11 november 2019

De Tweede Wereldoorlog in 50 foto’s uit Overijssel

Categorie: Harry Woertink, Oorlog en Bevrijding.    115 keer gelezen.

Marcherende soldaten, verwoeste gebouwen, de intocht van de bevrijders. Ieder heeft zijn beeld bij de Tweede Wereldoorlog. Op 15 november begint in Overijssel een zoektocht naar bijzondere foto’s uit de oorlog.

 Foto: Historisch Centrum Overijssel

Het resultaat is een digitaal overzicht en een tentoonstelling over de provincie in oorlogstijd. Er zijn steeds minder mensen met directe herinneringen aan de oorlog. De indruk van deze periode wordt vooral gevormd door algemeen bekend beeldmateriaal. Bij archieven, historische verenigingen en particulieren liggen ook veel lokale foto’s van de oorlog. Door deze beelden bijeen te brengen ontstaat een beeldverslag van deze bewogen periode in de eigen omgeving. Alle foto’s uit de oorlogsperiode in Overijssel komen in aanmerking. Veel mensen bewaarden hun schaarse fotomateriaal voor de komst van de bevrijders, waardoor er relatief weinig foto’s van de bezettingsjaren zijn. Dat kan bijvoorbeeld gaan om zaken als oorlogsschade, onderduikers, voedselschaarste of indrukken van het dagelijks leven.

Commissaris van de Koning Andries Heidema geeft vrijdag 15 november 2019 het startsein voor het project in Overijssel, in bijzijn van vertegenwoordigers van de historische verenigingen. Het publiek kan vanaf dat moment foto’s met beschrijvingen uploaden via www.overijsselviertvrijheid.nl. In januari mag iedereen een stem uitbrengen op de foto’s die zij het meest aansprekend vinden. De oproep is onderdeel van het landelijke project “De Tweede Wereldoorlog in 100 foto’s”. De 50 meest aansprekende foto’s per provincie dingen mee naar een plek in het landelijk overzicht van 100 foto’s. Zowel van het provinciale als landelijke overzicht wordt een tentoonstelling gemaakt.

Bron: Harry Woertink – 11 november 2019

Reageren »

11 november 2019

Ommen in het oude Salland – Het lachende land van Regge en Vecht

Categorie: Harry Woertink.    112 keer gelezen.

Ommen, als het lachende land van Regge en Vecht in het oude Salland. Een krantenverhaal uit 1936, dus van vóór de Tweede Wereldoorlog, als Ommen bekendheid geniet als toeristenoord, maar ook kampt met opkomende werkloosheid.

De brug over de Vecht omstreeks 1936.
Foto: OudOmmen

Het verkeer vraagt verbetering; komt er wel of geen nieuwe brug over de Vecht en een nieuwe weg die het verkeer om de stad heen leidt. Over burgemeester Nering Bögel, een groot voorvechter van het natuurbehoud die de gemeenteraad weet aan te sporen het eeuwenoude landgoed Het Laar aan te kopen. Over Ommen, waar de belastingen bij elders vergeleken, niet hoog zijn en de buidel, hoewel geslonken, nog niet tot op de bodem geledigd is. De ‘Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant’ van 11 januari 1936 bericht als volgt:

Ommen in het oude Salland
Er zijn gemeenten, welker bekendheid verre uitgaat boven hun werkelijke betekenis. Zoo’n gemeente is in Overijssel: Ommen. Het is nog niet eens zoo heel lang geleden, dat men aan het Gare du Nord te Parijs, met hetzelfde genoegen, een kaartje naar Ommen kon nemen als naar Brussel of Amsterdam b.v., terwijl er toch wel eenig verschil in importantie tusschen de Belgische of Nederlandsche hoofdstad, en het stadje, dat daar op het punt van samenvloeien van Vecht en Regge, in Salland ligt, bestaat. Ook: al maakt het met z’n 18.000 H.A. de grootste Overijsselsche gemeente uit. Het Sterkamp. Voor ’t feit dus, dat het met wereldsteden op één lijn werd gesteld, althans voor zoover het de service aan Europeesche hoofdstations betreft, moet wel een bijzondere reden zijn geweest. Door deze te noemen raken we meteen de kern der zaak van Ommen’s vermaardheid: het Sterkamp! Het jaarlijksche kamp der Theosofische beweging, de orde der Ster van het Oosten, is het geweest, dat het stadje zijn wereldnaam gaf. Duizenden leden dezer beweging, meest alle buitenlanders, kwamen dan voor de „Sterweek” uit alle deelen van de wereld naar het Overijsselsche centrumpje toe, om er zich op te houden in de tentenstad van den heer A. F. Folkertsma, voor wat de huisvesting en het maatschappelijk leven aangaat, en verder om er zich te verkwikken en te verrijken aan het woord van hun leider Krishnamurti, en de natuurlijke verrukking van het landgoed Eerde, rond den Besthemerberg. Dat waren gouden dagen voor Ommen, die dagen van de Sterweken; wat zich laat denken, want voor een invasie van eenige duizenden vreemdelingen is nogal wat noodig. De neringdoenden zullen het dan ook wel betreurd hebben, dat Krishnamurti eenige jaren geleden besloten heeft, de organisatie der beweging zoodanig te wijzigen, dat de jaarlijksche samenkomsten niet uitsluitend meer te Ommen zouden worden gehouden. Doch zoo goed als er toen teleurstelling moet zijn geweest om de veranderde situatie, evenzeer zal er thans weer vreugde zijn in hun hart wegens den terugkeer der orde-leden naar Eerde in den a.s. zomer.

Met de schenking van zijn 132 H.A. groote landgoed aan de beweging, heeft baron van Pallandt, in wiens familie het, evenals het eeuwenoude kasteel, sinds menschenheugenis is geweest, destijds wel zeer velen aan zich verplicht. Nadien is het weer aan hem teruggevallen, naar men weet. Echter: niet uitsluitend door Eerde en de Ster ontving Ommen zijn renommee. En ook al staat het zoo, dat we, ten einde de faam van het stadje te hooren verkondigen, verder binnen de landsgrenzen kunnen blijven, daar zijn er dan ook velen, voor wie de naam alleen al de herinnering wakker roept aan kampvuren en stille zomernachten, aan wijde luchten en golvende roggevelden, aan bosschen, vennen, heide en kronkelende riviertjes, alsmede aan de verrukkelijke panorama’s, genoten van den Lemeler- of Archemmerberg.

Lees meer »

Reageren »

8 november 2019

Nieuwste De Darde Klokke over stadsrechten en Joods leven in Ommen

Categorie: CCO (Cultuurhistorisch Centrum Ommen), De Darde Klokke, Harry Woertink.    120 keer gelezen.

OMMEN – In het nieuwste nummer van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (193) dit keer aandacht aan het Joodse leven vroeger in Ommen.

 De jongste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (193).

Verder wordt er in beschreven met welke bisschoppen Ommen ooit van doen heeft gehad, de voordelen van stadsrechten komt de vroegere klederdracht uitgebreid aan de orde.

Joodse gemeenschap
Ommen kende voor de Tweede Wereldoorlog een actieve Joodse gemeenschap. Zo was Hartog de Levie, zoon van een Joodse vleeshouwer uit de Brugstraat die viool speelde. Op avonden pakte Hartog zijn viool, stak de straat over en liep bij de familie Oldeman naar binnen. Vader Harm Oldeman schoof achter de piano en Hartog speelde lustig op de viool terwijl mevrouw Oldeman en de kinderen fungeerden als publiek. Harm Oldeman en Hartog de Levie deelden meer interesses. Ze konden uren praten over de meest ingewikkelde wiskundige problemen of over astronomie. Ook bouwden zij samen radio’s. Met honingraatspoelen, diodes, luchtcondensators en gevoed door een plaatstroomapparaat resulteerde dit in een primitieve radio-ontvangst. In 1927 hield Koningin Wilhelmina haar eerste radiotoespraak. Harm Oldeman en Hartog de Levie gingen met kisten met materiaal naar de Hervormde kerk. Daar beklommen zij de wankele houten trappen van de kerktoren. Op de toren plaatsten zij een grote antenne. In de kerk werd door de twee jongemannen, toen eind twintig, begin dertig, een radio-opstelling neergezet. De kerk stroomde vol met mensen die de eerste radiotoespraak van koningin Wilhelmina wilden horen. De ontvangst was niet optimaal, maar de mensen in de kerk luisterden met ingehouden adem naar de woorden van hun koningin.

1248
In de nieuwe kwartaaluitgave van De Darde Klokke ook een bijdrage over bisschoppen die het lot van Ommen bepaalden, maar ook zorgden dat Ommen in 1248 stadsrechten kreeg. Ommen kreeg hiermee dezelfde rechten en vrijheden als de steden Deventer, Zwolle en Kampen. Een groot voordeel voor een plaats die stadsrechten verwierf was de beveiliging van de inwoners. De plaats werd namelijk voorzien van een zogenaamde ommuring met daarin, voor wat Ommen betrof, een drietal poorten. Deze ommuring was volgens historici niet echt van steen maar met hout versterkte aarden wallen omgordend met een gracht. Lees meer »

Reageren »

5 november 2019

Historie en toeristische informatie hand in hand in nieuw cultuurhistorisch centrum Ommen

Categorie: CCO (Cultuurhistorisch Centrum Ommen), Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    240 keer gelezen.

OMMEN – Eén plek voor een museum, de historische vereniging en een toeristisch informatie punt (TIP) bij de molen aan Den Oordt in Ommen. Dat moet de uitbreiding van het huidige Streekmuseum gaan opleveren.

Illustratie van de uitbreiding van het huidige Streekmuseum.
Afbeelding: Gemeente Ommen
Zie voor meer afbeeldingen het album “2020 – Uitbreiding Streekmuseum”.

Het bouwplan is gereed en als het aan het bestuur van het Cultuurhistorisch Centrum Ommen (CCO) ligt gaat in het voorjaar van 2020 de schop de grond in en volgt in de wintermaanden van 2020 de inrichting van een nieuw museum. De uitbreiding van het museum met daarin ook onderdak voor de historische tak van de vereniging staat sinds 2016 hoog op het verlanglijstje van het CCO, toen het Streekmuseum en de Historische kring (HKO) samen op zijn gegaan in één vereniging. Voor de uitbreiding is totaal 680.000 euro nodig. Hiervan draagt de gemeente 440.000 euro bij. De provincie heeft 100.000 euro in de bouwkosten toegezegd en de ontbrekende 140.000 euro neemt het CCO voor eigen rekening.

Motie
Op 27 juni 2019 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen waarin het college gevraagd is om de huisvesting te onderzoeken van het Cultuurhistorisch Centrum Ommen, het Toeristisch Informatie Punt, Natuurlijk Ommen en de plannen van de Molenstichting voor het zaagvaardig maken van molen Den Oordt. Dit onderzoek is verricht door Stimuland waarbij de belangrijke conclusie van het rapport is dat de nieuwbouw van het CCO realiseerbaar is. Burgemeester en wethouders onderschrijven het rapport maar concluderen ook dat hiervoor wel een forse extra investeringsbijdrage nodig. Nog belangrijker is de conclusie dat partijen op een nieuwe locatie echt willen samenwerken. Het geschikt maken van molen Den Oordt als zaagmolen op korte en middellange termijn lijkt niet realistisch. Kortheidshalve is aangegeven dat nieuwbouw van Het CCO met inpassing van een TIP haalbaar is met een extra bijdrage van de gemeente. Hierbij wordt afgezien van het geschikt maken van molen Den Oord als zaagmolen. Tevens wordt aangegeven dat de huidige locatie van Natuurlijk Ommen de meest realistische lijkt.

Lees meer »

Reageren »

2 november 2019

Klederdracht ook in Ommen al lang voorbije mode (3)

Categorie: Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    626 keer gelezen.

Tegenwoordig moet je er voor naar het museum, vroeger was het in het dagelijks leven gewoon te zien op straat, op de markt, in de kerk of bij bijzondere gebeurtenissen. Hoe de mensen in de achttiende- en negentiende eeuw in Salland gekleed waren.

 Werkmutsje van katoenen broderie en staande achterkant met plooien, een gehaakte rand en nopjesrand aan de voorkant en een grote strik.
Zie voor meer foto’s bij dit artikel.

Zondags
Vrouwen droegen een knipmuts, die bestond uit een wit kapje van tule met geborduurde bloemmotieven. Er werd altijd een zwarte- of donkerblauwe ondermuts gedragen om te voorkomen dat de witte muts snel vuil werd. Om een muts te wassen moest deze uit elkaar gehaald worden, met de hand gewassen, dan gesteven met Crack Free rijststijfsel, gestreken en opnieuw in elkaar worden gezet. Een gebloemde knipmuts met een los vallende achterstrook werd meestal alleen op zondag gedragen. Gaat het om een knipmuts met grote gekantkloste bollen dan is sprake van hoe beter het bestaan; zijn de omstandigheden minder dan hoe kleiner ook de bollen. Rond 1880 was nog sprake van kleine bollen maar ze werden met de jaren groter. Wie moeite had om zelf het lint om de muts te krijgen deed een zogeheten lintentuigje over de knipmuts heen, zodat de muts goed bleef zitten.

Verder droegen de vrouwen een zwart jak met lange mouwen, aan de voorkant versierd met kant en plooien. Gecombineerd met een zwarte rok met daar overheen een zwarte zijden schort. Onder deze rok droeg men 3 à 4 onderrokken en zwarte schoenen. Naast de zondagse kleding bezat men het ‘daagse uitgaanskostuum’. Geen werkkleding maar kleding die men droeg als ze doordeweeks van huis gingen. Men droeg dan een muts, ook wel troelamuts genoemd. Een katoenen muts versierd met kant met aan de voorkant een geplooid bandje. Op doordeweekse visites zoals buurt- kraam- en Nieuwjaarsbezoek werd een eenvoudige zogeheten visitemuts gedragen, ook wel troela genoemd. De bol van broderie-stof en een breed geplooide achterstrook. Een dubbel geplooide voorkant van twee stroken op elkaar en een grote strik. Hier ging men mee op visite of naar de markt, maar werd niet gedragen naar de kerk. Verder droeg men een blauw/wit jak, die met een schootje over de rok werd gedragen. Hieronder zat ook een zwarte rok met aan de onderkant een stootrand, waar overheen een blauw/wit geblokte schort werd gedragen. Men liep op wit geschuurde klompen. Bij koud weer werd er een omslagdoek gedragen en als tas droeg men een rieten spoormandje. Wanneer de knoop van het knoopdoek, dat de hals van de vrouw bedekte, naar beneden hing, dan was de vrouw vrijgezel; stond de knoop rechtop dan werd daarmee aangegeven dat de vrouw getrouwd was. Lees meer »

1 Reactie »

26 oktober 2019

‘Boten’ markeren historisch weg- en waterknooppunt van Hessenweg en Vecht

Categorie: Harry Woertink.    230 keer gelezen.

Het lijkt er op dat overstromingen van de Vecht boten over de dijk hebben gespoeld en de bemanning overboord is geslagen. Maar dat is het niet, ondanks dat boten normaal gesproken in het water behoren te liggen.

Waterknooppunt

‘Boten’ langs de Hessenweg en Vecht markeren een historisch weg- en waterknooppunt tussen Ommen en Zwolle.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “2019 – Waterknooppunt”.

Hier, op een historisch weg- en waterknooppunt aan de Hessenweg Ommen-Zwolle, heeft kunstenaar Cornelius Rogge een aantal boten als kunstwerk op het land gehaald om ze hun verhaal te laten vertellen. Het zijn als het ware zieleschepen, een onderdeel van het kunstproject ‘Kunstwegen’. Op elke ‘boot’ is een tafereel te zien. Ze vergezellen elkaar op een avontuurlijke langs de Vechtdijk ter hoogte van de zogeheten Kromme Kolk, ingeklemd tussen Berkum en de Hessenpoort in de gemeente Zwolle. Hier kwam ooit het Lichtmiskanaal uit in de Vecht. De Hessenweg deed dienst als internationale landsweg voor verbinding met het Duitse achterland.

Lichtmiskanaal
Bij de Kromme Kolk kwam het Lichtmiskanaal uit in de Vecht. Dit kanaal verbond Zwolle via de Vecht met de Dedemsvaart. Zo was ook vanuit Ommen via het Ommerkanaal, de Dedemsvaart en het Lichtmiskanaal Zwolle per schip bereikbaar. Op de Hessenweg zorgde een ophaalbrug dat het dat het verkeer over het kanaal kon. Het scheepvaartverkeer van kanaal naar rivier werd in de Vechtdijk geschut via een schutsluis. Het kanaal ontsloot de grote veengebieden op de grens van Overijssel en Drenthe en maakte het mogelijk turftransporten te vervoeren naar de Turfmarkt in Zwolle. Het Lichtmiskanaal werd gedempt bij de aanleg van de Rijksweg van de huidige A28. In de uiterwaarden van de Vecht is een klein stukje van het kanaal, tussen de vroegere sluis en de rivier bewaard gebleven. Naast de schutsluis in de Vechtdijk was destijds herberg ´de Kakelaar´ gevestigd. Deze herberg/boerderij lag tegenover het landhuis Dijkzicht en het grote parkbos aangelegd door de Zwolse tuinarchitect Georg Anton Blum. De in 1895 geopende tramlijn Dedemsvaart-Zwolle liep vlak langs de herberg die hier tot 1934 heeft gefunctioneerd. Met het gereedkomen van de nieuwe brug over de Vecht veranderden de verkeersstromen. Daarom werd toen een nieuw en modern restaurant gebouwd aan de overzijde van de Vecht aan de Kranenburgweg met de nieuwe naam ‘De Toerist’. In 1995 werd dit restaurant overgenomen door Van der Valk. In 2013 verhuisde Van der Valk naar een nieuw gebouw direct naast de A28 en is inmiddels De Toerist gesloopt.

Berkumerbrug
Dankzij de gunstige ligging aan weg- en waterwegen kende Zwolle een bloeiende economische positie. Zwolle bestond als handelsstad bij de gratie van het vervoer over de Vecht. Om als handelsstad en doorvoerhaven het volle profijt te trekken bouwde Zwolle in 1451 een houten ophaalbrug over de Vecht, de Berkumerbrug. Deze brug zorgde voor de belangrijke aansluiting op de handelsroute langs de noordelijke oevers van de Vecht richting de Duitse handelscentra. Zodoende boog men de handelsweg van Duitsland naar Holland over en langs de Vecht op naar Zwolle. Tot 1835 werd er ook tol geheven.

Lees meer »

Reageren »

23 oktober 2019

Lezing over het leven van Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde

Categorie: Baron van Pallandt, Harry Woertink.    243 keer gelezen.

OMMEN – Op zaterdag 2 november 2019 organiseert het Cultuurhistorisch Centrum Ommen in samenwerking met de Oudheidkundige vereniging Den Ham Vroomshoop een lezing over het leven van Philip Dirk baron van Pallant van Eerde.

 Het boek ‘Een Landgoed als leerschool. Biografie van Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde (1889-1979)’.
Afbeelding: Harry Woertink
Zie ook het album “Boekpresentatie ‘Landgoed als Leerschool’”.

De lezing wordt gegeven door mevrouw Joke Draaijer. Zij is onlangs gepromoveerd op de Rijks Universiteit Groningen op een proefschrift met als titel “Een Landgoed als leerschool. Biografie van Philip Dirk baron van Pallandt van Eerde (1889-1979)”. De lezing wordt gehouden in het gebouw “De Rank” aan de Brinkstraat 6 in Den Ham en begint om 15.00 uur. De toegang is gratis.

Boek
Het is de eerste wetenschappelijke biografie over het leven van Philip Dirk baron van Pallandt. Het laat zien hoe hij de ingrijpende en dramatische ontwikkelingen die tijdens zijn leven plaatsvonden, verstond en verwerkte. Joke Draaijer heeft haar onderzoek samen weten te vatten in een bijna 400 bladzijde tellend boek. In een mooie biografie, gebaseerd op diepgaand bronnenonderzoek en egodocumenten, is Draaijer op zoek gegaan naar de wortels van het idealisme van Van Pallandt.

Landgoed
Philip Dirk baron van Pallandt groeide op in Den Haag en op het familielandgoed Duinrell. Als jonge man genoot hij alle voorrechten van zijn stand. Na het stoppen van het huisonderwijs wist hij niet goed welke kant hij uit moest. Toen hij in 1913 onverwacht kasteel en landgoed Eerde bij Ommen erfde, kreeg zijn belangstelling voor de natuur een nieuwe dimensie. Ook op spiritueel vlak ontwikkelde hij zich.

Krishnamurti
Baron van Pallandt kwam in contact met Krishnamurti en schonk zijn landgoed in 1924 aan een stichting die de ‘wereldbroederschap der mensheid’ wilde dienen. Zeven jaar later kreeg hij het terug. Na de Tweede Wereldoorlog, waarin hij enkele maanden gevangen zat in Buchenwald, zette hij zich vooral in als bestuurder van de scouting en natuurbeschermingsorganisaties.

Bron: Harry Woertink – 23 oktober 2019

Reageren »

22 oktober 2019

Kasteel Eerde krijgt zichtlijn terug

Categorie: Harry Woertink, Kastelen & Havezates, Landgoederen.    304 keer gelezen.

OMMEN – De zichtlijn van kasteel Eerde bij Ommen komt weer terug. Natuurmonumenten is deze week begonnen met het herstellen van de zichtlijn vanaf kasteel Eerde tot aan de ‘woeste gronden’ met bos en hei in de Boswachterij Ommen.

Zichtlijn Eerde hersteldDe zichtlijn van kasteel Eerde bij Ommen wordt door Natuurmonumenten hersteld.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “2019 – Herstellen zichtlijn”.

De zichtlijn is er ooit eerder geweest, maar werd onderbroken door later geplante bomen. Het gaat om bijna twintig robuuste beuken en eiken, waarvan sommigen wel een eeuw oud zijn. Daarvoor in de plaats worden welgeteld 128 jonge eiken teruggeplant, in een dubbele laan aan weerszijden van de door te trekken oprijlaan van het uit 1715 daterende kasteel, de Kasteellaan. De nieuwe oprijlaan buigt straks achter het koetshuis bij de kantoren van Natuurmonumenten af naar de parkeerplaats voor medewerkers. Bezoekers kunnen straks na die afslag verder wandelen naar de woeste gronden van de boswachterij Ommen, via een graspad door bloemrijk grasland. De nieuwe bomen worden komend voorjaar geplant in de zelfde maatvoering als langs de Kasteellaan.

Frans classicisme
Kasteel en landgoed Eerde zijn uniek voor Nederland. Het oorspronkelijke ontwerp uit het begin van de achttiende eeuw, volgens het Frans classicisme, is gaaf bewaard gebleven en een zeldzaam voorbeeld van tuinarchitectuur. De werkzaamheden zijn eigenlijk het laatste stukje in de symmetrische tuinkunstpuzzel die Landgoed Eerde is. Met het herstel van de beukencarré en het Grand Canal is het levende tuinkunst museum op landgoed Eerde weer compleet. Om de ontbrekende schakel tussen de Kasteellaan en het Grand Canal uit te kunnen voeren moet grotendeels Boswachterij Ommen van Staatsbosbeheer worden aangedaan. Lees meer »

Reageren »

16 oktober 2019

Licht op groen voor vernieuwing Streekmuseum in Ommen

Categorie: Harry Woertink, Streekmuseum Ommen.    297 keer gelezen.

 OMMEN – Als de gemeenteraad eind deze maand instemt met de begroting 2020 kan het licht op groen voor vernieuwing van het streekmuseum tot een Cultuurhistorisch Centrum (CCO).

Licht op groen voor vernieuwing van het streekmuseum tot een Cultuurhistorisch Centrum (CCO).
Foto: Harry Woertink

Tegelijk is er dan ruimte voor een Toeristisch Informatie Punt (TIP) in het CCO. Uit de gemeentelijke begroting blijkt dat een eerste financiering is gevonden door een deel van de huidige subsidie aan de CCO te kapitaliseren tot een bedrag van € 150.000 incidenteel.

Maar nu de definitieve plannen bekend zijn wordt voorgesteld dit terug te draaien en de gehele subsidie van 11.000 euro te kapitaliseren tot een bedrag van 440.000 euro om de nieuwbouw mogelijk te maken. Dit bedrag is gebaseerd op een afschrijvingstermijn van 40 jaar voor nieuwbouw van het streekmuseum.

De uitbreiding van het museum met daarin ook onderdak voor de historische tak van de vereniging staat sinds 2016 hoog op het verlanglijstje van het CCO, toen het Streekmuseum en de Historische kring (HKO) samen op zijn gegaan in één vereniging.

Bron: Harry Woertink – 16 oktober 2019

Reageren »

5 oktober 2019

Op zoek naar de wortels van het idealisme van Philip Dirk Baron van Pallandt van Eerde

Categorie: Bekende personen, Boeken & Tijdschriften, Harry Woertink.    478 keer gelezen.

OMMEN – Wie was Philip Dirk Baron van Pallandt (1889-1979). Waarom gaf hij zijn bezittingen weg. Wat betekende zijn inzet voor de natuur.

 Eerste exemplaar van het boek voor Erin Oudshoorn (rechts) met links de auteur van het boek Joke Draaijer.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Boekpresentatie “Landgoed als Leerschool””.

Waarom zijn warme belangstelling voor de theosofische beweging en scouting. Wat was zijn drijfveer om zich in te zetten voor mensen die het minder goed hadden. Antwoorden op al dit soort vragen zijn te lezen in het nieuw verschenen boek van Joke Draaijer “Landgoed als leerschool”. Het boek is de eerste wetenschappelijke biografie over het leven van Philip Dirk baron van Pallandt. Het laat zien hoe hij de ingrijpende en dramatische ontwikkelingen die tijdens zijn leven plaatsvonden, verstond en verwerkte. De auteur van het boek promoveerde in Groningen als godsdienstwetenschapper op de biografie van de baron en heeft haar onderzoek samen weten te vatten in een bijna 400 bladzijde tellend boek. In een mooie biografie, gebaseerd op diepgaand bronnenonderzoek en egodocumenten, is Draaijer op zoek gegaan naar de wortels van het idealisme van Van Pallandt. De presentatie van het boek vond zaterdag plaats in kasteel Eerde in aanwezigheid van familie van Van Pallandt. Het eerste exemplaar van het boek werd aangeboden aan de dochter van de baron, mevrouw Erin Oudshoorn-barones van Pallandt.

Duinrell
Philip Dirk Baron van Pallandt groeide op in Den Haag, op het familielandgoed Duinrell. Als jonge man genoot hij alle voorrechten van stand. Na het stoppen van het huisonderwijs wist hij niet goed welke kant hij uit moest. Tot dat hij onverwacht in 1913 het landgoed Eerde onder Ommen hem persoonlijk wordt nagelaten door een achterneef van zijn vader. Zijn vader ontraadde hem deze erfenis te aanvaarden, omdat hij niet het kapitaal had om het bezit te onderhouden, maar dit advies sloeg hij in de wind. Zoals hij later ook het advies in de wind sloeg om zijn bezittingen niet van de hand te doen. De adel ziet het tenslotte als haar opdracht om familiebezit zo lang en zo goed mogelijk in stand te houden. Toen hij naar Eerde verhuisde kreeg zijn belangstelling voor de natuur een nieuwe dimensie.

Krishnamurti
Ook op spiritueel vlak ontwikkelde hij zich. Hij kwam in contact met Krishnamurti, een Indiase ‘wereldleraar’ en haalde hem met zijn beweging naar Eerde’. Van Pallandt kwam in aanraking met Krishnamurti via Koos van der Leeuw, bestuurslid van de Nederlandse afdeling van de Theosofische Beweging, die hij via zijn scoutingnetwerk had leren kennen. Krishnamurti ontwikkelde zich tot een van de gidsfiguren in het leven van Van Pallandt. Lees meer »

Reageren »

Pagina 1 van 7412345...102030...Laatste »