27 januari 2021

Huis Junne na brand verdwenen

Categorie: Harry Woertink.    212 keer gelezen.

De buurtschap Junne had ooit een havezate. De boerderij met de naam erve Hoyers of Nijenhuis maakte in de achttiende eeuw plaats voor een havezate, beter bekend als Huis Junne.

 Zo moet ongeveer Huize Junne er uit hebben gezien.
Illustratie: Geeske Exel-Nijmeijer (uit het boek “Junne en haar bewoners” van G.J.Hesselink).
Zie ook het album “Huis Junne” met o.a. een link naar de geocache-wandeling “Het geheim van het huis Junne”.

In 1893 brandde Huis Junne tot de grond toe af en is niet meer herbouwd. Enkele veldkeitjes en een rechte bomenlaan nabij de brink van Junne zijn nog de enige stille getuigen. Erve Hoyers of Nijenhuis wordt volgens de volkstelling van 1748 bewoond door Gerit Hooijer en zijn vrouw Jannigje Claassen. Inwonend zijn dan het echtpaar Egbert Egberts en zijn vrouw Geesje Egberts met hun zoon Hendrik (onder de 10 jaar) en Lubbigje Egberts.

Havezate Oosterveen
In 1759 is de boerderij erve Hoyers of Nijenhuis nog steeds eigendom van de van Pallandt’s. In dit jaar wordt het recht van havezate van het voorname landhuis Oosterveen onder Nieuwleusen verlegd naar Junne. In die tijd gebeurde het meermalen dat het recht van havezate van de ene plaats naar de andere verhuisde. Dit kon met instemming van de Ridderschap en Steden. Havezate Oosterveen werd in 1640 gebouwd door Rutger van Haersolte die getrouwd was met Elisabeth Margaretha van Pallandt. Omdat het huwelijk zonder kinderen bleef, schonken ze het Oosterveen in 1663 als huwelijkscadeau aan hun neef Elbert Anthony van Pallandt en hun nichtje Johanna van Haersolte. Elbert Anthony liet zich daarna heer van Oosterveen, Eerde en Egede noemen. Ook zij stierven zonder nazaten en in 1759 liet erfgenaam August Leopold van Pallandt het recht van havezate Oosterveen verplaatsen naar erve Hoyers of Nijenhuis in Junne. De havezate Oosterveen zelf raakte in verval en kwam tenslotte in bezit van de familie Van Marle. In 1862 is het landhuis Oosterveen afgebroken.

Statig wit huis
Een havezate was in de regel een versterkt huis (burcht), hofstede, hof of hoeve. Oorspronkelijk was het een benaming voor een grote boerderij met land. In de 17e eeuw was de havezate een riddermatig goed. Het bezit hiervan was een voorwaarde voor lidmaatschap van een ridderschap. Het is wellicht denkbaar dat vanaf dat moment de boerderij Hoyers of Nijenhuis in Junne de status krijgt van havezate, de boerderij is afgebroken. Lees meer »

Reageren »

27 januari 2021

Subsidie voor Historisch Museum Ommen

Categorie: Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    188 keer gelezen.

OMMEN – Het Cultuurhistorisch Centrum Ommen (CCO) kan rekenen op een eenmalig bedrag van 25.000 euro van de gemeente als extra financiering voor het nieuwe museum.

 Met de inrichting van het nieuwe museum wordt de laatste hand gelegd aan de nieuwbouw.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s de albums (en subalbums) “Molen Den Oordt / Streekmuseum” en “2021/01 – Inrichting nieuwbouw”.

Hetzelfde bedrag is aangevraagd bij de provincie in het kader van het project Leader. De provincie stimuleert met deze subsidieregeling nieuwe projecten met als voorwaarde dat de gemeenten ook zelf financiële ondersteuning verlenen. Het museum heeft als doel de belangstelling voor- en de beleving en de geschiedenis en de tradities van Ommen en omgeving te bevorderen en de betrokkenheid daarbij te vergroten. Het CCO omvat het Historisch museum, de Historische Kring Ommen en het Toeristisch Informatiepunt. Het museum wil in deze samenwerking een kenniscentrum zijn op het gebied van cultuureducatie, voor bezoekers en in samenwerking met het onderwijs bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen.

Vechtdal Proef
Vechtdal Proef is een eenmalige gemeentelijke subsidie toegezegd van € 7.740,50. In 2020 hebben Dennis Bremmer van Vechtdal Hooglanders en Natasja Martin van Vechtdal Express met veel enthousiasme gewerkt aan het projectplan Vechtdal Proef: het Verrukkelijk Vechtdal openluchtmuseum bij producenten, boeren en horeca. Op een innovatieve en educatieve manier willen zij gasten verleiden om de regio te ontdekken; over het water, met de choppers, met de fiets of lopend. Kanttekening is nog wel dat de gemeente Hardenberg ook een duit in het zakje doet van 13.060 euro. De verdeling tussen de gemeenten Ommen en Hardenberg in co-financiering is gemaakt naar rato van de investering van de partners.

Vechtfloat
Een nieuwe onderneming die ook op subsidie kan rekenen is Vechtfloat. Goed voor een subsidie van 1120 euro. Vechtfloat biedt een totale waterrecreatiebeleving met duurzame en herkenbare verhuurbootjes en thematische belevingsarrangementen. De arrangementen zijn te boeken op het interactieve online Bootplatform Vechtfloat Overijssel. Lees meer »

Reageren »

24 januari 2021

Historisch Museum Ommen van oud naar nieuw (4)

Categorie: Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    229 keer gelezen.

Het Historisch Museum in Ommen wordt vernieuwd. Eerder bekend als “Oudheidkamer” en “Streekmuseum” zal het Historisch Museum dit jaar in gebruik genomen worden. In de aanloop daar naar toe een reeks artikelen over de historie van het museum; dit is deel 4.

 1979. Na de restauratie van de molen. Rechts het nog bestaande molenaarswoning en links de in 1984 afgebroken woning Den Oord 4 waar een nieuwe woning is gebouwd.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s de albums (en subalbums) “Molen Den Oordt / Streekmuseum” en “2021/01 – Inrichting nieuwbouw”.

Beheerder
Nadat in 1969 ook het Tolhuis aan de expositieruimte van de Oudheidkamer kan worden toegevoegd gaat het crescendo. Toeristen komen graag een kijkje nemen. Druk heeft de Oudheidkamer het ook met touringcars die met hun dagreisjes een bezoek aan de Oudheidkamer brengen. Mede door de toename van het toerisme in Ommen, is het noodzakelijk de Oudheidkamer als bezienswaardigheid beter te coördineren en een beheerder aan te stellen. In 1981 kan via detachering door het werkvoorzieningsschap voormalig banketbakker Gerard Kelderman worden benoemd als vaste beheerder van de Oudheidkamer. Tot dan toe werd de Oudheidkamer gerund door enthousiaste vrijwilligers, met de bestuursleden Jan Lucas (voorzitter), Peter Vosselman (secretaris), Gerrit van der Kolk (penningmeester), Mans Gerrits, Harm Oldeman, Henk Wittenberg en Harry Woertink. De vrijwilligers die als suppoosten optreden doen het graag en kunnen rekenen op een uitstapje aan het einde van het seizoen.

Fotoarchief
Het reilen en zeilen is vanaf het ontstaan van de Oudheidkamer mede mogelijk gemaakt dankzij subsidie van de gemeente en trouwe contribuanten. Daarnaast wordt een bescheiden entree geheven. Onder bezielende leiding van Kelderman groeit de Oudheidkamer tot een volwaardig cultuur-historisch museum. De eerste twee jaar werkt Kelderman aan de inrichting van de Oudheidkamer. Soort bij soort rangschikte hij de bezittingen, zodat het geheel overzichtelijker werd en er allerlei leuke hoekjes ontstonden met oude klederdrachten en een schoolklasje centraal. In 1983 beginnen de historicus Gerrit Steen en Kelderman in de wintermaanden met het opzetten van een fotoarchief van de gemeente Ommen in het gemeentehuis. De ongeveer 2000 foto’s die het archief besloeg waren grotendeels afkomstig van H. Oldeman en H. Ekkelkamp. Dit archief is verder aangevuld met foto’s van huizen en straten van recentere datum. Kelderman maakte ook verschillende diaseries en films over oudOmmen en voor de scholen werd een klankbeeld gemaakt over de Tweede Wereldoorlog die in de Oudheidkamer werd getoond. Lees meer »

Reageren »

20 januari 2021

OVC’21 viert 100 jaar bestaan als oudste Ommer sportvereniging (3)

Categorie: Harry Woertink, Jubilea.    286 keer gelezen.

Voetbalvereniging OVC’21 viert dit jaar haar 100 jaar bestaan. Deze serie gaat over de historie van Ommens oudste sportvereniging.

 De Ommer Voetbal Club in het jaar van oprichting.
Foto: OudOmmen

Degradatie
Tot 1950 weet het eerste elftal van OVC zich in de vierde klasse te handhaven. De degradatie naar de afdeling Zwolle zorgt voor nogal beroering. Tot het laatste toe bleef men hopen dat degradatie achterwege zou blijven. Twee jaar achtereen wist OVC op het allerlaatste nippertje het vege lijf te redden, dus waarom nu niet? Voor een antwoord op deze vraag wendde de krant zich in mei 1952 tot OVC-secretaris en medeoprichter Hein Lokin. Deze sprak van een harde klap om na 10 jaar spelen in de KNVB te moeten degraderen. Lokin: “Maar onze ploeg is inderdaad de zwakste van deze afdeling. De aanvang van de competitie was hoopvol, maar in de loop van het seizoen verloren we twee beproefde spelers, die wij niet afdoende konden vervangen. Het is juist gebrek aan spelersmateriaal dat ons bestuur grote zorgen baart. In onze glorietijd konden wij onze ploeg aanvullen met spelers uit Lemelerveld, Den Ham, Hardenberg. In de loop der jaren zijn in deze plaatsen ook verenigingen opgericht, dus is deze aanvulling voor Ommen verkeken. Een grote handicap is, dat er in Ommen geen voldoende werkgelegenheid is, waardoor goede spelers vaak noodgedwongen naar elders vertrekken. Een verheugend verschijnsel is de steeds toenemende groei der vereniging. Het bestuur wil trachten dooreen intensieve training het spelpeil op te voeren, en wie weet komen we dan het volgende jaar weer in de KNVB”, zo weet de krant uit de mond van Lokin op te tekenen. In 1951 wordt het 30-jarig bestaan gevierd. Omdat het zilveren jubileum ongemerkt voorbij is gegaan wordt besloten het dit keer grootser aan te pakken. Gerard van Doorn is verzocht met zijn cabaret-ensemble met een speciaal programma op te treden.

Bouw kleedkamer
Als de KNVB bij herhaling erop wijst dat OVC voor de voetballers kleedgelegenheid moet bieden naast het veld zijn de leden niks te beroerd om hun handen uit de mouwen te steken. Ze gaan aan de slag. Beschermheer van de vereniging, baron van Pallandt, stelt de club gratis hout beschikbaar. Zolang de bouw bezig is stelt de Nederlandse Padvindersvereniging een gedeelte van de Padvindersboerderij beschikbaar als kleedkamer. In het Laar treden op de eerste zaterdag 15 OVC’ers aan om gewapend met schoppen onder de deskundige leiding van Willem de Jonge een begin te maken met de eerste werkzaamheden voor de bouw van een kleedkamer. Alle arbeid wordt zoveel mogelijk door de leden verricht. Leveranciers hebben toegezegd de materialen tegen kostprijs te leveren. Op deze manier krijgt OVC een goedkope kleedkamer die ook dienst kan doen als clublokaal. Lees meer »

1 Reactie »

13 januari 2021

Canon van de Ommer: Friedrich Karl (Karel) Seemann (9)

Categorie: Canon van de Ommer, Harry Woertink.    199 keer gelezen.

Iemand in het rijtje van personen die veel betekend hebben voor een ander is Friedrich Karl (Karel) Seemann (1899 – 1978) uit Junne.

 Friedrich Karl (Karel) Seemann in de reeks ‘Canon van de Ommer’.
Afbeelding: OudOmmen
Zie ook het album “09. Friedrich Karl (Karel) Seemann”, de verzamelplek voor alles over Karel Seemann.

Karel Seemann was niet zomaar een inwoner van Junne. Als veelzijdig ambachtsman stond Seemann altijd voor iedereen klaar. Als fietsenmaker, loodgieter, smid, monteur van landbouwmachines en als taxichauffeur. Hij was er altijd voor zijn buurtgenoten. Seemann was iemand met opmerkelijke talenten die hij inzette voor anderen. Voor zijn belangrijke rol ten dienste van de samenleving is Seemann dan ook in 2011 geëerd met een eigen straatnaam in Junne. Een deel van de Dieselweg kreeg toen de naam “F.K. Seemannweg” met de toevoeging onder het straatnaambordje van de volgende de tekst: “Hij stond zijn leven ten dienste van een ander. Junne herdenkt hem met dankbaarheid”.

Lüps
Landgoed Junne was eigendom van de Duitse fabrikant en grootgrondbezitter Lüps. De jongste zoon van deze familie erfde het landgoed in 1888, toen groot 1040 hectare. Vijftig jaar is de buurtschap in bezit geweest van de familie Lüps, die voor het beheer een rentemeester aanstelde. Eerst was dat de heer De Zeeuw en vanaf 1892 Alexander Seemann (26-9-1862), getrouwd met Christine Alwina Sonnenschein (14-9-1859). Zij kwamen vanuit Aussermund in Duitsland in Junne wonen. Er was voor de rentmeester een nieuwe woning gebouwd met de naam “Weidmannsheil”, een jagersgroet.

Gezin Seemann
Zoon Karel Seemann werd op 20 december 1899 geboren in Junne. Naast Karel waren er nog 3 kinderen in het gezin Seemann: de oudste, broer Alexander en twee zussen: Agnes Maria en Alwine Alice. Alexander junior was de vader van de bekende schrijver Broos Seemann. Vader Alexander Seemann overleed op 4 mei 1944. In het huishouden van de familie Seemann was de uit Duitsland afkomstige Anna Munstermann werkzaam als huishoudster. Dat bleef ze doen ook na het overlijden van de moeder van Karel Seemann in 1952.

Technische knobbel
Na de school was Karel een ambtelijke baan toebedacht ver buiten zijn geboortegrond. Maar tot grote teleurstelling van zijn ouders was dat slechts van korte duur. Hij keerde terug naar Junne om er nooit meer weg te gaan. Gelukkig bezat hij voor het opbouwen van een bestaan een technische knobbel. Karel besloot dan ook een eigen bedrijfje op te zetten in het moffelen van fietsen met een zelf geconstrueerde oven die nieuw aangebrachte lak moest verharden. Ook begon hij als rijwielhersteller en loodgieter met daarnaast een houtzagerij en boerenbedrijf met 12 koeien. Het slaan van waterpompen had hij geleerd als leerling bij loodgieter Dijks in Ommen. Een houten schuur bij de woning was zijn werkplaats. In de houtzagerij “De Witte Delle” gelegen bij de woning “Weidmannsheil” zaagde Seemann veel hout uit de bossen van Junne. In de dertiger jaren trok hij ook met een dorsmachine langs de boeren voor het dorsen van graan.

Taxi
Karel Seemann was naast baron Bentinck tot Buckhorst in Beerze een van de eersten die in het bezit was van een auto. Hij heeft daarmee tal van moeders met baby naar het Groene Kruisgebouw gebracht aan de Beerzerweg in Junne of als het nodig was ging met de wijkverpleegkundige met de taxi de boer op. Seemann was ook een van de eersten met een telefoonaansluiting en deed zo dienst als telefoonpost om boodschappen in de buurt over te brengen. Naast zijn vele beroepen had Seemann als hobby het jagen en vissen. In 1935 wordt Weidmannsheil verbouwd. De ongetrouwde Karel Seemann blijft bewoner, samen met huishoudster Anna Munstermann. Op 30 maart 1978 overlijdt Seemann en wordt begraven op het kerkhof van de RK-kerk in Ommen. Anna Munstermann gaat terug naar haar familie in Duitsland. In Junne viel een leegte toen de laatste Seemann, die zoveel betekend had, niet meer onder hen was.

Bron: Harry Woertink – 13 januari 2021

Reageren »

11 januari 2021

OVC’21 viert 100 jaar bestaan als oudste Ommer sportvereniging (2)

Categorie: Harry Woertink, Jubilea.    296 keer gelezen.

Voetbalvereniging OVC’21 viert dit jaar haar 100 jaar bestaan. Deze serie gaat over de historie van Ommens oudste sportvereniging.

 Foto gemaakt op zondag 12 maart 1933 met belangstellend publiek bij de voetbalwedstrijd van OVC ‘21.
Afbeelding: OudOmmen
Zie voor meer foto’s (en namen) het album “OVC (Ommer Voetbalclub ’21)”.

Het notulenboek van de oprichtingsvergadering vermeldt het volgende: “Verslag van de 1ste algemeene ledenvergadering der voetbalclub “O. V. C. ” te Ommen, op 19 april 1921. Op initiatief van eenige jongelui uit Ommen, werd op heden een vergadering belegd ten doel hebbende de oprichting van een Voetbalclub. De heer H. de Levie besprak de wenschelijkheid van zoo ’n vereeniging. Na ampele bespreking werd tot oprichting besloten. Ten eerste werd nu het Bestuur gekozen en wel tot Voorzitter: W. Gort, Secretaris: G. Veurink, Penningmeester: H. de Levie”.

Lustrum
Een lustrum is om gevierd te worden en dat werd bij OVC ook niet vergeten. Het waren feesten met zang, muziek en variétés als dan niet met bekende zangers of eigen clubmensen. Ook ter gelegenheid van het tienjarig bestaan (1931) wordt een feestavond georganiseerd. De penningmeester brengt later verslag uit van een geslaagde avond maar helaas met een nadelig saldo. Landelijke artiesten zijn erop ook op 25 november 1936 als het 15-jarig bestaan wordt gevierd.

Oorlogsjaren 1940-1945
In maart 1940 – voordat de Tweede Wereldoorlog uitbreekt – komen de OVC-leden onder voorzitterschap van G. J. de Vries in algemene jaarvergadering bij elkaar. Allereerst wordt tot loting voor het Paastoernooi overgegaan. Daarna geeft De Vries een kort resumé van het afgelopen jaar. OVC heeft verschillende goede spelers aan het leger moeten afstaan; een en ander heeft tot gevolg, dat ongeoefende jonge spelers plotseling in moeten vallen. Dit is grotendeels ook de oorzaak, dat men de dr. Pallis-beker aan Balkbrug heeft moeten afstaan. Vanwege het slechte weer boterde het met de noodcompetitie ook niet erg. Het enigste lichtpunt in het afgelopen jaar is het Zomersportfeest geweest, zo blikt de voorzitter terug. Dit jaar zal dan ook weer getracht worden om in samenwerking met Crescendo een dergelijk feest op touw te zetten. Tijdens de vergadering kwam penningmeester G. Terra kwam met de verrassende mededeling dat alle schulden waren afgelost en er trots dat nog een batig saldo in kas was. Na breedvoerige discussie wordt besloten de contributie wekelijks per bode te laten innen. Voorts komen nieuwe hekken op het terrein en wordt het aantal zitplaatsen uitgebreid. Het ledental bleef gelijk vooral omdat veel jongeren waren toegetreden. Getracht wordt een juniorenelftal samen te stellen. Het opstellen van de elftallen had de ijverige secretaris Hein Lokin vaak veel hoofdbrekens gezorgd. Lees meer »

Reageren »

10 januari 2021

Kasteel Eerde als roofriddernest schrik van de hele streek

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates.    201 keer gelezen.

Kasteel Eerde maakte ééns deel uit van de vele roofriddernesten van Overijssel en was de schrik van de hele streek. Zo wordt de geschiedenis van kasteel Eerde omschreven.

 Eén van de wandversieringen op kasteel Eerde, met het kasteel op de achtergrond.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer afbeeldingen het album “Kasteel Eerde”.

De vroegste historische bronnen die over het landgoed Eerde of Irthe verhalen, zijn die uit de 13e eeuw. Daarin wordt gesproken van een vrije, „heilige hoeve” van de abdij van Essen. Zo’n vrije hoeve, ook wel opperhof of stamhof genaamd, was een zelfstandig en onafhankelijk landgoed, dat bij de oorspronkelijke vestiging van de Saksers in dit gewest opkwam en zijn ontstaan dankte aan een van de edelen uit die volksstam. De opperhof werd omringd door de hoeven, die bewoners hofhorig waren aan de hofheer. Eerde maakte dus aanvankelijk van de stamhof van een edelen Saxer uit, die het gebied voerde over de „op de gemeene erven of hoeven gevestigde hofhoorigen”. Toen het Christendom hier allengs doordrong, stelde de hofheer zijn vrije hoeve op vrome wijze onder de bescherming van het geestelijk gesticht van Essen, die daarvoor in ruil heel wat verplichtingen oplegde.

Evert’s hoeve
Bij de naam “Hoeve” heeft men een andere vermoeden dan dat hier sprake van is. In de 14e eeuw was deze hoeve zó sterk gemaakt door zijn eigenaar Evert van Essen, dat er van gesproken wordt als van een kasteel van steen en van hout, waarop de eigenaar „allen wilden verbeyden, die tot hem komen mogten”. Deze Evert van Essen doopte zijn sterkte Kasteel Eerde en ging weldra over tot het „aan zich trekken” van vele bosschen en van de landlieden van Salland, die aan den bisschop van Utrecht toebehoorden. En hij deed zoveel “onbescheid” in Salland, beide aan steden en landlieden, dat grote klachten aan de bisschop kwamen. Deze sloot daarop een overeenkomst met de steden Zwolle en Deventer, riep de hulp in van de heren van Egmond en IJsselstein en Jonkheer van Arkel en trok met vele ridders en knechten over de IJssel om Evert’s hoeve te belegeren. Men gebruikte hierbij een grote blijde (katapult), die tegelijk 1300 pond stenen wierp en voorts steenbussen en alles waarmee men maar werpen en schieten kon. Doch het houten huis kon niet worden vernietigd, zelfs niet beschadigd, want de stenen stieten daar weder af, alsof zij ballen waren geweest, wijl de stijlen en balken zo dik waren als molenstanders en dicht bij elkaar stonden. Maar zij wierpen het steenwerk geheel in stukken. Na 25 dagen belegeren, ziende dat geen ontzet komen zou, moesten de bewoners het kasteel wel overgeven. Dit geschiedde en de bisschop wilde het kasteel omver halen, maar het houtwerk was zó sterk, dat het niet te slopen was. Toen stak men er de brand in en het brandde een maand lang. Lees meer »

Reageren »

10 januari 2021

Ommen in brandpunt belangstelling dankzij baron van Pallandt van Eerde

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates.    216 keer gelezen.

Ommen stond in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw volop in de belangstelling.

 In een kamp aan de voet van de Besthmenerberg werden bijeenkomsten gehouden van de Theosofische Vereniging “De Orde van de Ster in het Oosten”. Foto van de wereldleraar.
Foto: OudOmmen

Die plotselinge bekendheid van toen is te danken aan het landgoed Eerde of beter gezegd aan Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde (1889-1979), de jonge erfgenaam van dit prachtige goed die de “Orde van de ster in het Oosten” naar Ommen haalde. Een geschiedschrijver hierover in 1926: “Dit vriendelijke doch vrij onbeteekende stadje, gelegen aan den rechteroever van het riviertje de Vecht, tusschen Zwolle en onze oostelijke grens, is plotseling bij een groot aantal landgenooten in het brandpunt der belangstelling komen te staan. Het kan wonderlijk lopen. Overigens is het plaatsje niet gehéél zonder betekenis; het heeft namelijk een belangwekkende geschiedenis. Sommige schrijvers van de middeleeuwen sprekend, plaatsen het gradueel na Zwolle, Deventer en Kampen. Gesticht door de domheeren van Utrecht, welke voor legerdoeleinden een zogeheten Veerstal aan de Vecht lieten zetten, waarna niet minder dan een Bisschopshof en een kerk volgden — deze laatste in de 12e eeuw— heeft het plaatsje Ommen of Ummen, in de 13e eeuw tot stad verheven, door bisschop Otto III, eeuwen lang als het ware in de knel gezeten tusschen de voortdurend twistende partijen der Utrechtsche bisschoppen eenerzijds en anderzijds de vele oproerige vazallen van dezen streek en elders, de heeren van Eerde (van Essen) van Rechteren, Coevorden, Voorst, Gelder enz. Het werd afwisselend geplunderd, gebrandmerkt en tot 3 maal toe op de kerk na tot den grond afgebrand en moest aldus zijn stadsprivilegiën wel heel duur betalen.

Later waren het de Spanjaarden, die het de handen vol werk gaven en in 1665 was Ommen het middelpunt van de krijgsverrichtingen van den bisschop van Munster tegen de Ver. Nederlanden, terwijl het voorts nog lang daarna van de onrust in het land ruim zijn deel kreeg.” De schrijver vervolgt: “Uit dit veel bewogen verleden heeft het stadje uiterlijk althans weinig overgehouden. Uit de ligging, dicht aan het riviertje, uit de kromme straten en stegen, en de met zeer oude bomen begroeide singels of wallen, proeft men nog iets middeleeuws, iets van verdedigbaarheid. Doch behalve het raadhuis, uit de 18e eeuw daterend, de reeds genoemde kerk en „Hof”, het oude domein van den bisschop, thans een boerenerf, en de z.g. Ommerschans, is er verder niets dat uiterlijk het gewone dorpse karakter aan het plaatsje ontneemt.

Orde van de ster in het Oosten
De aanleiding van de bekendheid voor Ommen: “Wanneer we de feiten nader bezien heeft Ommen die plotselinge bekendheid van thans eigenlijk te danken aan het landgoed Eerde, beter gezegd aan Baron van Pallandt, de jonge erfgenaam van dit prachtige goed of nóg beter gezegd aan de Orde van de ster in het Oosten, welker leden, zooals thans bekend mag worden veronderstelt, de komst verwachten van een nieuwen wereldleeraar. Lees meer »

Reageren »

10 januari 2021

OVC’21 viert 100 jaar bestaan als oudste Ommer sportvereniging (1)

Categorie: Harry Woertink, Jubilea.    267 keer gelezen.

Voetbalvereniging OVC’21 viert dit jaar haar 100 jaar bestaan. Deze serie gaat over de historie van Ommens oudste sportvereniging.

 Het Kampioenselftal ‘Ommen’ seizoen 1940-1941.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s (en namen) het album “OVC (Ommer Voetbalclub ’21)”.

Opgericht op 19 april 1921 begon de Ommer Voetbal Club (OVC) met 26 leden. Als beschermheer van de club werd Baron Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde aangezocht. Het eerste veld voor de Ommer voetballers werd gevonden aan de Zeesserweg op De Stekkenkamp. Een jaar later werd er gevoetbald aan de Zwolseweg tussen Meijerink en Ada’s Hoeve en in 1923 verhuisde OVC naar de Paardeweide op landgoed Het Laar. In 1929 kreeg OVC de beschikking over een veld gelegen schuin tegenover Huize Het Laar, waar tegenwoordig de Kinderboerderij onderdak vindt. OVC voetbalde hier tot 1976. Toen werd de overstap gemaakt naar een nieuw sportpark met de naam De Rotbrink aan de Balkerweg. Vervolgens werd in 2008 verhuisd naar het huidige sportpark Westbroek. Bijna elk lustrum haalde de voetbalvereniging wel de krant. We beginnen met een (komisch) artikel uit de krant van 1956 wanneer OVC het 35 jaar bestaan viert:

Zevenklappers om midvoor af te schrikken
Op donderdag 19 april 1956 is het precies 35 jaar geleden, dat in de muziektent op de Markt enige jongelui bijeenkwamen te weten H.C.H. Lokin, Joh. Fikkert, G. Veurink, W. Gort en anderen welke overgingen tot oprichting van de voetbalvereniging OVC, waarvan de officiële naam later Ommen werd. Van de oprichters is alleen de heer H. C. H. Lokin nog actief, die al die jaren het secretariaat verzorgde. Met 26 leden werd gestart. Een stuk land aan de Zeesserweg, gehuurd van Jacob van der Boon, werd als voetbalveld ingericht. Twee jaar later stelde baron Van Pallandt gratis een terrein beschikbaar aan de Zwolseweg. De eerste officiële wedstrijden werden gespeeld tegen padvinderscombinaties uit Groningen en Bloemendaal. Later kwam Hardenberg met de scherpschutter Vinke en Balkbrug met de bekende Hoeben op bezoek. Dikke nederlagen waren het resultaat. Desondanks groeide het ledental en moest naar een ander terrein worden omgezien. Lees meer »

Reageren »

22 december 2020

Historisch Museum Ommen van oud naar nieuw (3)

Categorie: Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    335 keer gelezen.

Het Historisch Museum in Ommen wordt vernieuwd. Eerder bekend als “Oudheidkamer” en “Streekmuseum” opent het Historisch Museum in het voorjaar van 2021. In de aanloop naar de ingebruikname een reeks artikelen over de historie.

Gedeputeerde J. Thomas betreedt als eerste samen met burgemeester C.P. van Reeuwijk het nieuwe Tolhuis onderdeel van de Oudheidkamer. Midden met hoed een blije Oudheidkamer-secretaris Gerrit Steen.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s de albums (en subalbums) “Molen Den Oordt / Streekmuseum” en “2020/2021 – Uitbreiding Streekmuseum”.

De Stichting Oudheidkamer ging officieel van start in 1952 in het oude postkantoor aan de Kruisstraat. In 1963 kon de Oudheidkamer voor het eerst een eigen onderkomen openen in de zaagloods van de koren- en houtzaagmolen aan Den Oord. In 1969 werd de expositieruimte uitgebreid met een voormalig Tolhuis, die eerder aan de Hammerweg had gestaan. Een mooie uitbreiding van de expositieruimte was er ook in 1988. Vanaf dat moment ging de “Oudheidkamer” verder onder de naam “Streekmuseum”.

Uitbreiding expositieruimte
Toen de Oudheidkamer in 1963 de deur van het museum voor het eerst opende was er direct ook de wens voor uitbreiding van expositieruimte. Naast de molen zou een bouwwerk moeten komen in de vorm van een gesloopt oud Saksisch boerderijtje afkomstig buiten de gemeente Ommen en aan de Oudheidkamer aangeboden. Het bestuur van de Oudheidkamer had het plan een “Saksisch centrum” rondom de molen te creëren. Het werd echter geen boerderijtje, maar een oud tolhuis uit de buurtschap Besthmen. Begin zestiger jaren van de vorige eeuw werd de Hammerweg onder Besthmen verbreed. Het daar staande tolhuis stond in de weg en moest verdwijnen samen met de fraaie kastanjebomen eromheen. De typische bouw van het huis met ramen voor uitzicht naar beide zijden van de weg, deed de provinciale waterstaat besluiten te trachten het tolhuisje te behouden. De afbraak in 1963 werd aangeboden aan de gemeente Ommen. Door de dienst gemeentewerken werd vóór de afbraak alles in tekening gebracht. Vervolgens werd het tolhuis steen voor steen afgebroken en overgebracht naar het terrein van de Oudheidkamer.

Lees meer »

Reageren »