17 december 2018

Beerzerveld is vanouds een veengebied

Categorie: Harry Woertink.    798 keer gelezen.

Van de 23 buurtschappen die de gemeente Ommen voor 1923 telde is Beerzerveld de jongste. Beerzerveld heeft zijn ontstaan te danken aan het veen en de naam werd ontleend aan Beerze.

 Het in 1901 ingewijde kerkje in Beerzerveld waar vanaf 1 december 1901 tot 1925 de heer van Alewijk (rechts op de foto met zijn zoon) heeft gepreekt.
Foto: Archief Jan Lucas
Zie voor meer foto’s het album “Beerzerveld”.

Het Overijssels kanaal (nu Almelo – De Haandrik) werd omstreeks 1855 gegraven en in 1857 was er al een brugwachter die de Kloosterdijkbrug bediende. Het kanaal had in het veengebied een belangrijke afwatering- en transportfunctie voor het vervoer van de afgestoken turf. Door deze ingrepen werd bewoning mogelijk van dit, voorheen natte en moeilijk toegankelijke gebied.
Rond 1860 komen er mensen rond het kanaal wonen om in het hoogveengebied turf af te graven. De gravers van het kanaal waren geen bewoners. De meeste van de eerste bewoners, die voor een groot deel in keten woonden, trokken met de werkzaamheden mee. Beerzerveld schijnt toen wel heel onherbergzaam geweest te zijn. De eerste namen van hen die bleven waren: Knol 1862, Hamming 1864, Waayerink 1864 en op de Beerzerhaar een Binnenmars sinds 1866. Op de afgegraven veengebieden werden de achtergebleven zandgronden met veenresten, gebluste kalk en mest vermengd. Zo ontstonden vruchtbare dalgronden. Deze gronden waren uitermate geschikt als grasland en voor verbouwing van aardappels en graan: het begin van het agrarische landschap met fraaie houtwallen.

Kanaal en brug
De kern Beerzerveld is van oudsher sterk gerelateerd aan het kanaal. Aan weerszijden van het kanaal vestigden zich na de aanleg van het kanaal de eerste inwoners. Ook de kerk is in 1901 langs het kanaal gebouwd. Beerzerveld ontleent haar identiteit dan ook sterk aan het kanaal en aan de brug. Zonder kanaal en brug was Beerzerveld hier niet ontstaan. De brug vormt dan ook een belangrijke schakel in het dorpsleven. Het zorgt ervoor dat de west- en oostzijde van het kanaal gezamenlijk het dorp vormen. De Oosterweg wordt door bewoners van weerszijden gebruikt, onder meer als speelruimte voor de kinderen uit het dorp, voor het maken van een ommetje en ook door toeristen op de fiets. Dit kan, omdat de weg sinds een aantal jaren autoluw is. De brug functioneert daarbij als verbinding en ontmoetingsplek. Doordat de Oosterweg afgesloten is voor doorgaand verkeer, is de brug de enige uitvalsroute voor bewoners langs deze weg. Sinds begin 20e eeuw is Beerzerveld geleidelijk gegroeid, mede door het gereed komen van de spoorlijn Ommen–Hardenberg in 1905 en de spoorlijn Almelo–Mariënberg in 1906, het verharden van de provinciale weg langs het kanaal van Vriezenveen naar Hardenberg in 1907 en de weg van Ommen naar Hardenberg in 1910. Lees meer »

Reageren »

7 december 2018

Laatste school van een eeuw terug gesloten – Leren in Beerze kan sinds 1985 niet meer

Categorie: Harry Woertink.    4.270 keer gelezen.

De meeste buurtschappen in de gemeente Ommen hadden vroeger een eigen school. Daar waar school werd gehouden was de buurtschap eigenaar van het schoolvertrek.

 De oude school uit 1860 aan de Beerzerweg 11 in Beerze.
Foto: Herman Wigbels

Toentertijd was nog sprake van lagere school. Je moet toch ergens beginnen niet waar? Na de Franse tijd (1795-1813) gingen de scholen over naar de gemeente. In de 18e eeuw had Beerze een “Boerschapsschool”, die door de Marke Beerze was gesticht en in stand werd gehouden. Geen schoolmeester van professie maar een boer die in zijn vrije tijd een kleine bijverdienste had als schoolmeester. Beerze kreeg omstreeks 1813 een onderwijzer in de persoon van Hendrik Ramerman. De eerste school stond midden in de buurtschap, gelegen tussen erve Kortman (huisnummer 24) en erve Warmink (Tiks, huisnummer 26) aan de Beerzerweg. In 1862 wordt een nieuwe school gebouwd gelegen ongeveer 1 kilometer verderop aan de Beerzerweg 11. Deze plek is zodanig gekozen dat ook de kinderen uit de buurtschap Junne er zoveel mogelijk profijt van hebben. Vervolgens wordt in 1920 op bijna dezelfde plek opnieuw een school gebouwd en in 1938 een nieuwe onderwijzerswoning. In 1985 komt een einde aan de school aan de Beerzerweg 14 en wordt verbouwd tot de huidige woning met een B&B gelegenheid.

Negen scholen
De lagere scholen waren in de zomer gesloten, omdat de schoolmeester en de kinderen moesten werken op het land en ’s winters werd het onderwijs met onderbrekingen gegeven, aangezien de zandwegen er naar toe vanwege het weer soms zo slecht waren dat vele kinderen lopend niet op school konden komen. Pas na 1860 werd het onderwijs krachtiger aangepakt en werden nieuwe scholen gebouwd. Schooltjes in de Marken Arriën, Giethmen, Varsen en Zeesse waren toen al opgeheven. De gemeente Ambt-Ommen kende op een gegeven moment negen lagere openbare scholen in de buurtschappen. Zo hadden Lemele, Lemelerveld, Nieuwebrug, Beerze, Beerzerveld, Hoogengraven, Vinkenbuurt, Dalmsholte en Arriërveld scholen met vaste onderwijzers. De arme gemeente kon deze lasten niet zelf betalen. Door subsidies van Rijk en Provincie bleven de scholen overeind. Uitbreiding en intensivering van het onderwijs waren het gevolg van de Onderwijswet uit 1856. De scholen, behalve die in Stad-Ommen, waren eenmansscholen, dat wil zeggen één onderwijzer gaf les in alle klassen.

Overigens bestond in Stad-Ommen in het begin van de 19de eeuw een gemeentelijke lagere school, die een voortzetting was van de vroegere stadsschool. Het leerprogramma omvatte slechts rekenen, schrijven en lezen. Reeds spoedig voelde het stadsbestuur voor uitbreiding van het schoolprogramma, door aan het rooster lessen in aardrijkskunde, geschiedenis en natuurkunde toe te voegen. Tot dit doel zou dan naast de onderwijzer H. Veenhoven, die sedert 1776 schoolmeester te Ommen was, een tweede onderwijzer moeten worden aangesteld. Daar de gemeente zelf geen geld voor deze post kon vrijmaken, vroeg zij steun aan de Staten van Overijssel, maar die kwam er niet. Lees meer »

1 Reactie »

4 december 2018

Erkenning Ommerschans als Werelderfgoed nog even vooruit geschoven

Categorie: Harry Woertink, Ommerschans.    556 keer gelezen.

OMMERSCHANS – Het op de UNESCO-lijst krijgen van de Ommerschans is nog even vooruit geschoven. Om alle 7 koloniën te kunnen inschrijven als Werelderfgoed is meer tijd nodig.

 ‘Gezigt op het gesticht voor bedelaars binnen de Ommerschans, in Overijssel, van de achter zijde’.
Afbeelding: OudOmmen

Daarom wordt in 2020 de aanvraag opnieuw ingediend. Zoals bekend was eerder dit jaar de aanvraag doorgeschoven omdat de UNESCO meer aanvullende informatie wilde van de initiatiefnemers: de zeven Belgische en Nederlandse Koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid, waaronder ook de Ommerschans. Die aanvullende informatie betreft vooral de motivatie waarom er naast de ‘vrije’ koloniën (Frederiksoord, Wilhelminaoord, Willemsoord en Wortel) ook sprake moest zijn van ‘onvrije’ koloniën (Ommerschans, Veenhuizen en Merksplas). Er was bij de UNESCO veel waardering voor het initiatief tot armoedebestrijding middels de ‘vrije’ koloniën maar het was niet duidelijk genoeg gemaakt in het rapport waarom daarnaast ‘onvrije’ en soms zelf strafkoloniën nodig waren om de ideeën van de Maatschappij te realiseren.

Niet overhaast
Voor die aanvullende informatie wil de stuurgroep ruim de tijd nemen en dus niet overhaast te werk te gaan. “We hopen als bestuur van de Vereniging De Ommerschans natuurlijk van harte dat de aanvulling op het nominatiedossier er inderdaad toe leidt dat alle koloniën een plaats krijgen op de lijst van het Werelderfgoed”, laat de vereniging De Ommerschans in een reactie weten.
Het volledig persbericht van de stuurgroep waarin het vooruit schuiven wordt aangekondigd luidt:

Samenwerken met adviesorgaan UNESCO
Nieuwe stap in het nominatieproces voor de Koloniën van Weldadigheid
Nederland en België gaan in op het aanbod van ICOMOS, het adviesorgaan van UNESCO, om samen te werken aan een aangevuld dossier voor de nominatie van de Koloniën van Weldadigheid als Werelderfgoed. Lees meer »

Reageren »

3 december 2018

Nieuwste uitgave De Darde Klokke over kerk, Wolfskuil en de Rotbrink

Categorie: De Darde Klokke, Harry Woertink.    429 keer gelezen.

OMMEN – In het nieuwste nummer van de Darde Klokke (189) dit keer aandacht voor de geschiedenis van de Christelijke Gereformeerde Kerk in Ommen.

 De jongste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (189).

In 1903 werd aan het Molenpad een nieuwe kerk gebouwd. Voortrekker van de kerkgenootschap in Ommen was Jacob Hendrik van der Bent, boer en jarenlang raadslid. Maar een lang leven heeft deze kerk niet gekend, want na 17 jaar kreeg het pand een andere bestemming en werd zelfs afgebroken. De kerk had destijds in de volksmond de bijnaam het “Varkenskerkje”. Uit de notulenboek van de kerkenraadsvergaderingen van destijds, maar onlangs boven water gekomen, blijkt dat een ruzie om een varken niets te maken had met de oprichting van de kerk.

Verder worden in het historisch tijdschrift de ontwikkelingen beschreven over het aan de zuidkant van Ommen gelegen gebied de Wolfskuil, waar natuur en wonen hand-in-hand gaan. Twee grondeigenaren springen in het oog: baron van Pallandt van Eerde en jonkheer Repelaer. Zij hebben in de loop van de jaren om uiteenlopende redenen stukjes grond verkocht aan vrienden of kennissen, maar ook uit mensenlevende of juist financiële redenen. Daardoor was steeds sprake van verkleining van het bosgebied. Dit tegen de wil van het gemeentebestuur. Maar de naoorlogse ontwikkelingen van woningnood en toename van het kamperen als gevolg van meer vrije tijd relativeren de gang van zaken. De welvaart eind jaren 50 van de vorige eeuw zorgde er voor dat de Wolfskuil hap-snap bebouwd werd met villa’s en middenstandswoningen. Wat er allemaal voor komt kijken om de zandwegen te verharden weten de bewoners van de vroegere Rotbrink heel goed. Behalve dat dan een lange weg te gaan is doet zich ook een drastische wijziging voor van de natuur: van een sloot waarin alles leefde tot een lege sloot zonder leven, zo laat een oud bewoner optekenen in de serie over de Rotbrink.

In de Darde Klokke ook aandacht voor de Eerste Wereldoorlog (1914-1918). Weliswaar bleef Nederland vrij van oorlogsgeweld maar de leefomstandigheden waren moeilijk. Brood en andere voedselproducten op de bon en ook de Spaanse griep brak uit waaraan ook inwoners van Ommen kwamen te overlijden. Voor de Mobilisatie moesten boeren hun paarden beschikbaar houden voor het leger. Abonnees van de Darde Klokke krijgen het blad toegestuurd. Losse nummers van De Darde Klokke zijn te koop bij Read Shop aan de Kruisstraat 3 in Ommen.

Bron: Harry Woertink – 3 december 2018

Reageren »

3 december 2018

Nieuwsbrief CCO nummer 4/2018

Categorie: CCO (Cultuurhistorisch Centrum Ommen), Harry Woertink.    468 keer gelezen.

Elk kwartaal verschijnt er een Nieuwsbrief van het Cultuurhistorisch Centrum Ommen (CCO).

 Nieuwsbrief CCO nummer 4/2018
Klik op deze link om de Nieuwsbrief CCO te lezen.

In Nieuwsbrief nummer 4/2018 wordt melding gemaakt over de plannen die er zijn voor de viering 75 jaar bevrijding in 2020. Er is een zoektocht naar verhalen over de oorlog opgezet. Verder dat de Provincie het project monument “Kamp Erika” in het programma “75 Jaar Vrijheid in Overijssel” heeft geplaatst.

Ook in de Nieuwsbrief de ophanden zijnde “Buurtvisites” op 12, 13 en 14 februari 2019 in het Streekmuseum. Dit keer staan Beerze, Beerzerveld en de Beerzerhaar in de schijnwerper. Ook het succes van de Jumbofotoboek wordt beschreven en de geslaagde filmavond over het stroomgebied van de Vecht. Er is een oproep van het Streekmuseum om ouderwets speelgoed wat nu niet meer in de handel is tevoorschijn te halen: het museum wil het graag tentoonstellen.

Bron: Cultuurhistorisch Centrum Ommen – 3 december 2018

Reageren »

22 november 2018

Beerze een dorp met status

Categorie: Harry Woertink.    848 keer gelezen.

Beerze is een brinkdorp, waarvan reeds in 1227 melding werd gemaakt. Op veel plaatsen langs de weg resteren open ruimtes die onder meer als brink en verzamelplaats voor het vee fungeerden.

Het brinkdorp Beerze.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Beerze”.

Beerze ligt deels in de uiterwaarden van de Vecht. Mensen vestigden zich op de hogere gronden naast de rivier. Daar brachten ze de grond in cultuur, door bomen te kappen en de bodem vruchtbaar te maken met een mengsel van schapenmest en heideplaggen. Heidevelden en schapen waren daardoor lange tijd noodzakelijk voor de opbrengst van het land.

Halletype
De boerderijen waren van oudsher het type Saksische- of Hallenhuis boerderij: een open ruimte waarin mens en dier samen leefden, een lemen vloer en een eiken ankergebint. Stro vormde het dak. Later werd dat riet. Kenmerkend is nu nog het strovlechtwerk op de schuren. Karakteristiek voor de oude Saksische boerderij is ook de zogeheten onderschoer, een inspringende ruimte in de achtermuur van de deel. Men hing er het paardentuig op en zette er melkbussen neer. Tevens werd het paard er neer gezet tijdens een korte schafttijd. In de woonkamer werd ’s winters het voedsel bereid op de grote kachel, die voor de schouw stond. Deze schouw was rondom met mooie tegeltjes versierd. Nog eerder werd op het open haardvuur gekookt. De potten en ketels waren aan een haal met ketelhaak bevestigd, waardoor het mogelijk was de potten naar zich toe te halen, ’s Zomers kookten de vrouwen altijd in het stookhok buiten de boerderij. De woonruimte bevatte in de regel slechts een tweetal ramen en was van de deel gescheiden door een muur, waarin een deur zat aan een kant van de haard. Aan de andere kant van het vuur bevond zich de vaste zitplaats van de boer. Vaak trof men hier in de muur een raampje, zodat de boer zo nu en dan zijn blik kon laten gaan over de deel en het vee in de stallen. In het vertrek waren een groot aantal zware eikenhouten kasten en kisten geplaatst, waarin onder andere het linnengoed werd opgeborgen. Het plafond was van stevige balken gemaakt. In de winter hing er worst en spek te drogen. Verder was een bedstee aan weerskanten van de woonkamer te vinden, vaak diepe en donkere hokken met deuren ervoor, ingebouwd in de muren. De deel diende voornamelijk tot opslagruimte en in de nazomer in gebruik voor het dorsen. Boven de deel waren tasruimten voor hooi en veevoer. De veestallen bevonden zich aan weerskanten van de open deelruimte. Aan de ene kant de koestallen, de kalveren het dichtst bij de woonruimte. Aan de andere kant waren de varkenshokken gebouwd, terwijl hier tevens plaats was ingeruimd voor de paarden, voorzover deze dan aanwezig zijn. In oudere boerderijen stond de WC achter in de stal of buiten het huis.

Lees meer »

Reageren »

16 november 2018

Nieuwe roede onderweg voor de Konijnenbeltsmolen in Ommen

Categorie: Harry Woertink, Molens.    3.151 keer gelezen.

OMMEN – Nog even en dan draait de Konijnenbeltsmolen in Ommen weer met vier wieken. Meer dan een jaar is de molen aan de Zwolseweg dan gekortwiekt geweest.

 De nu nog gekortwiekte Konijnenbeltsmolen krijgt binnenkort alle wieken terug.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Molen De Konijnenbelt”.

De molenmaker gaat de komende week aan de slag met niet alleen het terugbrengen van de roede, maar ook de rieten kap op de molen wordt vernieuwd. Het is een ferme klus die de molen staat te wachten. Ook wordt weer een koningsspil in het hart van de molen teruggebracht. Als eerste wordt met een hoogwerker de kap van de molen getild en tijdelijk in de tuin van het naastgelegen wooncomplex Het Molenerf gelegd. De rietdekker heeft dan de gelegenheid om de kap van nieuw riet te voorzien. De koningsspil kan vervolgens in de molen en als de kap weer teruggezet is wordt met een hoogwerker de stalen roede bevestigd. Als dan ook het hekwerk weer is aangebracht aan de roeden is de molen weer compleet. De Stichting Ommer Molens heeft het beheer over de molen met als molenaar Bastiaan Woertink. Zij zijn erg ingenomen met de medewerking van de bewoners van Het Molenerf. Zij offeren een deel van hun tuin op om zo meer ruimte rondom de molen te krijgen. Ook deze klus wordt de komende dagen opgepakt.

Boutverbindingen
Vervanging van de 22 meter lange roede is nodig omdat uit onderzoek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed bleek dat de boutverbindingen van de zogenaamde gedeelde molenroedes niet veilig zijn. Hierbij bestaat de metalen roede (met daaraan twee wieken) niet uit één stuk tussen de 20 tot meer dan 30 meter lang maar worden twee halve roeden in de kop van de molenas met flenzen en bouten aan elkaar verbonden. Van de circa 1200 molens in Nederland is bij 48 molens deze constructie toegepast, waaronder dus bij de Konijnenbeltsmolen. Al deze molens werden vorig jaar per direct stil gezet. Successievelijke worden deze roeden vervangen. Bij de Vilsterse molen is de roede vorige week vervangen.

Bron: Harry Woertink – 16 november 2018

2 Reacties »

14 november 2018

75 jaar vrijheid wordt in Ommen groots gevierd – Organisaties werken samen aan programma lustrumjaar 2020

Categorie: Harry Woertink, Oorlog en Bevrijding.    634 keer gelezen.

OMMEN – In 2020 is het 75 jaar geleden dat een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. In Nederland wordt dan uitvoerig stilgestaan bij bevrijding en vrijheid.

 Tal van ideeën werden aangedragen voor de viering van 75 jaar vrijheid.
Foto: Harry Woertink

De gemeente Ommen werkt samen met het plaatselijke 4 en 5 mei comité aan de invulling van het programma voor het lustrumjaar 2020. Daarbij worden ook scholen, verenigingen en andere organisaties betrokken. Op woensdag 14 november 2018 was er in het gemeentehuis een inspiratieavond om met elkaar ideeën op te doen over de viering 75 jaar vrijheid. Tal van suggesties kwamen over tafel, zoals concerten met onder andere een militaire kapel en zangkoren, een bevrijdingsfestival, activiteiten verweven in de Ommer Bissingh, een Bevrijdingsontbijt. De komende maanden wordt verder gewerkt aan de uitwerking.

Duidelijk is al wel dat Bevrijdingsdag 5 mei 2020 groots gevierd gaat worden met een feest voor jong en oud. De bedoeling is dat het hele jaar 2020 in het teken staat van vieren en herdenken en stilgestaan wordt bij wat leven in vrijheid betekent. Maar ook om te herdenken wat in de periode 1940-1945 is gebeurd: de mensen die het leven lieten, de mensen die zich hebben verzet tegen de onderdrukking, de bevolkingsgroepen die zijn weggevoerd en zijn omgekomen. Ommen werd op 11 april 1945 bevrijd. Kort daarna was ook heel Nederland bevrijd. Op 15 augustus 1945 werd ook de oorlog in Azië beëindigd.

Na afloop van de bijeenkomst liet burgemeester Hans Vroomen weten blij te zijn met de grote opkomst en ook met de ideeën die zijn aangedragen. Hoeveel geld de gemeente Ommen uittrekt voor de financiering van de viering is nog niet bekend. De provincie Overijssel draagt voor het lustrumjaar 1,5 miljoen euro bij. Hiervan komt 10.000 euro toe aan elke gemeente in de provincie. Bij het provinciaal programma zijn het Memory Museum in Nijverdal, de Canadese begraafplaats in Holten, het Bevrijdingsfestival Overijssel en het Historisch Centrum Overijssel betrokken. Bovendien heeft de provincie een zogeheten kwartiermaker aangetrokken in de persoon van Niek van der Sprong, bij wie men terecht kan voor advies en de gemeenten op de hoogte houdt van actuele ontwikkelingen en nieuwe ideeën.

Bron: Harry Woertink – 14 november 2018

Reageren »

11 november 2018

Karakteristiek pand Erve Slotman in Ommen in ere hersteld

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink.    2.452 keer gelezen.

Aan de noordkant van Ommen aan de Hessenweg West 1 nadert de restauratie van “Erve Slotman” met rasse schreden.

De gerestaureerde boerderij is een sieraad voor de omgeving.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Erve Slotman”.

Het gaat om een van oorsprong karakteristieke boerderij die na bijna 15 jaar leegstand een nieuwe (woon)bestemming heeft gekregen. De restauratie en renovatie van de boerderij met rieten dak, erf, hooiberg en wagenschuur ziet er oogstrelend uit en is een sieraad voor de omgeving.

Erve Slotman
De boerderij was ooit eigendom van de familie Slotman. De laatste officiële bewoonster was Gerritdina Slotman. Zij was als boerin volop actief totdat ze 5 januari 2003 op 81-jarige leeftijd komt te overlijden. De inwonende zuster Martha Aaltje Slotman overleed al eerder: op 16 april 1987 en was toen nog maar 59 jaar. Sinds het overlijden in 2003 van Gerrtdina Slotman heeft het pand leeg gestaan. Projectontwikkelaar Credo uit Oosterbeek koopt dan vervolgens de boerderij van de erfgenamen met de bedoeling op de plek een klein nieuwbouwwijkje te realiseren. Dit zorgt voor veel weerstand. De sloop van de historische boerderij is voor velen onacceptabel en ook omwonenden beginnen zich te roeren. Ze wensen geen nieuwe bebouwing in hun achtertuin. In 2005 komt een onderzoek naar de historische waarde van de boerderij. Dit ook met de bedoeling de boerderij op de monumentenlijst te krijgen. Verder worden mogelijkheden tot herstel en renovatie onderzocht. Intussen blijft er weinig meer overeind van het pand dat ook voor korte tijd nog eens wordt gekraakt. Het onderzoek komt niet verder dan dat sprake is van een karakteristieke boerderij op een historische plek, maar teveel verbouwingen hebben het origineel van de boerderij aangetast.

Dan is het 2016. Ferdinand en Gerla Schuurhuis kopen de inmiddels vervallen boerderij met de bedoeling deze op te knappen en vervolgens met hun kinderen Vera, David en Rachel te gaan bewonen. Er komt opnieuw verzet uit de buurt als de familie het bestemmingsplan wil wijzigen. Maar toch lukt het de familie Schuurhuis uiteindelijk de plannen voor restauratie en renovatie van de boerderij tot een goed einde te brengen en kan de inmiddels gerestaureerde boerderij bewoond gaan worden. Ook de hooiberg en de wagenschuur zijn dan weer in oude glorie hersteld.

Lees meer »

1 Reactie »

5 november 2018

Toekomst Van Raaltehuis nog niet veilig gesteld

Categorie: Gebouwen, Harry Woertink.    782 keer gelezen.

OMMEN – Het behoud van het Van Raaltehuis lijkt verder weg dan afhankelijk verwacht.

 Het Van Raaltehuis in 2015.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Van Raaltehuis”.

Vorig jaar juli werden de eerste plannen gepresenteerd voor bouw van appartementen, waarbij ook een rol was weggelegd voor het in slechte staat verkerend Van Raaltehuis. Dat zou in de nieuwbouwplannen behouden blijven. Echter, het eindigen van de intentieovereenkomst tussen de bouwer en eigenaar Takman heeft een spaak in het wiel gestoken. De gemeente kijkt nu in hoeverre het oude pandje alsnog behouden kan blijven.

De gemeente wil binnenstedelijke ontwikkeling bevorderen. In dat kader hebben Takman IJzerwaren, gevestigd aan de Dr.A.C. van Raaltestraat 26, Ommen samen met Coresta, de Zonnehuisgroep en de gemeente Ommen een intentieovereenkomst gesloten. Doel van deze intentieovereenkomst was de verhuizing/aankoop van een bedrijvenkavel op De Rotbrink en de herontwikkeling van de locatie aan de van Raaltestraat in circa 29 zorg appartementen. Dit in combinatie met de herbouw/restauratie van het Van Raaltehuis.

Vanwege het ontbreken van voldoende financiering is deze intentieovereenkomst beëindigd. Daardoor is het zicht op verhuizing van dit bedrijf naar De Rotbrink verdwenen en raakt de herontwikkeling van de locatie aan de Van Raaltestraat inclusief restauratie van het Van Raaltehuis buiten beeld. Samen met de Stichting van Raaltehuis wil de gemeente Ommen nu deze herontwikkeling oppakken. De financiële consequenties wil het college van B en W van Ommen ten tijde van de behandeling van de begroting 2019 zichtbaar hebben.

Zie ook het artikel “Behoud dominee Van Raaltehuis in Ommen stap dichterbij“.

Bron: Harry Woertink – 5 november 2018

Reageren »

Pagina 10 van 76« Eerste...89101112...203040...Laatste »