микрозаймы

9 juli 2020

Cantinewagen voor soldaten in Indië met de groeten uit Ommen: “’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet”

Categorie: Harry Woertink, Oorlog en Bevrijding.    484 keer gelezen.

Tussen 1945 tot 1949 werden tienduizenden dienstplichtige Nederlandse soldaten (en vrijwilligers) naar ‘Indië’ – het huidige Indonesië – gestuurd om daar ‘orde en vrede’ te brengen.

1947. De door de inwoners van de gemeente Ommen geschonken cantine-wagen in gebruik bij het Regiment Jagers in Ned. Indië.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Nederlands-Indië”.

Ruim zesduizend mannen zijn helaas nooit van hun missie teruggekomen. Zij sneuvelden, verongelukten of overleden aan ziektes. Uit de gemeente Ommen zijn 132 mannen uitgezonden geweest. Voor het welzijn en ontspanning van de jonge soldaten in Nederlands-Indië werd een landelijke organisatie opgericht: Nationale Inspanning Welzijnsverzorging Indië, kortweg: de Niwin. Deze organisatie zamelde geld in en zorgde voor tijdschriften, sportartikelen, boeken en films voor de troepen. Ook werden regelmatig sigaretten en chocolade gestuurd. In Ommen werd op initiatief van burgemeester C.E.W. Nering Bögel een plaatselijk Niwin-comité opgericht.

Mobiele cantine
De Nederlandse militairen in Indië richtten overal waar ze min of meer permanent verbleven cantines in, met weinig middelen en veel toewijding, fantasie en improvisatietalent. Maar als ze op pad waren was een mobiele cantine met koffie, thee, frisdrank, gevulde koeken en wat dies meer zij, zeer welkom. Die wens kwam door bij het thuisfront. Daarom werden verschillende acties georganiseerd die geld in het laatje brachten om mobiele cantinewagens te kunnen kopen. In Ommen was het plaatselijk Niwin-comité erg actief. Zo werden in de toneelzaal van De Zon films gedraaid en de muziekverenigingen Crescendo en SDG zamelden geld in met een muzikale rondgang.

“’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet”
Begin 1947 was er in Ommen genoeg geld ingezameld om voor ongeveer 12 mille een cantinewagen te kopen. De wagen werd in Nederland klaargemaakt. Men was van mening dat er op de wagen een speciaal opschrift moest komen om in Nederlands-Indië te laten merken dat de bevolking van Ommen met de Nederlandse militairen meeleefde. Daarvoor werden twee ontwerpen ingediend. Het eerste was afkomstig van burgemeester Nering Bögel en luidde in het dialect: “Loat mar kuul’n, ’t löp wel lös”.

De tweede tekst, ook in het dialect was bedacht door gemeenteambtenaar Gerard Veurink: “’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet”, waaraan, als ondertekening nog werd toegevoegd: “’t Volk van Ommen”. De tekst van Veurink werd als beste gekozen. Nering Bögel was daar ook zeer content mee. Als burgemeester had hij zich in Ommen wel zo veel prestige opgebouwd dat hij dat niet nog eens hoefde te verdedigen. Sindsdien is de tekst van Veurink “’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet” de Ommer groet bij uitstek geworden.

Bezichtiging
Voordat de Ommer cantinewagen naar Indië werd verscheept kon deze eerst nog even bezichtigd worden. Ook in de buurtschappen werd de cantinewagen getoond aan ouders, vrouwen en verloofden van de militairen die naar Nederland-Indië uitgezonden waren. De Ommer cantinewagen werd na aankomst in Indië in Batavia gestationeerd samen met die uit Leiden. Leiden stelde ook een wagen beschikbaar voor Makassar. Bij de verdeling van de wagens werd zoveel mogelijk rekening gehouden met de militairen afkomstig uit de plaatsen die de wagens hebben geschonken. Zo kwam de wagen uit Gouda in Palembang en van Oldenzaal in Medan. Uit Kampen en IJsselmuiden in Padang en die van Amsterdam in Semarang. De cantinewagen uit Apeldoorn kwam terecht in Tjilatjap en uit Katwijk en Rotterdam in Soerabaja. De cantinewagens van Vlaardingen en Enschede kwamen in Makassar, bovendien ging een cantinewagen van Enschede naar Semarang en die van Assen ging naar Cherebon.

Waardering via open brief
Zo ontstond in Indië de CADI (Cantinedienst), die de soldaten in de kazerne en te velde met verfrissingen en versnaperingen ondersteunde. De geste uit Ommen werd enorm gewaardeerd, zo blijkt uit een door burgemeester Nering Bögel ontvangen open brief van de officier van het regiment Jagers: “Aan het volk van Ommen. We konden het niet geloven. Hij was er. De bemanning heeft hem de honderd haarspeldbochten doorgesleurd en daar stond-ie dan. De klep ging open er kwam tabak, chocolade, kauwgum, pepermunt, schoensmeer en tandpasta te voorschijn alsof ’t niks was. Gratis pakjes shag van de Grote Weduwe en gratis limonade. Zonder trucs of dubbele bodem. Op de wand stond ’n vriendelijk wapen en een hartstochtelijke wens: “’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet. ’t Volk van Ommen”. We hebben het geprobeerd uit te spreken, maar ’t ging niet best, want we komen niet uit Ommen. We zijn er zelfs nooit geweest, maar we weten nu al, dat het er goed wonen moet zijn. Dat er hartelijke mensen moeten wonen. Ommen is nu niet bepaald een wereldstad,, maar ze hebben het toch maar gelapt om ons deze oaseachtige automobiel te sturen. En dit is dan de hartelijke dank van alle jagers aan het volk van Ommen, dat sympathiek blijk heeft gegeven mee te leven met ons en ons leven in Indië, weer even een gouden randje heeft gegeven. J. van Geemert, R.A.O. off 3e R. Jagers”, tot zover de open brief aan de Ommer burgerij.

Bron: Harry Woertink – 9 juli 2020

Reageren »

• • •

Geen reacties »

Nog geen reacties.

Voeg een reactie toe

*
Voer het hiernaast afgebeelde woord in. Klik op de afbeelding om het woord af te luisteren.
Anti-spam image