7 december 2018

Laatste school van een eeuw terug gesloten – Leren in Beerze kan sinds 1985 niet meer

Categorie: Harry Woertink.    4.068 keer gelezen.

De meeste buurtschappen in de gemeente Ommen hadden vroeger een eigen school. Daar waar school werd gehouden was de buurtschap eigenaar van het schoolvertrek.

 De oude school uit 1860 aan de Beerzerweg 11 in Beerze.
Foto: Herman Wigbels

Toentertijd was nog sprake van lagere school. Je moet toch ergens beginnen niet waar? Na de Franse tijd (1795-1813) gingen de scholen over naar de gemeente. In de 18e eeuw had Beerze een “Boerschapsschool”, die door de Marke Beerze was gesticht en in stand werd gehouden. Geen schoolmeester van professie maar een boer die in zijn vrije tijd een kleine bijverdienste had als schoolmeester. Beerze kreeg omstreeks 1813 een onderwijzer in de persoon van Hendrik Ramerman. De eerste school stond midden in de buurtschap, gelegen tussen erve Kortman (huisnummer 24) en erve Warmink (Tiks, huisnummer 26) aan de Beerzerweg. In 1862 wordt een nieuwe school gebouwd gelegen ongeveer 1 kilometer verderop aan de Beerzerweg 11. Deze plek is zodanig gekozen dat ook de kinderen uit de buurtschap Junne er zoveel mogelijk profijt van hebben. Vervolgens wordt in 1920 op bijna dezelfde plek opnieuw een school gebouwd en in 1938 een nieuwe onderwijzerswoning. In 1985 komt een einde aan de school aan de Beerzerweg 14 en wordt verbouwd tot de huidige woning met een B&B gelegenheid.

Negen scholen
De lagere scholen waren in de zomer gesloten, omdat de schoolmeester en de kinderen moesten werken op het land en ’s winters werd het onderwijs met onderbrekingen gegeven, aangezien de zandwegen er naar toe vanwege het weer soms zo slecht waren dat vele kinderen lopend niet op school konden komen. Pas na 1860 werd het onderwijs krachtiger aangepakt en werden nieuwe scholen gebouwd. Schooltjes in de Marken Arriën, Giethmen, Varsen en Zeesse waren toen al opgeheven. De gemeente Ambt-Ommen kende op een gegeven moment negen lagere openbare scholen in de buurtschappen. Zo hadden Lemele, Lemelerveld, Nieuwebrug, Beerze, Beerzerveld, Hoogengraven, Vinkenbuurt, Dalmsholte en Arriërveld scholen met vaste onderwijzers. De arme gemeente kon deze lasten niet zelf betalen. Door subsidies van Rijk en Provincie bleven de scholen overeind. Uitbreiding en intensivering van het onderwijs waren het gevolg van de Onderwijswet uit 1856. De scholen, behalve die in Stad-Ommen, waren eenmansscholen, dat wil zeggen één onderwijzer gaf les in alle klassen.

Overigens bestond in Stad-Ommen in het begin van de 19de eeuw een gemeentelijke lagere school, die een voortzetting was van de vroegere stadsschool. Het leerprogramma omvatte slechts rekenen, schrijven en lezen. Reeds spoedig voelde het stadsbestuur voor uitbreiding van het schoolprogramma, door aan het rooster lessen in aardrijkskunde, geschiedenis en natuurkunde toe te voegen. Tot dit doel zou dan naast de onderwijzer H. Veenhoven, die sedert 1776 schoolmeester te Ommen was, een tweede onderwijzer moeten worden aangesteld. Daar de gemeente zelf geen geld voor deze post kon vrijmaken, vroeg zij steun aan de Staten van Overijssel, maar die kwam er niet. In 1822 was een oplossing mogelijk. De heer Veenhoven vroeg in verband met zijn hoge leeftijd eervol ontslag met pensioen. In zijn plaats werd benoemd de heer G. J. van der Heide, die wel les kon geven in de gewenste vakken. Hij was bovendien een man van grote invloed bij het gewone volk en de vraagbaak voor velen, hetgeen ook blijkt uit zijn inkomsten. Als onderwijzer had hij een inkomen van f 775,–, wat voor dien tijd een zeer behoorlijk traktement was. Bovendien had hij als koster, voorlezer en klokluider nog bijna 300 gulden inkomsten. Hij was dan ook de best betaalde ambtenaar.

Rietendak
De kinderen in Beerze konden tussen Sint Martiny (11 november) en Pasen terecht op school. Deze stond bij Erve Kortman, ongeveer aan het (latere) pad naar de Beltboer. Op de kadastrale kaart van 1832 is de plek van deze school ingetekend. De Beltboer was er toen nog niet. In 1808 telt de school 20 leerlingen. In 1853 wordt een rijkssubsidie toekend van 206 guldens en de provincie is goed voor 207 guldens, zodat er een nieuw schoollokaal met rietendak gebouwd kan worden. Hendrik Ramerman is in 1858 nog hoofd van de school.

In 1862 komt er weer een nieuw schoolgebouw in Beerze. Niet alleen voor de kinderen uit Beerze maar ook voor de kinderen uit Junne. Het oude schoolgebouw wordt dan verkocht. In 1871 komt er een onderwijzerswoning naast. Een schooltelling in 1889 is goed voor totaal 35 leerlingen. In 1892 is er een vacature “Hoofd der school”. De gemeente Ambt-Ommen biedt een minimum jaarwedde van 700 guldens aan en een vrije woning met tuin. Ook in 1905 is er een vacature en worden belangstellenden via een advertentie opgeroepen te solliciteren. De invulling van deze vacature is van korte duur, want een jaar later wordt opnieuw een schoolhoofd gevraagd. In de advertentie wordt nu gemeld dat Beerze een halte bezit van de NOLS (de spoorlijn Zwolle-Stadskanaal).

Nieuwe school
De school had vroeger als adres: Beerze K5. Het pand was in tweeën gedeeld met een dun scheidingswandje om ook nog eens bewoond te worden. Tegenover de woning van de onderwijzer lag de voormalig schippersherberg “De Goede Vrouw”. Als begin de vorige eeuw blijkt dat ook deze school niet meer voldoet aan de eisen des tijds wordt uitgekeken naar nieuwbouw. Naast de huidige school is voldoende ruimte om te bouwen, zo blijkt. De Minister van Onderwijs keurt de plannen goed, evenals die voor scholen in Lemele, Hoogengraven, Nieuwebrug en Beerzerveld. Bijna 100 jaar geleden, in 1920 vindt de aanbesteding plaats van de nieuwe school met onderwijzerswoning van architect H.C.C. Treep uit Zwolle. De bouw wordt gegund aan de aannemers J.Marsman en W. Kromhof uit Vroomshoop voor 28.459 guldens.

In 1959 wordt er weer gebouwd, maar nu gaat het om een aanpassing van de school door de firma R. Dragt & Zonen uit Ommen. “Wanneer men de openbare school van de buitenkant bekijkt, vallen alleen maar een paar nieuwe deuren op, maar de opmerkzame beschouwer ziet ook nog de bijzonder aardige versiering van spelende kinderen op de muur. Wanneer men echter binnenstapt kan men zijn ogen niet geloven. Men staat in een geheel nieuw gebouw. Het was ook wel nodig. Het oude gebouw voldeed aan geen enkele manier meer aan de eisen”, aldus een krant uit 1960, die verslag doet van de officiële heropening. Helaas voor Beerze, maar 25 jaar later had uiteindelijk de school zo weinig leerlingen, dat per 1 maart 1985 een fusie met de openbare lagere school van Beerzerveld werd doorgevoerd en de school van Beerze gesloten werd.

Hoofd der school
Hoofd van de openbare school in Beerze was achtereenvolgens: H. Ramerman 1813 – 1863; J. H. E. Timmerman 1863 – 1892; L. D. Wolters 1892 – 1901; J. de Jonge 1901 – 1905; H. D. Altena 1906 – 1907; J. Beun 1907 – 1913; A. Gijmink 1913 – 1927; J. Peters 1927 – 1931; C. de Boer 1931 – 1942; A. J. Hardon 1942 – 1947; H. R. Hilberts 1947 – 1960; G. Greveling 1965 – 1968; A. C. Ruys 1968 – 1972; E. P. D. Ackema 1972 – 1976; H. H. J. Dijkstra 1977 – 1985.

Zie ook archiefartikel “Wetenswaardigheden uit het archief: School en onderwijs in Beerze”.

Bron: Harry Woertink – 7 december 2018

1 Reactie »

• • •

1 reactie »