskuil – Oubaas Pomes (links) was een levenlang bij de padvinderij betrokken.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel, het album “Wolfskuil – Kampeerterrein Padvinderij” en het album “Nationaal Kamp”.

Koningin Juliana brengt een bezoek aan Ommen en een dag later is het prins Bernhard die de padvinderskampen in Ommen aandoet. De padvindersactiviteiten zijn over Ommen verspreid. De kuil van De Wolfskuil doet dienst als plek voor kampvuren en opvoeringen.

De Blokhut
Bert Zonneveld was in 1950 met zijn ouders en zus Corrie tijdelijk bewoner van De Blokhut. “Ik herinner me het jaar 1950 heel goed. Er waren heel wat tenten in de Wolfskuil vol met padvinders, ook veel uit het buitenland. Een Franse groep vroeg mijn vader of ik met hun wilde gaan zwemmen en waar zou dat kunnen? Nou, in die tijd was de Regge niet erg schoon en er was geen zwembad. We vertelden hun dus van “het strandje” bij het “Bleekie”, naast de Vechtbrug waar we dikwijls gingen voetballen na school. Ik kon niet zwemmen en zat op een ogenblik in erge nood in te diep water. Alhoewel ik toen niet Frans kon spreken liet ik die padvinders wel weten dat ik aan het verdrinken was. Ineens waren er hulp biedende handen die mij in veiligheid brachten. Ook kan ik me nog herinneren dat we ineens een paar kippen hadden verloren. De dichts bijstaande tentbewoners hadden namelijk een kuiltje gegraven, toen een doek er over met wat takjes en wat broodkruimels. Arme kippen! Ook werden wij uitgenodigd om naar uitvoeringen in het amfitheater bij te wonen, dat we graag deden”.

Wolfskuilbewoners
Gedurende de tijd dat de Zonneveld’s in Ommen woonden was er genoeg te beleven volgens Bert Zonneveld. “Mijn zus Corrie en ik speelden dikwijls in en rondom het amfitheater met vrienden die ook in de Wolfskuil woonden tussen 1946 en 1953. Frans de Vries, de van der Klippies, Hilda de Otter, de kinderen van Siegman, Henk Meyer, Jopie Struikman en anderen. Lees meer »

Reageren »

17 januari 2016

Vakantiehuis “Wolfskuil” voor bleekneusjes uit de randstad (2)

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink, Scouting / Padvinderij.    988 keer gelezen.

Als jonkheer Repelaer via familieverbanden zich op Ommen richt, komt hij uit in de Wolfskuil. Baron van Pallandt verkoopt hem 28 hectare bosterrein. Hier wordt in 1940 onder auspiciën van Het Leger des Heils een kinderhuis geopend.

 Voor het Nationaal Padvinderskamp in augustus 1950 wordt in de (Wolfs-)kuil een amfitheater gemaakt met op de hellingen zitplaatsen van plaggen, zodat de padvinders rondom de kampvuren kunnen zitten.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel.

Na een fatale brand in 1947 werd op de plek van het kinderhuis een nieuw kampeerhuis gebouwd met de naam Sint Jorishoeve. Vanaf de zestiger jaren gaat Repelaar de Wolfskuil ook beschikbaar stellen aan andere groepen dan de padvinderij. Aan het kampeerhuis wordt dan nog een kleiner logeerhuis toegevoegd: de Mowglihut.

Filantroop
Behalve zijn inspanningen voor de padvinderij had Repelaer ook oog voor andere noden in de samenleving. Een filantroop waar anderen ook wel eens misbruik van maakten. Eigengereid maar ook een sociaal zeer bewogen man, zo kenmerkt de jonker zich. Door zijn hoed, witte handschoenen en rood jasje was Repelaer een opvallende verschijning en met zijn grote Amerikaanse auto, waarmee hij eerst zelf reed en later door een chauffeur liet rondrijden, ook een bezienswaardigheid. Ocker Repelaer werd geboren op 16 januari 1888 in Den Haag. Zijn vader was mr. dr. Ocker Johan Repelaer, heer van Molenaarsgraaf en zijn moeder Cecile Marie barones van Lynden. Ocker groeide op met een zusje en twee broers in Den Haag. Hier bewoonde het gezin een statig pand aan de Lange Voorhout 16. De vader van Ocker was jarenlang lid van de gemeenteraad en wethouder. De familie Repelaer was vermogend. In 1925 richtte Repelaer in Den Haag een padvindersgroep op onder de naam W.I.K. (Willen is Kunnen). Hiervoor kocht hij in 1934 in Wassenaar het landgoed Herco aan de Eikenlaan. Daar kwamen drie padvindershuizen en een woning. Met financiële steun van de jonkheer wordt dit gebouw in 1952 geschikt gemaakt als polikliniek voor de behandeling van spastische jongeren.

Wolfskuil
Wie terug gaat in de geschiedenis over het ontstaan van de naam Wolfskuil komt niet verder dan legendes. De Wolfskuil is nog steeds een uit wit zand bestaande verhoging op de rand van het bos en de overloop van de rivier de Regge. Ooit zou hier een wolf gesignaleerd zijn en het lot van iemand in het ongewisse hebben laten geraken. Op de verhoging staat De Blokhut. Na een brand in 1957 is het nieuw opgebouwd echter zonder de oorspronkelijk rietendakbedekking. Voor en na de oorlog was de Blokhut een onderkomen voor de padvinderij. Lees meer »

2 Reacties »

14 januari 2016

Vakantiehuis “Wolfskuil” voor bleekneusjes uit de randstad (1)

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink, Scouting / Padvinderij.    1.167 keer gelezen.

Arme kinderen uit de stad vakantie bieden in de bosrijke omgeving van Ommen. Dat was 75 jaar geleden de doelstelling van het kinder- en vakantiehuis Wolfskuil.

 Het nieuwe kinderhuis Wolfskuil geopend in 1940.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen bij dit artikel en de albums “Kinderhuis De Wolfskuil”, “St. Jorishoeve – Repelaerhoeve” en “De Blokhut Wolfskuil”.

In de bosschen van “Wolfskuil” te Ommen is een vacantiehuis gebouwd, dat binnenkort in gebruik genomen zal worden. De inrichting, een geschenk van jhr. Repelaer te Den Haag, aan het Leger des Heils in Nederland, zal als eerste gasten een aantal kinderen uit Rotterdam herbergen”, aldus een bericht in tal van kranten begin september 1940. Het ging om het nieuwe vakantiehuis voor kinderen “Wolfskuil”, gebouwd in opdracht van jonkheer Ocker Repelaer van Molenaarsgraaf (1888-1975) uit Den Haag. In 1939 heeft de rijke jonker het uit dennenbos en heide bestaand gebied tussen de spoorlijn en de Regge, ter grootte van ongeveer 28 hectare gekocht van zijn neef Philip Dirk Baron van Pallandt van Eerde. Op het zuidelijk deel van het terrein werd vervolgens het kinderhuis gebouwd. De bedoeling van jonkheer Repelaer daarbij was om kinderen uit de achterstandswijken uit de Randstad naar de Wolfskuil te laten komen en ze hier weer aan te sterken.

Bosrijk
Aanvankelijk waren natuurvrienden uit Ommen weinig enthousiast over de bouwplannen in de bossen van de Wolfskuil. Toen zij echter door de heer Ruissing, opzichter en tekenaar van het gebouw uitgenodigd werden om de met rode en paarse stenen gebouwde vakantiehuis met rieten dak met eigen ogen te komen bekijken waren de tegenstanders om. Het kinderhuis met een prachtig gezicht op de Lemelerberg past voortreffelijk in deze bosrijke omgeving, luidde de conclusie van de oorspronkelijke tegenstanders. Het gebouw van 34 bij 8 meter in de Wolfskuil omvatte op de benedenverdieping kantoor, spreekkamer, twee officierskamers, eetzaal, keuken, washuis, slaapkamer en een dagverblijf voor kleuters, terwijl voor jonkheer Repelaer in de rechtervleugel een logeerkamer was ingericht. Lees meer »

2 Reacties »

13 januari 2016

Het verdwenen Boshuis op Landgoed Eerde

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink.    616 keer gelezen.

Helaas ontkwam Het Boshuis op Landgoed Eerde niet aan de slopershamer. Tot voor dertig jaar geleden was het wit gepleisterde pand er nog.

 ‘Het Boshuis’ ça. 1988, vlak voor de afbraak.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen het album “Het Boshuis”.

De laatste jaren van zijn bestaan diende het als onderkomen voor de Internationale School Eerde. Oorspronkelijk heeft het als koetshuis dienst gedaan voor de bewoners van het landgoed. Aan de Hammerweg was weliswaar ook een koetshuis gelegen en daar waren ook de paardenstallen, maar op kortere afstand van het kasteel verrees later een nieuw gebouw voor de stalling van de koetsen. Het koetshuis kwam aan de toen zogeheten Boslaan, vandaar ook de benaming “Boshuis”. Het pand had twee afzonderlijke daken met een tussenruimte. Er was veel stallingsruimte met grote openslaande deuren. De houten topgevels waren sierlijk bewerkt en de hoofdtoegangsdeur had de kleuren van het landgoed. De dienstruimte bood tevens woonmogelijkheden.

Logeergelegenheid
Toen paard en koets als vervoermiddel voor de kasteelbewoners plaats moesten maken voor de automobiel werden koetshuizen verbouwd tot garage. Zo ook zal het ook op Landgoed Eerde gegaan zijn. De Quakerschool die voor de Tweede Wereldoorlog op Eerde was gevestigd krijgt op 26 maart 1936 een bouwvergunning om de garage geschikt te maken tot logeergelegenheid voor personeel en kinderen van de school. De verbouw wordt uitgevoerd door het aannemersbedrijf Timmerman & Jansen en F. Schuurman. Tijdens de oorlog kwam een einde aan de school.

Na de Tweede Wereldoorlog kwam in Eerde het onderwijs weer op gang. De leerlingen van de toen Internationale School Eerde zorgden er voor dat het kasteel, de bouwhuizen, het Boshuis en de Eerder Esch weer werden bewoond. De grote kamers van het kasteel en de Oranjerie deden dienst als leslokaal. Door de uitbreiding van het leeraanbod moest er op het kasteel meer ruimte komen. In 1949 werd het Boshuis verbouwd om meer jongens te kunnen huisvesten. Ook werd achter het Boshuis een leslokaal gebouwd dat het “Glashuis” werd genoemd, terwijl het Boshuis ook wel “Vogelkooi” werd genoemd. Omdat het aantal leerlingen op Eerde toenam en er wegens ruimtegebrek zelfs leerlingen moesten worden afgewezen, werd de lagere school van Eerde in 1950 verhuisd naar Huis Vilsteren. Daar hield de school het vol tot 1971. Lees meer »

Reageren »

11 januari 2016

Oude kadasterkaarten weer te kijk: Wie Bezat Wat?

Categorie: Harry Woertink, Kaarten & Atlassen.    714 keer gelezen.

 Er leek een einde gekomen te zijn aan gedigitaliseerde historische kadasterkaarten met het stoppen van de website watwaswaar.

De Beeldbank van het Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed met de publicatie van kadasterkaarten, zie Kadasterkaarten van Ommen.

Maar de publicatie van de zogeheten kadastrale minuutplans is inmiddels overgenomen door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Deze publiceert nu sinds 1 januari 2016 zo’n 17.000 kaarten uit de negentiende eeuw op zijn Beeldbank. De Vereniging voor de Documentaire Informatievoorziening en het Archiefwezen scande de kaarten uit regionale historische centra voor watwaswaar.nl.

De kaarten zijn kosteloos te raadplegen. Het gaat om kaarten tussen 1811 en 1832. Toen zijn alle percelen grond in Nederland opgemeten en in kaart gebracht. Er is een register van ruim 250.000 pagina’s aan gekoppeld met informatie over eigenaar, oppervlakte, waarde en gebruik. De minuutplans waren toen onderdeel van een nieuw systeem voor belastingheffing. Ze brengen eigendomsgrenzen in beeld en zijn goed bruikbaar voor nieuwe plattegronden van stad en land aan het begin van de negentiende eeuw. Door de tamelijk fijne schaal kun je zelfs de toenmalige plattegrondvorm van de gebouwen op hoofdlijnen aflezen. De opmetingen waren zo consistent en eenduidig dat ze in 1850 de basis konden vormen voor de eerste topografische kaart van Nederland.

Bron: Harry Woertink – 11 januari 2016

Reageren »

Pagina 20 van 217« Eerste...10...1819202122...304050...Laatste »