20 april 2021

Familie Mulder eeuw lang bewoner de Arendshorst in Varsen

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates.    685 keer gelezen.

De ooit bekende havezate de Arendshorst is niet meer. Op de plek van de in 1836 afgebroken havezate in Varsen kwam een nieuwe boerderij met de naam Boschkamp, eigendom van de heer van Vilsteren, Petrus Franciscus Helmich. Die zag zijn eigendommen in Vilsteren en Varsen gescheiden door de rivier de Vecht.

Schaatsen op de binnengracht van havezate Arendshorst in 1978 met op de achtergrond de oude boerderij.
Foto: Wim Mulder
Zie ook het album “Arendhorsterweg 2 (Havezate Arendshorst)”.

Mulder
De boerderij Boschkamp is ongeveer een eeuw lang bewoond geweest door de familie Mulder. Deze familie kwam uit Wijthmen, onder de rook van Zwolle en bewoonden in Varsen eerst de boerderij de Hogenkamp. Jans Mulder kocht de Hogenkamp van de weduwe Mollink. Jans Mulder was weduwnaar van Willemina Zwaaftink. Uit dat huwelijk is Willem Mulder geboren. Jans Mulder is weer hertrouwd met Johanna Maria Tielbeke, weduwe van Hermanus Mollink. Jans Mulder is er dus bij in getrouwd op de Hogenkamp. Uit dat huwelijk zijn weer 6 kinderen geboren, waarvan 3 levenloos. Na het overlijden van Jans werd de boerderij overgenomen door de dochter Berendina (Diene) Mulder, die trouwde met Mans Kodden. Nog steeds is de Hogenkamp eigendom van de familie Kodden. Nadat Willem Mulder zijn jonge jaren gewoond heeft op de Hogenkamp samen met zijn zussen Johanna (Anna), Maria (Marie) en Diene, maakte Willem in 1916 de overstap naar de Boschkamp. Willem trouwde op 3 november 1916 met Maria Theodora Meulman en kon de boerderij Boschkamp met de bijbehorende gronden pachten van de heer van Vilsteren. Willem Mulder was in de buurt beter bekend met de bijnaam “Hogenkamps-Willem”.

De naam Boschkamp in relatie met de naam Arendshorst
Zowel in de aankondiging van de openbare verkoop in 1857 en 1878 is er sprake van erve Boschkamp, voormalige havezate Arendshorst. Dat had te maken dat ten tijde van de volkstelling de familie Boschkamp er woonde. Nadien kom je deze naam niet meer tegen. Ook op de kaarten en de topografische kaarten is de naam Arendshorst zo gebleven, echter tot 1980. Nadien is de naam op de topografische kaarten verplaatst naar de kampeerboerderij en de camping. Mulders zijn in de volksmond dan ook geboren op de havezate Arendshorst (compleet met een binnen gracht en een buiten gracht). Na de oorlog is het gebruik van “De Belten” gewijzigd in camping Arendshorst en werd de boerderij Hogenkamp, kampeerboerderij Arendshorst. Lees meer »

1 Reactie »

10 januari 2021

Kasteel Eerde als roofriddernest schrik van de hele streek

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates.    331 keer gelezen.

Kasteel Eerde maakte ééns deel uit van de vele roofriddernesten van Overijssel en was de schrik van de hele streek. Zo wordt de geschiedenis van kasteel Eerde omschreven.

 Eén van de wandversieringen op kasteel Eerde, met het kasteel op de achtergrond.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen het album “Kasteel Eerde”.

De vroegste historische bronnen die over het landgoed Eerde of Irthe verhalen, zijn die uit de 13e eeuw. Daarin wordt gesproken van een vrije, „heilige hoeve” van de abdij van Essen. Zo’n vrije hoeve, ook wel opperhof of stamhof genaamd, was een zelfstandig en onafhankelijk landgoed, dat bij de oorspronkelijke vestiging van de Saksers in dit gewest opkwam en zijn ontstaan dankte aan een van de edelen uit die volksstam. De opperhof werd omringd door de hoeven, die bewoners hofhorig waren aan de hofheer. Eerde maakte dus aanvankelijk van de stamhof van een edelen Saxer uit, die het gebied voerde over de „op de gemeene erven of hoeven gevestigde hofhoorigen”. Toen het Christendom hier allengs doordrong, stelde de hofheer zijn vrije hoeve op vrome wijze onder de bescherming van het geestelijk gesticht van Essen, die daarvoor in ruil heel wat verplichtingen oplegde.

Evert’s hoeve
Bij de naam “Hoeve” heeft men een andere vermoeden dan dat hier sprake van is. In de 14e eeuw was deze hoeve zó sterk gemaakt door zijn eigenaar Evert van Essen, dat er van gesproken wordt als van een kasteel van steen en van hout, waarop de eigenaar „allen wilden verbeyden, die tot hem komen mogten”. Deze Evert van Essen doopte zijn sterkte Kasteel Eerde en ging weldra over tot het „aan zich trekken” van vele bosschen en van de landlieden van Salland, die aan den bisschop van Utrecht toebehoorden. En hij deed zoveel “onbescheid” in Salland, beide aan steden en landlieden, dat grote klachten aan de bisschop kwamen. Deze sloot daarop een overeenkomst met de steden Zwolle en Deventer, riep de hulp in van de heren van Egmond en IJsselstein en Jonkheer van Arkel en trok met vele ridders en knechten over de IJssel om Evert’s hoeve te belegeren. Men gebruikte hierbij een grote blijde (katapult), die tegelijk 1300 pond stenen wierp en voorts steenbussen en alles waarmee men maar werpen en schieten kon. Doch het houten huis kon niet worden vernietigd, zelfs niet beschadigd, want de stenen stieten daar weder af, alsof zij ballen waren geweest, wijl de stijlen en balken zo dik waren als molenstanders en dicht bij elkaar stonden. Maar zij wierpen het steenwerk geheel in stukken. Na 25 dagen belegeren, ziende dat geen ontzet komen zou, moesten de bewoners het kasteel wel overgeven. Dit geschiedde en de bisschop wilde het kasteel omver halen, maar het houtwerk was zó sterk, dat het niet te slopen was. Toen stak men er de brand in en het brandde een maand lang. Lees meer »

Reageren »

10 januari 2021

Ommen in brandpunt belangstelling dankzij baron van Pallandt van Eerde

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates.    374 keer gelezen.

Ommen stond in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw volop in de belangstelling.

 In een kamp aan de voet van de Besthmenerberg werden bijeenkomsten gehouden van de Theosofische Vereniging “De Orde van de Ster in het Oosten”. Foto van de wereldleraar.
Foto: OudOmmen

Die plotselinge bekendheid van toen is te danken aan het landgoed Eerde of beter gezegd aan Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde (1889-1979), de jonge erfgenaam van dit prachtige goed die de “Orde van de ster in het Oosten” naar Ommen haalde. Een geschiedschrijver hierover in 1926: “Dit vriendelijke doch vrij onbeteekende stadje, gelegen aan den rechteroever van het riviertje de Vecht, tusschen Zwolle en onze oostelijke grens, is plotseling bij een groot aantal landgenooten in het brandpunt der belangstelling komen te staan. Het kan wonderlijk lopen. Overigens is het plaatsje niet gehéél zonder betekenis; het heeft namelijk een belangwekkende geschiedenis. Sommige schrijvers van de middeleeuwen sprekend, plaatsen het gradueel na Zwolle, Deventer en Kampen. Gesticht door de domheeren van Utrecht, welke voor legerdoeleinden een zogeheten Veerstal aan de Vecht lieten zetten, waarna niet minder dan een Bisschopshof en een kerk volgden — deze laatste in de 12e eeuw— heeft het plaatsje Ommen of Ummen, in de 13e eeuw tot stad verheven, door bisschop Otto III, eeuwen lang als het ware in de knel gezeten tusschen de voortdurend twistende partijen der Utrechtsche bisschoppen eenerzijds en anderzijds de vele oproerige vazallen van dezen streek en elders, de heeren van Eerde (van Essen) van Rechteren, Coevorden, Voorst, Gelder enz. Het werd afwisselend geplunderd, gebrandmerkt en tot 3 maal toe op de kerk na tot den grond afgebrand en moest aldus zijn stadsprivilegiën wel heel duur betalen.

Later waren het de Spanjaarden, die het de handen vol werk gaven en in 1665 was Ommen het middelpunt van de krijgsverrichtingen van den bisschop van Munster tegen de Ver. Nederlanden, terwijl het voorts nog lang daarna van de onrust in het land ruim zijn deel kreeg.” De schrijver vervolgt: “Uit dit veel bewogen verleden heeft het stadje uiterlijk althans weinig overgehouden. Uit de ligging, dicht aan het riviertje, uit de kromme straten en stegen, en de met zeer oude bomen begroeide singels of wallen, proeft men nog iets middeleeuws, iets van verdedigbaarheid. Doch behalve het raadhuis, uit de 18e eeuw daterend, de reeds genoemde kerk en „Hof”, het oude domein van den bisschop, thans een boerenerf, en de z.g. Ommerschans, is er verder niets dat uiterlijk het gewone dorpse karakter aan het plaatsje ontneemt.

Orde van de ster in het Oosten
De aanleiding van de bekendheid voor Ommen: “Wanneer we de feiten nader bezien heeft Ommen die plotselinge bekendheid van thans eigenlijk te danken aan het landgoed Eerde, beter gezegd aan Baron van Pallandt, de jonge erfgenaam van dit prachtige goed of nóg beter gezegd aan de Orde van de ster in het Oosten, welker leden, zooals thans bekend mag worden veronderstelt, de komst verwachten van een nieuwen wereldleeraar. Lees meer »

Reageren »

13 november 2020

Familiehotel Het Laar in 1904 vergaderplek voor Regt en Geschiedenis (1)

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates, Landgoederen.    448 keer gelezen.

Het is 11 juni 1904 als “De Vereeniging tot beoefening van Overijselsch Regt en Geschiedenis” voor Ommen heeft uitgekozen als vergaderlocatie voor haar Zomervergadering.

 1904 – Huize Het Laar met Orangerie. Geheel rechts de woning van de beheerder Tokvoort.
Afbeelding: OudOmmen

Al sinds 1858 houdt deze Overijsselse historische vereniging zich bezig met de geschiedenis van Overijssel. Leden van de Vereeniging komen twee keer per jaar bijeen, op de Zomervergadering en Wintervergadering. Beide keren worden hiervoor bijzondere plekken in de provincie bezocht, gecombineerd met interessante lezingen. Dit keer dus Ommen waar het familiehotel Het Laar van de familie Lokin onderdak biedt. Uit de archieven een verslag van de vergadering van toen en de historische rijtoer.

Uit historisch oogpunt belangrijk
“In de laatste jaren viel vrijwel als regel de keus op Kampen, Deventer of een der grootere Twentsche plaatsen als het ging om de Zomervakantie. Men wilde nu eens beproeven of het niet mogelijk zou zijn in den zomer bijeen te komen ook op kleinere plaatsen, die zelf of wel wier omstreken uit historisch of oudheidkundig oogpunt belangrijk zijn. Nu de spoorlijn Zwolle – Ommen gereed was, kon men zonder groot bezwaar naar Ommen de schreden richten. Er waren een 20-tal leden aanwezig, een cijfer dat voor een proef bemoedigend mag heten. De samenkomst was belegd in ’t familiehotel het Laar, nabij ’t station Ommen, ’t welk bijzonder geschikt daartoe bleek te zijn. De voorzitter, mr. R. E. Hattink, opende kort na half elf de vergadering. Na mededeeling der namen van enkele leden, die de vereeniging door overlijden of bedanken had verloren, werden een viertal nieuwe leden benoemd: de heeren Mr. P. Wildervanck de Blécourt, griffier bij het kantongerecht te Ommen; F. E. baron Mulert, kapitein-luitenant ter zee te Hellevoetsluis; J. W. Doffegnies, burgemeester van Diepenveen en A. A. Beekman, leeraar aan de Hoogere Burgerschool te ’s-Gravenhage.

Stukje historie over Ommen
Het bezoek aan de gemeente Ommen en de voorgenomen rijtoer door de omstreken hadden den heer Hoefer aanleiding gegeven een en ander over de plaats en de omgeving bijeen te zamelen, om op deze wijze de samenkomst voor de leden nog meer vruchtdragend te maken. Wij kregen een stukje historie over Ommen als plaats. De naam komt ’t eerst voor in 1133 als geslachtsnaam, terwijl hij in 1227 als plaatsnaam en in 1319 als naam van het kerspel wordt aangetroffen. In 1248 kreeg Ommen van den Bisschop stadsrechten. De historie van Ommen is, zooals het met de meeste steden het geval is geweest, een aaneenschakeling van gevechten, brandschattingen, van rampen door ’t vuur of door stroopende benden veroorzaakt, van herstel door de energie van de ingezetenen of door de hulp van machtige bondgenooten. In 1332 werd het door de heer Van Voorst en Van Rechteren verbrand terwijl de overwinnaars zorgden, dat de wallen werden opgeruimd. In 1386 waren de vestingwerken hersteld. Lees meer »

Reageren »

22 maart 2014

Kasteel Rechteren en de zorg voor monumenten

Categorie: Kastelen & Havezates.    3.322 keer gelezen.

Bepalend voor de monumentenzorg in Nederland was Victor de Stuers die gezien wordt als de oprichter van de monumentenzorg in Nederland. Door de architecten Alberdingk Thijm en Cuypers is een aanzet gegeven tot een eigentijdse architectuur voor historische bouwwerken.

 Het huis Rechteren aan de Vecht bij Dalfsen omstreeks 1755, De dominante verdedigingstoren stamt uit de13 e of 14 e eeuw. De middenpartij is 17e eeuw. De heren van Rechteren waren erfmarkerechters in de marke Dalmsholte, dienden als officieren in de Tachtigjarige Oorlog, vochten in de latere stadhouderlijke legers en waren afgevaardigden van Overijssel in de Staten-Generaal. Het thans nog fraaie, goed bewaarde kasteel staat aan de weg Ommen-Vilsteren (Jansma et al. 1990).
Afb.: Willem Bemboom

Nederland is hiermee in tegenstelling met het buitenland vrij laat begonnen. De Stuers heeft op het gebied van de monumentenzorg, museumbeheer en archiefbeheer de basis gelegd voor het bouwkundig en stedenbouwkundig erfgoed in Nederland. Victor de Stuers en Cuypers waren de vertegenwoordigers van het 19e eeuwse historisme.

Monumentenzorg is al ruim een eeuw onderwerp van overheidsbemoeienis. Ondanks de toegenomen interesse onder brede lagen van de bevolking, is monumentenzorg maatschappelijk een randverschijnsel gebleven, als bijvoorbeeld wordt afgegaan op de relatief geringe bedragen die de overheid beschikbaar stelt. Hiervoor zijn vele verklaringen te geven. Een van de oorzaken is, dat monumentenzorg te lang gericht is op materiële restanten van de maatschappelijke bovenbouw: de grote monumenten van geschiedenis en kunst, de kerken en de kastelen, raadhuizen, gegoede woonhuizen. Lange tijd vormden molens en wat later op beperkte schaal de boerderijen bijna de enige categorieën monumenten van de werkende mens. Hierdoor is een onvolledige en vertekende beeldvorming over het verleden ontstaan. Het overgrote deel van de bevolking, dat de maatschappelijke onderbouw vormt, heeft zich weinig met de doeleinden van monumentenzorg kunnen identificeren, omdat objecten van monumenten voor hen geen levend onderdeel van het dagelijks leven vormen of gevormd hebben. In Nederland is in de laatste decennia sprake van een toenemende interesse voor al die fysieke objecten, die op uiteenlopende wijze een monument vormen van leefwijzen, productiestelsels, opslag -, transport – en distributiewijzen uit het verre of nabije verleden. In het buitenland is de interesse voor deze monumenten al zover ontwikkeld, dat voor de aanduiding van dit terrein al lange tijd de term ‘industriële archeologie” wordt gebruikt, een term die ook in Nederland de laatste jaren opgang doet (Nijhof 1978). Lees meer »

Reageren »

16 april 2008

Rondleiding in kasteel Eerde

Categorie: Kastelen & Havezates.    5.214 keer gelezen.

OMMEN – Natuurmonumenten houdt zaterdag 26 april een bijzondere rondleiding op landgoed Eerde. Het kasteel en de oranjerie zijn meestal niet toegankelijk voor bezoekers.

afb. OudOmmen – uit de verzameling van Jan Veneman
Kasteel Eerde met oranjerie in 1943

Nu wel: belangstellenden worden uitgenodigd om mee te gaan met gidsen van Educatief Centrum Vecht-Regge. Ze vertellen over het kasteel dat vroeger een roofriddersnest was, over de hangende trap en de oranjerie.

De rondleiding start om 14.00 uur bij de parkeerplaats bij kasteel Eerde en duurt ongeveer twee uur. Honden kunnen niet mee. Vooraf aanmelden is noodzakelijk, dat kan bij de Ledenservice van Natuurmonumenten, telefoon (035) 655 99 55 of via de website www.natuurmonumenten.nl/agenda.

Bron: Ommer Nieuws – 16 april 2008

Reageren »

8 augustus 2005

Herstel keermuren kasteel Eerde

Categorie: Kastelen & Havezates.    1.933 keer gelezen.

Van het kasteel Eerde te Ommen wordt de buitenbrug hersteld. De bouten en voegen van de binnenbrug worden geconsolideerd met de keermuren en de afdekking van het natuursteen wordt hersteld.

Alles wordt voorzien van een waterdichte tussenlaag om vochtintrekking in de kasteelmuur te voorkomen. Het behoud van het kasteel is essentieel vanwege cultuurhistorisch en toeristisch oogpunt.

kasteeleerde.jpg

Locatie: Eerde
Bijdrage: Europese subsidie € 89.005,–
Totale projectkosten € 241.178,–

Bron: Provincie Overijssel – 8 augustus 2005

Reageren »

1941

Lager en voortgezet onderwijs op een Overijselsch Kasteel

Categorie: Kastelen & Havezates.    3.174 keer gelezen.

Dwalen met onbekende bestemming door Overijsel behoort tot de aangenaamste bezigheden. Overal stellen de schoone wegen en paden van deze provincie den eenzamen wandelaar voor verrassingen van onbevroede pracht.

Dit is een school! – Vooraanzicht van het kasteel te Ommen, omgeven door een slotgracht en toegankelijk over een fraaie brug.

Schrijver dezes dwaalde zoo op een morgen bij een zware lucht door de bosschen van Ommen. Een locaaltje brengt er u op ongeveer drie kwartier rijden van Zwolle. Aan het einde van een oprijlaan ligt een groot kasteel, blijkens inlichtingen het eigendom van baron van Pallandt, die de voortreffelijke gedachte heeft gehad, dit groote landgoed, inclusief het kasteel, te verhuren aan een instelling, die daar in de eenzame rust een onderwijsinrichting voor lager en voortgezet onderwijs heeft georganiseerd.

Op school gaan in een kasteel….kan men zich voor de jeugd, die schoolbanken vaak met pijnbanken gelijkstelt, een romantischer sfeer denken dan een kasteel ! Een heusch kasteel met zware ophaalbruggen en diepe grachten, hooge transen en metersdikke wallen. In hun verbeelding zien ze er de middeleeuwsche ridders rondspoken, zwaar bewapend voor tournooien en steekspelen, of in overdadige weelde aan tafel. Lees meer »

1 Reactie »