1871

1871 – Raadsnotulen Stad Ommen

Categorie: Archief Jan Lucas / Peter Vosselman†, Raadsnotulen.    2.001 keer gelezen (sinds 25-08-2007).

Voorzitter van de raad: A.C.Bouwmeester, burgemeester.
Raadsleden: J.Veldhuis Kramer, H.Oldeman, E. ten Tooren, J.Kroon, J.B.van der Beek, J.Weenink, K.Hurink, J.P.Hulst en J.Bosma,
Wethouders: J.Veldhuis Kramer en J.Bosma.

  • 7 jan. In het Ommerbosch houden zich veel vossen en ander schadelijk gedierte op, zodat besloten wordt een grote klopjacht te houden.
  • 2 febr. De aanzienlijke vermindering van de opbrengst van de publieke verpachting van de 190 koe- en de 60 kalverweiden in het Koeveld en de Woeste geven burgemeester en wethouders aanleiding de raad voor te stellen om in 1871 alleen de weiden in het Koeveld te verpachten en het grasgewas der Woeste openbaar te verhuren Dit voorstel wordt verworpen met 7 stemmen tegen en 2 stemmen voor. De openbare verpachting van de 160 koe- en 60 kalverweiden in het Koeveld en de Woeste wordt gehouden op 18 april en levert in vergelijking tot het afgelopen jaar een meeropbrengst op van f576,10. Totale opbrengst is thans f 1209,–.
  • 21 febr. Te Stad-Ommen zijn blijkens een opgaaf aan de C.d.K van Overijssel aanwezig:
    2 brandspuiten met toebehoren en een aanjager, een handbrandspuitje benevens 6 brandhaken en 4 brand-ladders. De persslangen bij de beide spuiten en de zuigbuis bij de aanjager zijn door nieuwe vervangen, de cylinders en zuigers in de spuit No.2 zijn mede vernieuwd en het overige brandmateriaal is onlangs in goede staat gebracht. Een voldoend personeel is bij de brandspuit en den aanjager en het handbrandspuit je aanwezig. Er zijn dit jaar (1870) twee oefeningen gehouden.
  • 3 april. Burgemeester en wethouders benoemen het volgende brandweerpersoneel:
        a. bij den aanjager;
         tot regelaars bij de aanvoerslang:
         No.1 J.G.Bosch, huisnr.14
         No.2 E.Ravenhorst, huisnr.301
        b. bij de brandspuit No, 1
         tot lantaarndrager:
         nr,1 E.tfenink, huisnr,226.
         tot pomper:
         nr.10 D.J.Kelder,huisnr.72.
        c. bi.j de brandspuit nr,2
         tot lantaarndragers:
         nr.2 W. Willems, huisnr.39.
         nr.3 D ten Toren, huisnr.99.
  • 3 april. Tot koeherder wordt benoemd H.J.Bosscher te Stad-Ommen (beloning f 120,- per jaar onder voorwaarde dat zijn jongere broer of iemand anders boven de 14 jaar onder goedkeuring van het gemeentebestuur hem dagelijks zonodig behulpzaam zal zijn). Voordien van R.Moddejonge (overleden) koeherder.
  • 3 april. Te Ommen overnacht een detachement van het 4e Regiment Husaren, bestaande uit:
    1 officier, 18 onder-officieren, henevens 3 officierspaarden en 13 troepen-paarden. Zij zijn op doorreis van Hoogeveen naar Deventer, De burgemeester van Stad-Ommen moet zorgen voor huisvesting, voeding en stalling en voor de eventueel nodig geachte transportmiddelen.
  • 26 mei. 37 personen zenden een verzoek aan de raad op spoedig over te gaan tot verbetering van de weg van de Ommerdijk naar de Zuidermars alsmede van de weg tussen het eerste en tweede blok op de Dante, speciaal tegen de slagen (stuifzand) nabij S. de Bruin en verderop tegen het slag van B. van der Vecht (waar dit weggedeelte gedurende de maanden april en mei doorgaans onder water staat.
  • 27 mei. Nu de pokziekte afneemt wordt besloten de Ommer Bissing wel te houden.
    Besloten wordt de nachtwaker in verband met het brandgevaar in de zomermaanden tot 4 uur i.p.v. tot 3 uur dienst te laten doen, omdat in de regel om 3 uur nog niemand op is. Van 1 mei tot 1 aug. zal daarom de klapwachter tot 4 uur rondgaan en om 4 uur i.p.v. om 3 uur afluiden.
  • 8 juni. Burgemeester en wethouders verlenen aan Hendrik Hoek, landbouwer te Stad-Ommen, vergunning tot het plaatsen van een spikke (dam) om met zijn vee van de Varsenerdijk in zijn land op de Achtermars te kunnen komen.
  • 28 juni. De Belg Jacques Delory, oud 65 jaar, wordt op transport gesteld van de Ommerschans naar België omdat het niet kan worden toegelaten tot de bedelaarskolonie. Deze man is niet in staat om te voet naar het spoor te worden gebracht. Hij is zeer slecht ter been en bovendien kan niemand hem verstaan (brief adj.- dir.Bosma van de Ommerschans) De reis vangt aan op 28 juni. Rijksveldwachter A.Adamse brengt het ‘s-morgens van Ommen naar Zwolle. Hier neemt H.C.van Beugen, rijksveldwachter hem over voor transport naar Rotterdam (29-6-1871) vandaar gaat het naar Dordrecht. Op 30 juni 1871 naar Moerdijk en op 3 juli komt hij te Eindhoven aan. Hier wordt hij ter beschikking van de Officier van Justitie gesteld voor overdracht aan de Belgische autoriteiten.
  • 3 juli. A. Dijkerman volgt zijn vader G.A. Dijkerman, overleden op 29 juni, op als cipier van het Huis van Bewaring te Ommen.
  • 4 juli. De heer J.G. Kramer te Ommen krijgt van de C.d.K. Overijssel vergunning tot invoer van door hem bij de grensbewoners in Pruisen opgekochte schapenwol.
  • 15 juli. ’s Middags om 3 uur breekt brand uit ten huize van F.J. Wanningen, gelegen in het middenpunt der Stad-Ommen. Het huis brandt geheel af.
  • 15 juli. G.J. Podt, J. Kramer en nog een derde richten de volgende brief aan de raad der gemeente Stad-Ommen:
    “Geven met verschuldigde eerbied te kennen de ondergetekenden Brandmeesters bij de brandweer uwe gemeente;
    dat zij naar aanleiding van den eed bij de aanvaarding hunner bediening afgelegd, in verband met de bepalingen van het politiereglement regelende de brandweer;
    U steeds gewezen hebben op den onvoldoende toestand der brandblusmiddelen;
    dat zij van het dagelijks bestuur steeds de meest mogelijke medewerking ondervonden, doch tevens werden gewezen op den ongunstigen toestand der gemeentekas;
    dat tot hun genoegen werd voorzien in twee nieuwe persslangen, benevens een nieuwe zuigbuis bij den aanjager en nieuwe buizen afzuigers in spuit nr.2;
    dat door hun bij herhaling is gewezen op den onvoldoenden toestand der aanvoerslangen, op het aanleggen van een brandput op het Vrijthof en tevens op het aanschaffen van nieuwe zuigers, zo mogelijk ook in spuit nr.1;
    dat zij steeds zowel mondeling als schriftelijk ter antwoord ontvingen dat de gemeentekas niet alles veroorloofde;
    Brandmeesters vermenen tot nu toe steeds aan hun eed en pligt te hebben voldaan, doch bij de laatst plaats gehad hebbende branden, bleek het hun dat sommige leden van de raad daarover anders denken, althans bij de brand van heden bij Wanningen werd door een lid van den raad aan brandmeesters in ’t publiek verweten dat hij het in het belang der gemeente achtte openlijk te verklaren dat het toezicht over de brandspuiten niet naar behoren wordt uitgevoerd, en de slecht of mingunstige toestand der bluschmiddelen aan hun werd verweten;
    Brandmeesters stellen daartegenover het oordeel var den raad, die tot nu toe aan hunne eisen geen uitvoering gaf en achten zich verpligt U thans mee te delen dat zij niet weten op welke wijze zij het moeten aanleggen om openlijke afkeuring ook van leden uwer raad te voorkomen:
    in verband met het voorgevallene nemen zij daarom de vrijheid nogmaals op de uitvoering van hunne reeds bij herhaling gedane eischen aan te dringen, en mogt Gij daartoe niet kunnen besluiten, dan verzoeken zij U het beheer en toezigt over de brandweer aan de zoodanigen op te dragen die daarin beter inzicht mogten hebben”.
  • 16 juli. De rogge staat vrij goed; op sommige plaatsen wel wat dun op het land. Haver en gerst staan bijzonder goed. Boekwei staat zeer goed. De aardappeloogst lijkt goed te worden; alleen in de vroege soorten komt ziekte voor.
  • 17 juli. Het schrijven van de brandmeesters Podt, Kramer en Mulder, omtrent de onvoldoende toestand van de brandblusmiddelen, komt ter sprake. De zuigers van spuit nr.1 zijn defect. De aanvoerslangen van de aanjager zijn slecht (lengte slanger is 100 meter) Gesproken wordt over een brand nabij de Israëlitische kerk) Besloten wordt de nodige herstellingen uit te voeren.
  • 19 juli. Bij brandspuit nr.2 (de oude) wordt tot regelaar bij de aanvoer van water benoemd J.H. de Bruijn.
    In Stad-Ommen is één openbare school aanwezig.
  • 3 aug. Bij besluit van ged.staten van Overijssel wordt tot provinciaal veearts benoemd de heer W. Mossel, standplaats Avereest. Zijn toelage wordt vastgesteld op f.200,– per jaar. Zijn werkgebied omvat de gemeenten Stad- en Ambt-Ommen, Avereest, Stad- en Ambt-Hardenberg, Gramsbergen en Den Ham.
  • 20 sept. De C.d.K in Overijssel benoemd tot cipier van het Huis van Bewaring te Ommen Hendrik Wilhelm Bodewit brigadier-majoor titulair Rijksveldwachter te Ommen op een rijkstractement van f 150,– en op een tractement van f 50,– om te slaan over de gemeente van het kanton Ommen naar derzelver zielental, alsmede vrije woning berekend tegen f50,- ‘sjaars.
    Hij volgt Albert Dijkerman op (overleden op 18 september) en staat onder de bevelen van het College van Toezicht over het Huis van Bewaring te Ommen.
  • 28 okt. De wegen op de Dante zullen opnieuw gekielspit en daarmee verbeterd worden in de eerste helft van november.
  • 28 dec. Kruidverkopers te Stad-Ommen zijn:
    J. van der Veen, H. Hoek, S. Godeschalk. (Vuurwerk voor jaarwisseling).
  • 30-dec. J. Appelhof, grof- en hoefsmid, verzoekt toestemming om zijn smederij te verplaatsen van wijk A nr.176 naar wijk A, nr.244.
  • 31 dec. Stad-Ommen telt; 2608 inwoners.
    bestaande uit: 1799 mannen.
                           809 vrouwen.

    Bron: Archief Jan Lucas / Peter Vosselman†

    Reageren »

• • •

Geen reacties »

Nog geen reacties.

Voeg een reactie toe

*
Voer het hiernaast afgebeelde woord in. Klik op de afbeelding om het woord af te luisteren.
Anti-spam image

U kunt afbeeldingen aan de reactie toevoegen door hier te klikken.