29 september 2012

De geschiedenis van kamp Laarbrug onderstreept met een monument

Categorie: Algemeen, Harry Woertink.    4.016 keer gelezen.

LAARBRUG – Op dienstbevel van de Nederlandse regering vertrekken in 1951 KNIL-militairen met hun gezinnen (in totaal circa 12.500 personen) voor een ‘tijdelijk verblijf’ naar Nederland.

 Foto: Harry Woertink
Het nieuwe herinneringsmonument op Laarbrug met Hermiena Janwarin-Sedoesboen (81)

Tijdens de overtocht kregen zij te horen dat ze ontslagen zijn van van hun beroep als KNIL-militair. Met het ontslag verliezen zij ook hun rechten als militair, soldij en pensioenen. Laarbrug, maar ook Eerde en andere locaties in Nederland, moeten tijdelijk onderdak bieden. Maar het verliep allemaal anders. Zij leefden lange tijd geïsoleerd van de buitenwereld. Ze hadden geen inkomsten, mochten geen arbeid verrichten. Na drie jaar voer de regering een verandering in Molukkers moesten ineens in hun eigen levensonderhoud voorzien.

Band met Ommen
De Molukse geschiedenis is onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van Nederland, alsook de geschiedenis van de Zuidoost Molukken met Ommen. In de jaren 1951 tot 1966 verbleven hier ruim 500 repatrianten van het voormalige Nederlands-Indie in de woonoorden Eerde en Laarbrug, in houten barakken die eerder dienst deden als werkkampen. De tweede generatie Molukkers zijn in Ommen geboren en getogen. Zij waren de bruggenbouwers voor hun ouders naar de gemeenschap van Ommen. Als tolk en als spreekbuis, hebben zij kunnen bijdragen in de samenhang met elkaar. Hierdoor is er veel begrip en respect voor elkaar ontstaan. Onderling werden vriendschappen gesloten, langzaam maar zeker kwamen de Ommer jeugd naar het kamp en deelden vaak de muziek met elkaar. De padvinderij bracht een ander soort discipline bij de Molukse jeugd wat geheel nieuw voor hen was. Naast dat de taal een probleem was voor de Molukse ouderen, waren er ook moeilijke tijden in het kamp geweest. Veel mensen hadden TBC. De mensen uit Ommen hebben kunnen helpen, maar niet alle leed weg kunnen nemen. Gezinnen werden van elkaar gescheiden omdat moeder of vader of beide ouders in het sanatorium in Hellendoorn werden opgenomen. De kinderen werden in tehuizen of bij gezinnen ondergebracht. Een ander geval dat een behoorlijke impact had op de Molukse ouders was dat hun kinderen naar Rolde in Drenthe moesten worden opgenomen omdat zij aan ondervoeding leden. Zoals bij de mensen in Ommen is het geloof voor de Molukse mensen een belangrijk onderdeel van het dagelijkse leven. In het kerkelijke leven van Ommen namen ze ook deel aan de oecumenische diensten die een paar keer in het jaar werden gehouden. Feesten als bruiloften werd door de Molukse gemeenschap groot en traditioneel gevierd. Voor de mensen van Ommen was dit een eerste kennismaking met de Molukse cultuur. Zij hebben het anders zijn van de Molukkers nooit afgewezen of geschuwd, maar zijn meegegaan met veel waardering voor hun cultuur. Leed werd samen gedragen, en humor samen gedeeld.

 Foto: Harry Woertink
Het monument van bovenaf gezien: symboliseert de eilanden in de oceaan

Eten
Bakker Klomp uit Vilsteren kwam iedere morgen brood bezorgen op Laarbrug. De ouderen hoorden hem nog zeggen, jullie moeten eten, anders kunnen jullie niet werken. De mensen hadden niet altijd voldoende geld om het brood te betalen, Bakker Klomp vond dat kon wel aan het einde van de week. Eerst maar goed eten, dan werken, dan blijf je sterk. Klomp was een kordate en meelevend man. Baron van Pallandt was een sociaal bewogen man en heeft veel bijgedragen voor de Molukse gemeenschap in Eerde en Laarbrug. De jongste kinderen die niet naar wat je nu noemt de basisschool konden mochten met hem mee naar het Edithof aan de Koesteeg, een kleuterschool waar nog geen Molukse kinderen op zaten. Later is er een kleuterschooltje in het kamp gebouwd, de jongste kinderen konden daar naar school en hoefden niet met de bus naar Ommen. Activiteiten als de padvinderij, sportdag, Sinterklaas, kerstfeest, hij was er altijd maar nooit opvallend aanwezig. De boeren van Ommen kennen de Molukse mensen goed, soms hielpen ze de boeren bij het oogsten van maïs en het rooien van aardappelen. Zelf kwamen de Molukse mensen bij de boeren voor kippen en eieren. De bossen en landgoederen van Ommen waren voor de Molukse jeugd een ware speelparadijs. Molukse jongeren daagden elkaar uit om bramen, krenten, appels of maïs te plukken, het woord stoer kennen we toen nog niet. De Molukse jeugd was voor Ommen een aanwinst in de sport, vooral het voetballen. Ze konden hard lopen, rennen, doelpunten werden veelvoudig gescoord. Bij het meer waar veel werd gezwommen, werd muziek gemaakt en gezongen.

Een ander cultuur, is ook anders leven, anders kleden, anders eten. Het Moluks eten was altijd een waar feest voor de mensen uit Ommen, de boerenkool en hutspot hebben de Molukse mensen leren eten en is nu niet meer weg te denken in de Molukse keuken, vooral wanneer het koud is. De Molukse vrouwen met hun sarongs hadden veel bekijks op de dinsdagmarkt, zoals ook de boerinnen met hun boerenkledij, de kapjes op de hoofden van de boerinnen was wel iets aparts. De marktkoopman maakte kennis met nieuwe culturen, het afdingen wat op Indonesië heel gewoon is, zorgde voor veel hilariteit maar met een knipoog werden de waren op de markt verkocht. Soms met een opmerking dat kost u wel een bordje nasi, wat vervolgens de volgende dinsdag gebeurde. De marktkoopman kreeg een pan nasi goreng aangereikt met de opmerking: ‘thois etten’, daarmee wordt bedoeld ‘u kunt het meenemen en thuis op eten’. Hilariteit zorgde ook Molukkers op de fiets richting Vilsteren met achterop levende kippen die ze in Ommen gekocht hadden. Niet alleen de sociale omgang van de mensen met elkaar maar ook de goede aanpak van de leerkrachten op de scholen in Ommen en Vilsteren is van invloed geweest op de sociale relaties met de leerlingen van die scholen. Hier is een eerste belangrijk fundament gelegd in een samenleving van twee culturen. Mede hierdoor zijn blijvende contacten en vriendschappen ontstaan. De geschiedenis van beide culturen en de sociale cohesie onderling schept een bijzondere band die onderling bindt.

Monument
Als dankbaarheid voor de eigen ouders die alles in het werk stelden om te overleven. Maar ook voor de goede contacten met Ommen. Daarom wordt zaterdag 29 september 2012 een herdenkingsmonument bij de ingang van camping Laarbrug onthult. Initiatiefnemers zijn de kinderen van ouders van de Zuidoost Molukse bevolkingsgroep afkomstig van de eilanden Kei, Tanimbar en Kiasr (Dobo). Zij zijn op kamp Laarbrug geboren en/of opgegroeid. Het monument op de plek van het oude woonoord bestaat uit een oude meerpaal waar ruim zestig jaar geleden de boten uit de Zuidoost Molukken afmeerden. Daarop een spiegel die de oceaan weergeeft en een nautische voorstelling in de vorm van een marmeren schelp.

  Foto’s: Harry Woertink
Links: Een moment van de herdenkingsdienst.
Rechts: Er was veel te bespreken en de bijeenkomst was een reunie. De belangsgtelling was enorm


Bron: Harry Woertink – 25 september 2012

1 Reactie »

• • •

1 reactie »