микрозаймы

17 oktober 2020

Mol’nhoek nieuwe naam voor nieuwe woonwijk Ommen

Categorie: Algemeen.    267 keer gelezen.

OMMEN – Mol’nhoek wordt de naam van het nieuwe woongebied tussen Haven West, Schurinkstraat en Strangeweg. Eerder werd dit gebied aangeduid als “Havengebied West”.

 1960, De haven van het Ommerkanaal met op de achtergrond molen De Lelie.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s van het havengebied de albums “Haven” en “Haven West”.

Op woensdag 28 oktober vindt op feestelijke wijze de onthulling plaats van het naambord in de nieuwe woonwijk.

Molen De Lelie
De nieuwe naamgeving Mol’nhoek (Molenhoek) is een eerbetoon aan de in 1846 gebouwde korenmolen De Lelie gelegen in de woonwijk aan het Molenpad. De straten in dit gebied zijn vernoemd naar onderdelen van een molen: ‘Kruiwerk’, ‘Stelling’, ‘Bonkelaar’ en ‘Wieken’. Deze straten komen uit op de ‘Korenmolen’. Eerder lag in dit gebied de haven van het Ommerkanaal. Dit kanaal is in 1965 gedempt.

Molenbiotoop
Na zeven jaar bouwen is onlangs ook de vlag gehesen voor het behalen van het hoogste punt van het appartementencomplex ‘Kop van West’. Het gebouw, gelegen op de hoek van de Schurinkstraat en de Strangeweg, bestaat uit een mix van dertien appartementen en zes stadswoningen. Met de uiteindelijke oplevering begin volgend jaar van het appartementencomplex wordt niet alleen het gebouw afgerond, maar ook de gehele wijk. De binnenstedelijke herontwikkeling telt in totaal 99 woningen die in zeven jaar zijn gebouwd door Ter Steege Bouw Vastgoed Hardenberg. Tekenend voor de wijk is de verscheidenheid in woningtypes met sociale huurwoningen, rijwoningen, twee-onder-een kapwoningen en het nu in aanbouw zijnde appartementencomplex. Met de bouw is rekening gehouden met hoogtes van de molenbiotoop die voor De Lelie van toepassing zijn. Lees meer »

Reageren »

4 augustus 2020

Het Volk over de historie van Ommen (deel 2)

Categorie: Algemeen.    436 keer gelezen.

In het voorjaar van 1944 is er in het dagblad Het Volk aandacht voor de historie van Ommen. In de toen door de Duitse bezetter gecensureerde krant wordt in twee delen de geschiedenis belicht.

 Vissen bij de Vechtbrug in Ommen ca. 1907.
Afbeelding: OudOmmen

Na de oorlog ging het socialistisch dagblad verder onder de naam Het Vrije Volk. Dit deel gaat over de Ommerschans, de brug, luchtgesteldheid en bebossing van Ommen. De spelling is aangehouden van de krant. De twee delen uit het dagblad Het Volk zijn overgenomen van de website www.Delpher.nl.

Geslachten van Friese stam

Coehoorn bouwde schans, die weg naar ’t Noorden beheerste
“Aan de noordkant van de Vecht, ongeveer vijf uren ten Oosten van Zwolle, ligt het stadje Ommen. Het is een der kleine steden van het voormalig kwartier Salland, thans het arrondissement Zwolle. Het plaatsje is gebouwd op een grotendeels uit geel of rood zand bestaande grond, waarvan de oppervlakte met een vettere, zwartere aarde is bedekt en die zich naar de kant van het Noorden van het Bouweinde langzamerhand verheft tot bij de in omstreeks 1875 aangelegde begraafplaats (thans het oude kerkhof). De kerk en de pastorie of, zoals deze gebouwen vroeger ten plattelande genoemd werden, de Wheeme, staan ook iets hoger, dan de naburige gebouwen.
Van de stadssingels of grachten was tot voor enige jaren niet veel meer over dan de zgn. Burggraven. Op de plaats, waar vroeger het water van deze Burggraven golfde en waar de Ommer kinderen ’s winters hun schaatsen onder bonden, ligt thans de nieuwe weg, die Vechtbrug verbindt met de weg naar Balkbrug. Het stadje Ommen bestond vroeger uit twee zeer verschillende gedeelten het zgn. Brugeinde met als voornaamste straat de Brugstraat en het zgn. Bouweinde. Het Brugeinde, dat grensde aan de Vecht, werd grotendeels bewoond door winkeliers, herbergiers, ambachtslieden, kortom door gewone burgers, terwijl het bouweinde bewoond werd door personen die, de naam zegt het reeds, hun bestaan vonden in de landbouw, dus de boeren. Ook thans kan men dit onderscheid nog enigszins waarnemen, al is de toestand ook hier in de loop der jaren zeer veranderd.
De tuinen van de inwoners lagen behalve aan de Zuidzijde, waar de Vecht stroomt, rondom de stad, het grootste gedeelte evenwel aan de Westzijde naar de kant van de algemene weide. Ten Noorden van de stad vond men grotendeels bouwland en Ommer stuifbelten, waarachter andere landerijen van gemengde aard lagen, o.a, de Strange, de Laarakkers, de Slagenkampen, Alteveer (waar het werkkamp aan de weg naar Balkbrug zijn naam aan ontleent), het Vlier, de Rotbrink en de Dante. Deze landerijen strekken zich uit tot aan de Hessenweg, die de scheiding vornde van het bouwland met de Ommerzandbelten en het veld, dat zich uitstrekt tot aan de Ommerschans.
Lees meer »

Reageren »

27 juli 2020

Het Volk over de historie van Ommen (deel 1)

Categorie: Algemeen.    480 keer gelezen.

In het voorjaar van 1944 is er in het dagblad Het Volk aandacht voor de historie van Ommen. In de toen door de Duitse bezetter gecensureerde krant wordt in twee delen de geschiedenis belicht.

 Oudste bekende zegel van de Stad Ommen.
Afbeelding: OudOmmen

Na de oorlog ging het socialistisch dagblad verder onder de naam Het Vrije Volk. In het eerste deel over het ontstaan van de naam Ommen, het stichten van een kerk en waarom Ommen in1248 stadsrechten kreeg. De spelling is aangehouden van de krant. De twee delen uit het dagblad Het Volk zijn overgenomen van de website www.Delpher.nl.

Dankt het zijn naam aan den Utrechtsen bisschop Otto?

Tussen hamer en aambeeld
“Moeilijk is het de reden op te geven waarom Ommen juist deze naam kreeg. De meest voor de hand liggende verklaring is deze: De uitgang “men” komt in deze streken voor in de namen van verschillende buurtschappen zoals Besthmen en Giethmen, welke buurtschappen vroeger ook wel Besthem en Giethem genoemd werden en zeer waarschijnlijk zijn afgeleid van Bestheim en Gietheim. Deze verbastering vindt men ook in de namen van de buurtschappen Windesheim en Sutheim onder Zwolle, waarvan de eerste meestal Winssem genoemd wordt, terwijl de laatste thans niet anders bekend is dan onder de naam Zuthem. Vermoedelijk schreef men dus weleer Omheim en Omhem en heeft deze naam zijn oorsprong te danken aan het feit dat er hoe langer hoe meer woningen werden gebouwd rondom het nog geen naam ontvangen hebbende Heim of Huis, dat aan den landheer, den Utrechtsen Kerkvoogd, toebehoorde en hetwelk tot woning diende van een van zijn dienaren, aan wien hij het Veer of zijn veerstal in pacht of leen had afgestaan.

Een andere verklaring is, dat de Hof reeds van vroegere eeuwen af een Domein van de Utrechtse Bisschoppen is geweest en naar Bisschop Otto I de naam van Otto’s heim (= Otto’s huis) en vervolgens door verbastering van taal en schrift de naam van Otto’s hem, later Othem en eindelijk Ommen gekregen heeft, welke naam naderhand aan het dorp en vervolgens aan de stad is gegeven. Doch zoals het met de namen van de meeste plaatsen uit de Middeleeuwen gaat, het blijven niets meer dan gissingen ten opzichte van de waarschijnlijke oorsprong.

Nadat, vooral door de zorgen van Lebuinus de verspreiding van de Christelijke godsdienst in deze landen hand over hand toenam en de inwoners het heidendom vaarwel zegden, begon men hier en daar kerken te stichten om daarin de godsdienst uit te oefenen. Door de Utrechtse Kerkvoogden, als opperste geestelijken, maar ook als wereldlijke Heren van deze landen, werden aan deze kerken bondzegelen uitgedeeld. Zulk een kerk werd bij voorkeur daar geplaatst, waar reeds kleine buurten bestonden en zo ook bij des Bisschops hof en veerstal over de Vecht aan de weg van Salland naar Drente, die toen waarschijnlijk reeds heerbaan of weg voor het leger was. Lees meer »

Reageren »

8 mei 2020

De stichting OudOmmen.nl steunt de actie: “Ommen doet wat terug: koop lekker lokaal!”.

Categorie: Algemeen.    344 keer gelezen.

 Evenals diverse andere instanties in Ommen steunt ook de stichting OudOmmen.nl graag de actie: “Ommen doet wat terug: koop lekker lokaal!”.

Dit om ondernemers en winkeliers in Ommen een steuntje in de rug te geven tijdens (en in de nasleep van) de coronacrisis. Veel ondernemers en winkeliers worden hard geraakt. Daarom ook onze oproep:

Koop zoveel mogelijk lokaal!

Reageren »

29 oktober 2019

Atlas van historische verdedigingswerken in Nederland – Overijssel en Gelderland

Categorie: Algemeen.    685 keer gelezen.

Op 8 november verschijnt bij Uitgeverij Matrijs in samenwerking met Stichting Menno van Coehoorn “Atlas van historische verdedigingswerken in Nederland – Overijssel en Gelderland”.

 Atlas van historische verdedigingswerken in Nederland – Overijssel en Gelderland
Afbeelding: Uitgeverij Matrijs

De provincies Overijssel en Gelderland volgden in hun staatkundige geschiedenis grotendeels een gescheiden traject. Geografisch daarentegen zijn er wel overeenkomsten. Dit geldt niet alleen voor het gebied ten oosten van de IJssel, maar vooral voor de rivier zelf. Voor de hieraan gelegen steden, die in beide provincies liggen, was de rivier een belangrijke handelsroute. In de Republiek der Verenigde Nederlanden werd de IJssel bovendien lange tijd een belangrijk, maar kwetsbaar deel van het Oostelijke Frontier. Ook in latere tijden, tot zelfs na de Tweede Wereldoorlog, was de rivier als linie belangrijk voor de verdediging van ons land.

De Stichting Menno van Coehoorn bracht vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw per provincie beschrijvingen uit van de daar aanwezige verdedigingswerken met een korte toelichting over de ontwikkeling ervan. Sinds 1996 is gekozen voor een bredere opzet, waarbij de verdedigingswerken in hun verband worden geplaatst. Dit houdt in dat een toelichting wordt gegeven over de staatkundige, geografische en krijgskundige ontwikkelingen en de gevolgen op het gebied van de vestingbouw. Nadat eerst de drie zuidelijke provincies op deze wijze waren beschreven, volgde in 2013 een deel met beschrijvingen van de drie noordelijke. Met dit deel is nu de beschrijving van de beide oostelijke provincies beschikbaar gekomen. Het atlasdeel is een compleet naslagwerk, waarin de ontwikkeling van de verschillende verdedigingswerken en de nog aanwezige elementen zijn beschreven.

Boekinformatie
Atlas van historische verdedigingswerken in Nederland. Overijssel en Gelderland |Teun de Kruijf e.a. (red.)| 472 blz. |22 x 28 cm | genaaid gebonden |ISBN 978-90-5345-556-2| € 39,95 (na 01-01-2020 € 49,95) | Uitgegeven in samenwerking met Stichting Menno van Coehoorn.

Bron: Uitgeverij Matrijs – 29 oktober 2019

Reageren »

4 oktober 2019

Nieuw fietspontje over de Vecht bij Ommen

Categorie: Algemeen.    703 keer gelezen.

OMMEN – De gemeente Ommen laat met ingang van volgend jaar in de Vecht bij Varsen een fietspontje varen.

Regge VechtHet pontje komt vlakbij de plek waar de Regge uitmondt in de Vecht.
Foto: Harry Woertink

Het pontje verbindt de buurtschap Varsen met de Vilsterseweg op landgoed Vilsteren. Het pontje komt te liggen bij erve Dunnewind aan de Larinkmars, waar Simone Koggel onder de naam Vechtdalhoeve haar nieuwe koesafari gaat vestigen. De kosten met inbegrip van de fietspadaansluiting worden totaal geraamd op €235.000. Hiervan kan de gemeente 50.000 euro aan subsidie ontvangen van de provincie. De eigen financiering blijft derhalve op €185.000. Voor de kapitaallasten over deze investering wordt een bedrag van €14.200 per jaar opgenomen in de begroting. Voor het beheer en onderhoud wordt een bedrag van €15.000 per jaar opgenomen in de begroting.

Burgemeester en wethouders vragen aan de raad het benodigde geld beschikbaar te stellen. Met de ontwikkelaar van locatie Erve Dunnewind is de gemeente in gesprek over het dagelijks beheer (toezicht) en winterstalling van het pontje. Ook met plaatselijk belang Varsen en plaatselijk belang Vilsteren is de gemeente in gesprek. Rederij Peters heeft plannen hier een aanlegplaats voor een rondvaartboot te realiseren. Als de gemeenteraad hiermee akkoord gaat wil de gemeente het pontje in de zomer van 2020 in gebruik nemen.

Bron: Harry Woertink – 4 oktober 2019

Reageren »

9 september 2019

Levensverhaal van Gerritdina Dunnewind (Ommen 1861 – Groningen 1946)

Categorie: Algemeen.    840 keer gelezen.

Gerritdina wordt op 25 april 1861 geboren in Ommen op een kleine boerderij. Haar vader Jan Hendrik Dunnewind en moeder Antje Koers wonen op een boerderij aan de Bouwstraat / hoek Gasthuisstraat.

 Een blik in de Bouwstraat in 1915 vanaf het Bouweinde.
Foto: OudOmmen

In 1882 overlijdt haar moeder en haar vader blijft achter met Gerritdina (21 jaar), Hendrika Arendina ( 17 jaar) en Anna Geziena ( 11 jaar). Gerritdina blijft thuis wonen om het gezin draaiende te houden. In Op 3 juni 1898 overlijdt haar vader op 72-jarige leeftijd. Gerritdina is dan 37 jaar. Samen met haar broer en drie zussen moeten ze de boedel van hun vader verdelen. Gerritdina heeft nu geen onderdak meer, maar wel geld. In november 1898 koopt ze een huis en erf aan het Vrijthof/Walstraat. Na het overlijden van haar vader wordt Gerritdina naaister genoemd. Ondertussen woont en werkt Gerritdina aan de Bouwstraat.

Op 28 oktober 1903 krijgt ze de schrik van haar leven. Om 6 uur ´s morgens luidt de brandklok. Haar geboortehuis, grenzend aan haar woning staat in brand. De uitslaande brand vernielt de hele boerderij. Gelukkig staat er weinig wind en blijven de omringende panden bewaard. Geld dat Gerritdina ontvangt, investeert ze weer in een huis. Het huis aan het begin van de Bouwstraat dat ze tot nog toe huurde wordt door Johanna de Lange, de weduwe van Albertus van Elburg te koop aangeboden.

Een blik in de Bouwstraat in 1915 vanaf het Bouweinde. Aan de rechterkant van de straat: 1e huis: de twee woonhuizen die in 1904 herbouwd zijn op de plek waar de boerderij van Gerritdina’s vader stond. 2e het eerste van de drie kleine huisjes: de woning/winkel van Gerritdina. 3e het hoge huis daarna is het huis waar opa en oma Koers vroeger woonden. Op 31 januari 1918 verkoopt ze het huis aan de Bouwstraat en ook de drie woningen aan het Vrijthof/Walstraat.

Gerritdina gaat naar Hardenberg. Daar werkt ze als huishoudster en naaister, koopt en verkoopt huizen en sluit bij twee kerken een levensverzekering af. Gerritdina, 84 jaar oud, besluit in november 1945 Hardenberg achter zich te laten en als huisgenote in te trekken bij de 72-jarige Arend Oosterveen in Groningen. Daar sterft ze op maandag 23 december 1946. Het hele verhaal (19 pag.) is te vinden op de website van historische projecten Hardenberg: https://www.historischeprojecten.nl/publicaties/Dunnewind_Gerritdina.pdf.

Bron: Henk Poelarends – 9 september 2019

Reageren »

19 september 2018

Unieke foto’s uit 1959 kamp Laarbrug bij Ommen

Categorie: Algemeen.    1.893 keer gelezen.

De website OudOmmen.nl is in het bezit van het fotoarchief van Herman Wigbels. Hij was als fotojournalist vanaf 1950 tot 1983 in Salland werkzaam. Nog steeds komen uit het archief van Wigbels unieke foto’s tevoorschijn.

 Na de kerkelijke plechtigheid brak de feestvreugde los. Onder meer werd een aantal inlandse dansen uitgevoerd in originele klederdracht.
Foto: Herman Wigbels
Zie voor meer foto’s het album “Instituering Z.O. Molukse Protestante kerk”.

Dit keer zijn er nog niet eerder gepubliceerde foto’s ontdekt die in 1959 zijn gemaakt op het toenmalige woonoord Laarbrug ter gelegenheid van de oprichting van de Zuidoost Molukse Protestante kerk in dit kamp. Het geloof is voor de Molukse mensen een belangrijk onderdeel van het dagelijkse leven. In het kerkelijke leven van Ommen namen ze ook deel aan de oecumenische diensten die een paar keer in het jaar werden gehouden. In 1959 was er feest op Laarbrug toen de Zuidoost Molukse Protestantse Kerk officieel was aangenomen als zusterkerk van de Generale Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk met als eerste predikant dominee David Talubun. Aan de hand van de foto’s is op te maken dat het om kerkelijke en feestelijke plechtigheden ging met honderden genodigden. Gebed, bevestiging, dans en muziek, toespraken en een smakelijke rijsttafel, opgeluisterd door niet alleen de bewoners, maar ook door het gemeentebestuur van Ommen, plaatselijke predikanten en werkgevers.

Krant
De krant van 3 november 1959 waarin verslag wordt gedaan van de feestelijke oprichting van de kerk in het woonoord Laarbrug:
In het woonoord Laarbrug (gemeente Ommen) is zaterdag de Zuid-Oost Molukse Protestantse Kerk officieel haar reis door de kerkgeschiedenis begonnen met een dankdienst, de bevestiging van de eerste predikant, ds. David Talubun, en een echte Indische slamat opgeluisterd met tal van Oosterse dansen, muziek en breedvoerige toespraken in het Maleis. De samenkomst werd gehouden in een enorme tent, die in de morgenuren als kerk en daarna als feestlokaal dienst deed. Er waren enige honderden genodigden uit vele plaatsen van ons land, alsmede Keiezengroepen uit Nistelrode en St. Pietersberg. Burgemeester mr. C. P. van Reeuwijk van Ommen, gemeentesecretaris E. J. Stoeten, de wethouders A. J. Immink en G. J. Seinen woonden met hun echtgenotes de dankdienst en het festijn bij, evenals ds. D. van Heyst, N.H, predikant en de Geref. predikanten ds. J. C. Baumfalk en H. Hortensius. Verder vertegenwoordigers van de Hevea- rubberfabrieken uit Oosterbeek, welk bedrijf vele Keiezen in dienst heeft, de inspecteur voor Ambonezenzorg, de heer De Vriend en de C.N.V. bestuurder Du Pon. De dankdienst welke volgde op een uitgebreide koffietafel, waarbij ongeveer 500 personen aanzaten, werd geleid door ds. Van den Brink, welke de generale synode van de Ned. Herv. kerk vertegenwoordigde en als secretaris van het S.I.O., alle protestantse kerkgenootschappen van Nederland. Hij zei, dat men was samengekomen voor een zaak die misschien niet overal voldoende belangstelling heeft getrokken, maar die anderzijds toch uiterst belangrijk is. De generale synode heeft zich lang en ernstig met deze zaak bezig gehouden, nadat de Keiezen hadden gevraagd om hulp en steun voor de vestiging van een zelfstandige kerk. Lees meer »

2 Reacties »

1 februari 2018

De Nieuwe Vaart tussen Ommen en Balkbrug die er nooit kwam

Categorie: Algemeen.    2.001 keer gelezen.

Met de aanleg van een “Nieuwe vaart” tussen de Vaart bij Sluis V in Balkbrug en de Vecht bij Ommen wilde het gemeentebestuur van Stad-Ommen het tij keren tegen een economische terug gang.

 Als oud inwoner van Witharen weet Jan van der Bent waar de Nieuwe vaart heeft gelegen.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Het Veurtie (Nieuwe vaart)”.

Het aantal schepen dat in Ommen over de Vecht komt loopt terug als gevolg van de aanleg in 1810 van de Dedemsvaart tussen Hasselt en de Vecht bij Ane in Gramsbergen. Deze nieuwe waterweg zorgde voor een kortere route tussen Coevorden en Zwolle. De beoogde Nieuwe vaart voor scheepvaart naar de Dedemsvaart bij Balkbrug zou op grond van de gemeente Stad-Ommen moeten komen met een uitmonding in de Vecht in Ommen ter hoogte van de Voormars. Maar het kwam er maar niet van. Oorzaak hiervan was dat geld en vergunningen ontbraken. Wel is ooit een begin gemaakt met de aanleg, maar de gravers bleven steken in de zandbulten van Witharen.

Protest
De eerste hoop dat de aanleg van een Nieuwe vaart verwezenlijkt kon worden deed zich voor in 1819 toen de Ommerschans op grondgebied van Stad-Ommen in beeld kwam voor de vestiging van een bedelaarskolonie van de in 1818 opgerichte Maatschappij van Weldadigheid. Oprichter Johannes van den Bosch had plannen om op de verlaten Ommerschans een gesticht te bouwen voor luilevende armen. Die konden de woeste gebied ontginnen tot vruchtbare gronden. Niet alleen om in hun eigen levensonderhoud te kunnen voorzien maar ook om arbeidsvreugde bij te brengen en een beroep als boer te leren. De Ommer burgemeester protesteert eerst nog tegen deze plannen. Maar dan wordt overeengekomen dat de Maatschappij het kanaal de Nieuwe vaart zal graven. Voorwaarde is wel dat Johannes van den Bosch per direct aan de slag kan met de inrichting van de bedelaarskolonie. Lees meer »

1 Reactie »

20 juni 2017

Reünie voor leerlingen Dr. A.C. van Raalteschool te Ommen

Categorie: Algemeen.    2.105 keer gelezen.

OMMEN – Een heel gezellig treffen met ophalen van oude schoolherinneringen. Zo kan de geslaagde vijfjaarlijkse reünie van de 33 leerlingen uit de 6de klas jaargang 1959-1960 van de dr. A.C. van Raalte basisschool omschreven worden.

 De reünisten van de dr. A.C. Van Raalteschool in Ommen
Foto: Frouwke Doezeman
[red.: zie ook album “Gereformeerde (Chr.) School”]

Het was voor de derde achtereenvolgende keer in vijftien jaar dat de scholieren samenkwamen. Niet in de oude school zelf maar in ‘De Maat’, de school voor praktijkonderwijs in Ommen.

Het weerzien van de oud-leerlingen tegenwoordig woonachtig in Ommen en in de driehoek Delfzijl – Waddinxveen – Aalten was behalve gezellig ook relaxed. Na ontvangst met koffie en cake werd een groepsfoto gemaakt. Vervolgens stond een stadswandeling op het programma waar Peter Kramer de reünisten het een en ander te vertelde over wetenswaardigheden en de geschiedenis van Ommen.

Na de rondleiding stond in ‘De Maat’ de borrel en luxe hapjes klaar. De verhalen van vroeger kwamen op tafel waar iedereen zichtbaar van genoot. Aan het eind van de middag was het tijd voor een lopend buffet en werd om 20.00 uur de reünie afgesloten en ging iedereen met een goed gevoel weer naar huis. Gezien de leeftijd van de meeste reünisten – 68 tot 70 jaar – werd afgesproken om de volgende reünies niet meer om de vijf jaar maar om de drie jaar te organiseren. Op zaterdag 18 april 2020 is dan ook de vierde reünie in Ommen.

Bron: Harry Woertink – 20 juni 2017

2 Reacties »