микрозаймы

19 september 2020

Graverijen op Den Oord – Ommen verandert

Categorie: Harry Woertink.    807 keer gelezen.

Wie de moeite neemt te wandelen langs De Bollemaat, Den Lagen Oord of Lodderholt wordt getroffen door grote veranderingen die daar de laatste tijd hebben plaatsgevonden.

 Aanleg van de Coevorderweg vanaf de Hessel Mulertbrug. Op de achtergrond de molen aan Den Oord waarvan de wieken al niet meer compleet zijn.
Foto: OudOmmen

Een grote grijper werkt van ’s morgensvroeg tot ’s avonds laat en graaft sleuven van meters diep. Het uitgegraven zand wordt aan grote bergen opgestapeld. In de Vecht ligt een zandzuiger, die dag in dag uit die sleuven met Vechtzand opvult. Over dit witte zand wordt het zwarte zand, dat nu aan bergen ligt verwerkt en dan is ook dit grote stuk grond weer klaar voor bouwterrein”. Dit is te lezen in een oud exemplaar van het historisch tijdschrift De Darde Klokke. In een uitgave uit 1955 wordt een pleidooi gehouden voor het behoud van de Ommer molens. Bovendien heeft de schrijver van het artikel moeite met alle veranderingen waar Ommen aan onderhevig is. Het blad vervolgt:

Romantiek
De kolk bij Makkinga’s molen is al dicht. Hiermee is weer een stukje romantiek, vlak in de buurt van Ommen verdwenen. Deze kolk in het vlakke land van Den Oord, waarin de waterplanten naar hartenlust konden groeien, waarin vroeger de in de molen te zagen bomen lagen te “wateren”, en waarin de wieken van de molen zich spiegelden, was een pracht stukje natuur. Hoeveel schilders van naam, hebben in de loop van de jaren die mooie plek niet op het doek gebracht.

Molen Den Oord
De molen zelf staat op zijn laatste benen. De wieken zijn nu weggehaald en zo wordt de molen steeds bouwvalliger. De mulder Oldeman, heeft de zaak overgedaan aan iemand van het jongere geslacht, die nog minder oog zal hebben voor “traditie” en “verleden”. Uit geldelijk oogpunt bezien, is de molen voor de familie Oldeman niet meer te redden. Zakelijk kan het bedrijf alleen nog voort worden gezet, wanneer gebruik wordt gemaakt van elektriciteit. Daarvoor zijn geen wieken nodig en heeft de windmolen dus afgedaan. Zoveel jaren zal het niet meer duren, of we hebben in Ommen niet één molen meer. Op het Bouwende staat “De Lelie” ook al met een half stel wieken; de molen aan de Zwolseweg wordt hoe langer hoe minder gebruikt en blijft nog in stand, omdat de directeur van de Landbouwvereniging het jammer zal vinden, dat hij weg was. In de Besthmenermolen, die daar zo mooi ligt tussen de dennenbossen, wordt ook al elektrisch gemalen. De oude molen staat er nog, maar voor hoe lang? Hoe vaak hebben we als Old Ommer al niet geprobeerd wat voor de molen van Oldeman te doen. Het kostte te veel geld en voldoende belangstelling is er ook niet voor te krijgen. Van de kant van de “Overijsselse Molens” kan schijnbaar voor onze molens ook niet wat worden gedaan. En niet alleen in Ommen, maar ook verderop langs de Vecht staan ze stuk voor stuk als bouwvallen. Toch is de instandhouding van de molens langs de Vecht van niet minder groot belang als bijvoorbeeld de watermolens in Twente. Ze zijn voor in het landschap niet te missen en als de molen van Oldeman weg is zullen we pas merken hoe een groot stuk armer wij weer zijn geworden.

Den Hof
De graafmachine heeft zijn werk ook gedaan op de plek waar vroeger eeuwenlang de grote boerderij, van erve “Den Hof” heeft gestaan, van ouds een domeingoed van de Bisschop van Utrecht, De geschiedenis van dit huis gaat tot in de 12e eeuw. Het was een bezit met een eigen rechtsgebied. Na de Spaanse tijd kwam het erf aan de Provincie Overijssel. In 1665 staat er nog een grote boerderij waar de Bisschop van Munster, Berend van Galen, zijn intrek nam. In 1801 kwam de stad Ommen door koop in het bezit van dit goed. De bewoner, een Hofmeijer, werd als noaber bij de bewoners van de Bouwstraat gerekend, hoewel er lange tijd over gestreden is, of “Den Hof” bij de stad hoorde of bij het Kerspel van Ommen, ofwel tot de buurtschap Arriën. Een Hofmeijer was een aanzienlijk persoon, die heel wat te zeggen had. Op de boerderij werd ook de stadsstier gehouden, die ’s zomers geweid werd op de Bollematen. Daar komt die oude name dus nog vandaan. Ook de naam Hofmeijersweiden is heden ten dage nog bekend. De gronden buiten de stadswallen waren vroeger met bomen beplant, de zo geheten Haghen. Hier konden de burgers wandelingen maken. Het woord “holt” zegt dat ook de Lodderholt beplant is geweest. “Lodder” is een oud woord voor vriendelijk, dus het is niet onverklaarbaar dat het ook hier in oude tijden een mooi stukje natuur is geweest. Of weet iemand een andere betekenis?

Den Oord niet Den Oordt
De name “Den Lagen Oord” spreekt, in tegenstelling met de hoger gelegen “Oord” voor zichzelf. Het woord “Oord” (of “Oort” maar niet “Oordt”) betekent plaats of plek. Voor ons als Oud Ommer zijn dit allemaal zulke bekende plekjes; wij hebben daar als kinderen zo vaak gespeeld, vooral als door de hoge Vecht de waterlanden blank stonden; wij hebben daar zomers gewandeld en ’s winters het schaatsenlopen geleerd. Is het dan geen wonder dat wij ons bij al die veranderingen maar met moeite kunnen neerleggen?
”, aldus besluit de schrijver in 1955 zijn betoog in De Darde Klokke.

Bron: Harry Woertink – 19 september 2020

2 Reacties »

• • •

2 reacties »