микрозаймы

26 juni 2020

Linde en Mirthe winnen gedichtenwedstrijd Ommen 75 jaar vrijheid

Categorie: Informatiebronnen, Oorlog en Bevrijding.    145 keer gelezen.

 Burgemeester Hans Vroomen en Klazien Wienen, voorzitter van het 4 en 5 mei comité in Ommen hebben, zij het met enige vertraging de prijzen uitgereikt aan de winnaars van de gedichtenwedstrijd.

De prijswinnaars Mirthe Breukelman en Linde Post met op de achtergrond Klazien Wienen, voorzitter van het 4 en 5 mei comité in Ommen, en burgemeester Hans Vroomen.
Foto: Ronald Bakker

Het bleek voor de jury nog een hele klus, om ten eerste de vele inzendingen te lezen, maar ze daarna ook nog eens op waarde te schatten. Totaal verschillende gedichten met vaak een persoonlijk tintje.

Er zijn twee eerste prijzen uitgereikt. Aan Mirthe Breukelman en Linde Post. Beide toevalligerwijs van de Guido de Bresschool. Het was aanvankelijk de bedoeling dat beide winnaars het gedicht konden voordragen tijdens de herdenking en viering op 4 en 5 mei. Dat kon wegens de problemen rond het Coronavirus niet doorgaan. Het comité en de stichting 75 jaar vrijheid Ommen schuiven de uitgebreide activiteiten van lustrumjaar 2020 door naar 2021. Dan krijgen Mirthe en Linde alsnog de gelegenheid het gedicht voor te dragen. Alle inzendingen zijn nog na te lezen de website ommen75jaarvrijheid.nl.

De winnende gedichten:


2 minuten stil.
Het is alweer 75 jaar geleden, Dat er zoveel mensen hebben moeten lijden
Gewoon om wie ze zijn. Dat doet me pijn.
Zoveel onderduikers. Ze weten niet wat gewoon leven is.
Ook al is er niks met hun mis. 2 minuten stilstaan
Lees meer »

Reageren »

23 juni 2020

Ommer Bissingh ooit een van de drukst bezochte jaarmarkten in Overijssel

Categorie: Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    271 keer gelezen.

Op de tweede dinsdag van juli wordt al eeuwenlang de Ommer Bissingh gehouden. Een jaarmarkt vermoedelijk zo oud als de stad Ommen zelf, mogelijk nog ouder.

 Ommer Bissingh omstreeks 1937
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Ommer Bissingh”.

In de 19de eeuw was de Ommer Bissingh één van de drukst bezochte jaarmarkten in Overijssel en duurde drie dagen. Op maandag de linnenmarkt, op dinsdag de jaarmarkt en op woensdag de veemarkt.

Bissinghbel
Een oud Bissingh gebruik is het luiden van de Bissinghbel, een klein koperen luidklokje aan de vooravond van de Ommer Bissingh. De Bissingh begon toen op zondagavond na kerktijd al op gang te komen als de herbergen vol lopen met kooplui. Op maandagmorgen 11 uur luidde het klokje van het gemeentehuis de Ommer Bissingh in. De grote toeloop van de kooplieden leidde er in het verleden toe om de Bissinghbel te luiden als teken dat de standplaatsen op de jaarmarkt bij verloting zouden worden toegewezen. Het luiden van de Bissinghbel is steeds gebleven, toch zijn een aantal gebruiken rondom de jaarmarkt verdwenen. Dat waren het verplichte schoorsteenvegen en het wieden van de straten en stoepen. De Ommenaren waren als brandveiligheidsmaatregel verplicht hun schoorstenen te vegen eer de Ommer Bissingh begon. Deze verplichting werd ook door de gemeente gecontroleerd en eventuele gebreken aan de schoorsteen werden opgespoord. Verder was voorafgaande aan de Bissingh iedereen in de stad verplicht stoep en straat voor de woning van gras en onkruid te ontdoen.

Razend druk
Een dag op de Ommer Bissingh in vroegere jaren: het is er ‘s morgens al razend druk. Behalve over de weg was ook aanvoer met zompen over de Vecht, die in een lange rij aan de Vechtoever liggen afgemeerd. Boeren uit de buurtschappen zijn gekomen met hun kleedwagen. Daarop ook nog enkel biggen die ze van de hand willen doen op de veemarkt. Boeren van stand komen me hun sjees. Alle soorten van landbouwgereedschappen, linnen, lapjes, vaatwerk, aardewerk en goud en zilverwerk worden te koop aangeboden. Linnen en vee zijn de belangrijkste handelswaar. Op het Kerkplein zijn de lappenstoffen te vinden. Lees meer »

Reageren »

21 juni 2020

Hoe in Ommen vroeger de brandweer geregeld was (4)

Categorie: Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    195 keer gelezen.

Van brand wil iedereen graag bespaard blijven. Als er dan brand is dan zijn onze spuitgasten meer dan welkom.

 Spuit I waar vroegere in Ommen brand mee bestreden werd.
Foto: Streekmuseum Ommen
Zie ook “deel 1”, “deel 2”, “deel 3” en voor meer foto’s het album “Brandweer”.

Vroeger werd de burgerij min of meer verplicht om bij brand actief te zijn. Dat varieerde van het bedienen van de brandspuit en het gieten van het water tot oppassers om te voorkomen dat niemand op de slang ging staan en spoelen en drogen van de slangen na de brand.

De allereerste brandspuiten waren handbediende zuigerpompen, holle cilinders met een zuiger erin. Ze werkten als een soort grote injectiespuit met een handvat of hefboom voor de bediening. Ze konden maar een kleine hoeveelheid water bevatten en moesten telkens vanuit een emmer worden gevuld. Jan van der Heyden en zijn broer Nicolaas hebben de brandspuit in 1672 verbeterd door er een ‘zuigpomp’ en lederen brandslangen aan toe te voegen. Het benodigde water kon nu direct uit een put, sloot, gracht of rivier opgezogen worden. De spuit, die eerder naar de brand werd gedragen, werd al snel voorzien van wielen, zowel om als een kar of getrokken te worden met paarden.

Spuit I en Spuit II
In 1827 besloot koning Willem I dat alle gemeenten brandspuiten en andere blusmiddelen moesten aanschaffen. Ommen was in het bezit van 2 brandspuiten: Spuit I, de brandspuit met drukbol die zorgt voor een gelijkmatige druk op de waterstraal. Vier mensen moesten met behulp van bomen pompen. Verder Spuit II, die telkens met een emmer gevuld moest worden. Zowel Spuit I als Spuit II zijn in het bezit van Het Streekmuseum in Ommen.

De bestrijding van branden gebeurde van oudsher met emmertjes water die van hand tot hand werden doorgegeven. Een leren emmer behoorde dan ook tot de verplichte uitrusting van elk burger van Ommen. Het water kwam uit de Vecht of uit verschillende brandputten en -kolken. In Stad-Ommen was sprake van een 9-tal zogeheten publieke waterputten. Op het Vrijthof is een vroegere brandput gemarkeerd met een granieten deksel met daarop de tekst: “Brandput, anno 1860”. In 1872 kwam er nog een put bij. Alle waterputten werden aan het eind van de negentiende eeuw vervangen door stadspompen. Bij sommigen pompen bleef een waterreservoir voor brand. Lees meer »

Reageren »

17 juni 2020

De nieuwe plannen van Ommen 75 jaar Vrijheid

Categorie: Informatiebronnen, Oorlog en Bevrijding.    195 keer gelezen.

OMMEN – De Stichting Ommen 75 jaar Vrijheid kondigt de plannen aan voor het nog lopende bevrijdingsjaar. In 2020 zijn alle evenementen afgelast, maar in 2021 zullen nog één herdenking en 4 feestdagen door de stichting worden georganiseerd.

 Covoorzitter Roos ter Beek: “Dat was even schrikken met de coronacrisis begin dit jaar. Natuurlijk begrepen we meteen je dat er dit kalenderjaar geen enkel groot evenement meer kan worden georganiseerd. En natuurlijk waren we als organisatie wel even teleurgesteld. Maar we zijn niet bij de pakken neer gaan zitten. We hebben de evenementen afgelast voor dit jaar, maar de uitgifte van het boekje ‘Ommen in oorlog’ en de introductie van de app ’75 jaar bevrijding Ommen’ wel onmiddellijk uitgevoerd. Zo gaven we rondom de Bevrijdingsdag van Ommen en de landelijke herdenking en Bevrijdingsdag toch ook iets blijvends aan Ommen. Toch iets om mee te herdenken en vieren.

Het bestuur heeft ervoor gekozen in 2021 toch nog een aantal evenementen in te halen en hiervoor een conceptprogramma heeft opgesteld.

Zaterdag 10 april
Op zaterdag 10 april wordt de Bevrijdingsdag van Ommen gevierd, met medewerking van alle Ommer muziekverenigingen, een optocht met voertuigen uit de periode ’40-’45 en een podiumprogramma op het Plein van de Vrede (Kerkplein). Omdat op 11 april in 2021 op een zondag valt, heeft de organisatie ervoor gekozen dat de festiviteiten plaats zullen vinden op de dag dat de bevrijding van de gemeente begon: de bezetters werden in Lemele al op 10 april 1945 door de Canadezen verjaagd. Op 11 april wil de organisatie wel weer inzetten op veel vlagvertoon in de gehele gemeente.

Zaterdag 1 mei
Veteranendag zoals deze in 2020 zou plaatsvinden is in twee delen geknipt. Dat was organisatorisch niet anders mogelijk. Zaterdag 1 mei zal in Stegeren de dropping plaatsvinden met authentiek materieel in aanwezigheid van onder meer de veteranen uit de periode 1940 tot op heden.

Dinsdag 4 mei
Dinsdag 4 mei zal de stille tocht naar de oorlogsgraven en de 2 minuten stilte bij de begraafplaats aan de Hardenbergerweg plaatsvinden. Dit is een vijfjaarlijkse traditie die om de bekende redenen in 2020 niet door kon gaan en in 2021 wordt ingehaald. Lees meer »

Reageren »

17 juni 2020

Canon van de Ommer: Carel Johan Warnsinck (2)

Categorie: Bekende personen, Canon van de Ommer.    257 keer gelezen.

Carel Johan Warnsinck (1865-1941) geneesheer in dienst van de gemeenschap van Ommen

 Carel Johan Warnsinck
Afbeelding: OudOmmen
Zie ook het album “2. Carel Johan Warnsinck”, de verzamelplek voor alles over Carel Johan Warnsinck.

Ommen zat zonder geneesheer en moest voor medische hulp een beroep doen op artsen van verder weg. Daarom ook dat Ommen in 1890 met druk een beroep deed op Carel Johan Warnsinck om naar Ommen te komen als gemeentegeneesheer. Hij was juist een praktijk begonnen in Ootmarsum, maar koos toch voor Ommen. Later zou hij zeggen van zijn komst naar Ommen nooit geen spijt te hebben gehad. Hij genoot vertrouwen van zijn patiënten en werkte er met heel veel plezier.

Lief en leed
Het was de eenvoud die dokter Warnsinck kenmerkte. In zijn ruim 40-jarige dokterspraktijk heeft hij een generatie Ommenaren zien opgroeien en lief en leed met hun gedeeld. Warnsinck heeft veel voor Ommen betekend. In 1908 stond hij aan de wieg van het Groene Kruisvereniging in Ommen en was 34 jaar lang voorzitter. Ook daar heeft hij baanbrekend werk verricht op het gebied van volksgezondheid en hygiëne. Verder was hij 30 jaar lang bestuurslid van de VVV in Ommen. Dokter Warnsinck trouwde in 1890 met Petronella Hendrikca Bouwmeester, dochter van de toenmalige burgemeester Alexander Carel Bouwmeester. Het echtpaar ging wonen aan de Voorbrug (Ambt-Ommen) in het huis waar tussen 1852 en 1884 meester Jan Pieter Grolle les gaf aan de kinderen en in 1830 werd gebouwd door burgemeester J.A. Chevallerau. In 1896 werd de woning flink uitgebreid. De dokterswoning met praktijk is in 1949 gekocht door hotelier Gerrit Stegeman en vervolgens in 1954 afgebroken om de weg en parkeerplaats voor het hotel breder te maken. Het tuinhuis van toen staat er nog steeds. In de zomer wordt van daaruit ijs verkocht door Ekkelenkamp.

Paard en wagen
De heer Warnsinck werd geboren op 18 juni 1865 te Kloetinge in Zeeland. Hij studeerde aan de Universiteit te Amsterdam, alwaar hij op 6 juni 1890 tot arts promoveerde. Op 1 November 1890 kwam hij naar Ommen. Hij was in dienst van zowel de gemeente Stad-Ommen als die van Ambt-Ommen. Het waren geen makkelijke tijden. Zijn praktijk strekte zich uit tot ver in de buurtschappen. Hij bezocht zijn patiënten met paard en wagen. De arrenslee waarin hij zich met sneeuw vervoerde staat in het Streekmuseum van Ommen. Dat geldt ook voor zijn dokterstas die een plek in het Ommer museum heeft gekregen.

Groene Kruis
Toen er een afdeling van het Groene Kruis werd opgericht, werd de dokter met algemene stemmen tot voorzitter gekozen. Ook was hij voorzitter van de afdeling Ommen van het Centraal Genootschap voor Kinder-, herstellings- en vakantiekolonies. Warnsinck was jaren de enige dokter in Ommen waardoor zijn hulp in talrijke gezinnen werd ingeroepen. Was de kindersterfte in Ommen naar verhouding tot andere plaatsen gering, toch wist de Warnsinck hierin nog belangrijke vooruitgang te boeken. De wegen waren in die tijd abnormaal slecht, zodat het verre van eenvoudig was om patiënten spoedig te bereiken. Als consul van de ANWB wist hij hierin veel verbetering te brengen. In 1926 kreeg Ommen een tweede gemeentegeneesheer in de persoon van dokter G. Pos. Waar de dokters zich toen ook mee bezig hielden was tandheelkunde. Tot 1932. In dat jaar kwam de vrouwelijke tandarts Catharina Symina Mulder naar Ommen.

40 jaar jubileum
Dat dokter Warnsinck gewaardeerd werd kwam wel overduidelijk tot uiting bij zijn 40-jarig jubileum als arts in 1930, toen hem een grootse huldiging te beurt viel. Vier jaren later, in 1934, deed hij zijn praktijk over aan dr. P. Wildervanck de Blécourt, die eerst spreekuur hield in het huis van Warnsinck, voordat de nieuwe dokter een woning liet bouwen aan de Stationsweg. In 1941 overleed dokter Warnsinck op 75-jarige leeftijd.

Bron: Harry Woertink – 17 juni 2020

Reageren »

15 juni 2020

Executieplek op de Besthmenerberg van drie vermoorde verzetshelden gemarkeerd met grote steen

Categorie: Harry Woertink, Kamp Erika, Oorlog en Bevrijding.    293 keer gelezen.

Met een grote steen op de Besthmenerberg worden drie vermoorde verzetshelden uit de oorlog herdacht. Het gaat om Jaap Musch, Jan van Putten en Derk Webbink.

De dikke steen met bank waar in 1944 de verzetshelden Jaap Musch, Jan van Putten en Derk Webbink zijn geëxecuteerd.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “2020 – Nieuw Monument”.

Alle drie zijn in de Tweede Wereldoorlog op de schietbaan van Kamp Erika geëxecuteerd. Het nieuwe gedenkmonument is een onderdeel van het vernieuwde oorlogsmonument van strafkamp Erika op de Besthmenerberg onder Ommen. Als gevangenenkamp was Kamp Erika van 1941 – 1945 een plek van ontberingen, pijn, vernederingen en veel leed.

De route naar het herdenkingsmonument is vanaf de parkeerplaats de Steile Oever aan de Hammerweg aangegeven met grijze vijfhoekige betonnenpaaltjes. Het gevangenenkamp had ook een vijfhoekig model. Op de kruising van vier paden volgt eerst het herdenkingsblok over de Sterkampen van Krishnamurti. Er tegenover ligt het donkere herdenkingsblok over “Kamp Erika” van 1941 tot 1945. Rechts daarvan het blok over het interneringskamp “Kamp Erica” (dan met een c geschreven) van einde oorlog 11 april 1945 tot 1946 en aan de andere kant op de kruising een blok met informatie. Dit blok is ook te gebruiken als zitplaats. Wanneer de routepaaltjes verder worden vervolgd komt men na ongeveer 900 meter in oostelijke richting uit bij eerdergenoemde executieplek van de drie verzetsstrijders. De plek is gemarkeerd met een grote veldkei en een zitbank.

Jaap Musch
Jacob Philip (Jaap) Musch (1913) uit Amsterdam redde in de Tweede Wereldoorlog Joodse kinderen uit de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam. Ongeveer 160 kinderen uit de kinderopvang en daarnaast nog een groot aantal andere kinderen ontkwamen via de organisatie waar hij lid van was aan transport naar de concentratiekampen. In totaal ging het om minstens 231 kinderen. Jaap Musch is na zijn arrestatie in Nijverdal overgebracht naar Kamp Erika en is hier verhoord door leden van de Sicherheitsdienst uit Arnhem. Die waren berucht. Ze waren toevallig op bezoek in het strafkamp. Daar is Jaap door hen gruwelijk gemarteld. Hij liet niets los.

Lees meer »

Reageren »

15 juni 2020

28 juni rondwandeling met gids door de Ommerschans

Categorie: Ommerschans, Vereniging De Ommerschans.    211 keer gelezen.

Ook dit jaar organiseert vereniging de Ommerschans elke vierde zondag van de maand (met uitzondering van de maand December) een rondwandeling met gids door het gebied de Ommerschans.

‘Gezigt op het gesticht voor bedelaars binnen de Ommerschans, in Overijssel, van de achter zijde’.
Afbeelding: OudOmmen

In een anderhalf uur durende wandeling vertelt de gids over de geschiedenis van het unieke gebied. Met onder meer verhalen over het zwaard van Ommerschans (dat te zien is in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden), de muiterij op de schans, de overval door de patriotten. Ook wordt er veel aandacht besteed aan de ruim 700 ha grote straf-en bedelaarskolonie Ommerschans. Je hoort niet alleen de historische feiten, maar ook verhalen over de bewoners en de dagelijkse gang van zaken op de kolonie. De gids vertelt ook over de geschiedenis van CTP Veldzicht die zijn oorsprong vindt in de kolonie Ommerschans.

De start van de zondagmiddagrondwandeling is om 14.00 uur en de avondrondwandeling om 19.00 uur bij het kanon in hartje Ommerschans. In verband met de Coronabeperkende maatregelen is de start niet (zoals gebruikelijk) bij de Veldzichthoeve maar bij het kanon in hartje Ommerschans en kan er geen koffie geserveerd worden. De kosten van de rondwandeling zijn € 5,00 en de vereniging de Ommerschans houdt zich aan de regels die door het RIVM zijn opgesteld. Er is geen gelegenheid om te pinnen. Vooraf aanmelden via info@ommerschans.nl of via 06-13629524. Parkeren bij het kanon naast de schanswal. Wilt u met een grote groep komen? Dan kunnen we ook in overleg rondleidingen afspreken op een ander moment. Laat u zich informeren over de mogelijkheden.

Lees meer »

Reageren »

13 juni 2020

Hoe in Ommen vroeger de brandweer geregeld was (3)

Categorie: Harry Woertink, Oude gebruiken & tradities.    286 keer gelezen.

Je kon erin trouwen, rouwen of als taxi gebruiken. Maar ook kon het gebruikt worden om de spuit van de brandweer er mee te vervoeren.

De auto voor deze motorbrandspuit deed in 1944 niet alleen dienst als brandweerauto, maar ook als rouwauto, ziekenauto en taxi.
Foto: OudOmmen
Zie ook “deel 1”, “deel 2” en voor meer foto’s het album “Brandweer”.

Dat allemaal kon met een en dezelfde auto. Wat waren ze trots op hun brandspuit met dieselmotor. De brandspuiten stonden opgesteld in het brandspuitenhuisje dat gebouwd was tegen de muur van de Hervormde kerk op het Kerkplein. Bij brand kwam de (taxi) auto van garage Hurink snel voorgereden om de brandspuit aan te koppelen op weg naar de brand. Was het brandspuitenhuisje eerst te vinden aan de noordkant van de kerk. In 1848 werd de zuidkant van de kerk naast de consistoriekamer als betere locatie geschikt geacht. Later toen het opnieuw verbouwd moest worden en ook het platte dak vervangen moest worden door een aflopend dak stak de kerk daar een stokje voor. Het licht zou worden weggenomen uit het onderste gedeelte van een raam. Daarom werd toen op dezelfde plaats een nieuw huisje gebouwd met de deuren naar het zuiden. Tegelijk werden een 20-tal emmers aangeschaft. Het brandspuitenhuisje heeft dienstgedaan tot 1961, toen werd het afgebroken.

Instructie bij blussen van brand
In 1900 is een nieuwe “Instructie bij het blussen van brand” vastgesteld met een opperbrandmeester, 6 brandmeesters en zoveel manschappen als nodig waren, 3 pijpgasten, één zakkendrager en een bode. De manschappen kwamen onder bevel van de brandmeesters te staan. Deze laatste was kenbaar aan een stok, ringsgewijze geverfd met de kleuren rood en wit en voorzien van een knop, waarop de letters van de spuit waartoe zij behoorden. De anderen hadden als onderscheidingsteken een leren, zwartgelakte klep met een koord om de hals gedragen, voorzien van de letter van de spuit. Op 16 mei 1913 breekt brand uit bij B.J. Grootenhuis aan de Brugstraat met als gevolg een grote vuurzee. Omdat de brandweer het niet alleen aan kan wordt hulp ingeroepen van de brandweer van Dalfsen. Als men de brand ‘meester’ is zijn vijf huizen in de as gelegd. De geleende spuit wordt door vrachtrijder Steen met twee paarden teruggebracht naar Dalfsen. Er volgt nog een rekening van de wagenmaker die de spaken van de vier wielen van de Dalfser brandspuit heeft moeten vernieuwen. De burgers die zich hadden ingezet bij deze bluswerkzaamheden worden beloond met 10 cent per uur en wachthouders in de nacht krijgen 15 cent per uur. Een bijkomstigheid was nog dat opperbrandmeester Peter Oldeman drie dagen na de brand nog steeds hees was van het commanderen. Aangezien Oldeman tijdens de brand moeilijkheden kreeg met de marchaussee, die hem zijn bevoegdheden op het terrein van de brand betwistten, kreeg Oldeman voortaan een pet met het wapen van Ommen als teken van rang en bij een volgende brand daar geen onduidelijkheden meer over konden ontstaan.

Lees meer »

Reageren »

13 juni 2020

Nationaal Tinnenfigurenmuseum Ommen weer open – 35 jaar bestaan met speciale jubileumexpositie

Categorie: Harry Woertink, Musea.    225 keer gelezen.

OMMEN – Het Nationaal Tinnen Figuren Museum opent haar deuren weer op dinsdag 30 juni 2020 voor het publiek.

 Opstelling van tinnen figuren bij de start van het Tinnen Figuren Museum in Ommen in 1985.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Markt 1 – Nationaal Tinnen Figuren Museum”.

Het spreekt voor zich dat het museum er alles aan doet om iedereen een veilig en aangenaam bezoek aan te bieden. In lijn met de landelijke maatregelen om het coronavirus te bestrijden, is het museum alleen na een online reservering te bezoeken. De openingsuren zijn tijdelijk gewijzigd: dinsdag t/m zondag van 13.00 tot 17.00 uur. De bijzondere jubileumexpositie ‘Miniatuurschilders’ staat centraal. Op zaterdag 27 juni om 11.00 uur geeft wethouder Ko Scheele een speciaal accent aan de heropening, in het bijzijn van vrijwilligers en donateurs.

Jubileumexpositie ‘Miniatuurschilders’
Het museum bestaat dit jaar 35 jaar. De geplande opening van de jubileumexpositie Miniatuurschilders moest door de carona geannuleerd worden. Het museumbestuur is blij dat deze expositie alsnog getoond kan worden. De tentoonstelling zelf, met bijdragen van een keur aan internationale kunstenaars, is echt een feest. Een wel heel bijzondere bijdrage aan de jubileumexpositie is het vignet ‘de verjaardag van Groot Moghul Aurangzeb‘. Dieter Blanke, een begenadigd schilder en aarts verzamelaar met een collectie van 30.000 historische tinnen figuren, is de maker van dit vignet. Hij gebruikte figuren die worden uitgegeven door: Zinnstübel Gabriela Donner, Schliebener Weg 2, 04939 Lebusa, Duitsland.

Het bijzondere aan deze tinnen figurenserie is dat ze is gemaakt naar het voorbeeld van een zeer kostbare 132-delige serie miniatuur figuren uit 1708. En kostbaar is een understatement. Deze serie bestaat uit geëmailleerd zilveren en gouden miniatuur figuren, ingelegd met 4.909 diamanten, 160 robijnen, 164 smaragden, 1 saffier, 16 parels en 2 cameeën. In de loop der jaren raakten 391 stenen kwijt. Al deze figuren staan op een 1 m2 groot podium van goud en zilver. Lees meer »

Reageren »

12 juni 2020

IJskelders, Spaanse Griep, Junne en Tolhuizen in nieuwe nummer van De Darde Klokke

Categorie: CCO (Cultuurhistorisch Centrum Ommen), De Darde Klokke, Harry Woertink.    290 keer gelezen.

OMMEN – In de nieuwste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (195) antwoord op de vraag wat een ijskelder is en de functie.

 De jongste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (195).

Steeds meer mensen bezoeken al wandelend of fietsend het prachtige landgoed Het Laar in Ommen. Menigeen zal ook langs de ijskelder van Het Laar gekomen zijn en zich afvragen wat moet die deur daar in dat heuveltje. Van de 10 ijskelders die in Salland nog bewaard zijn gebleven heeft Ommen er vier en ze zijn allemaal uniek, twee ijskelders behoren tot de mooiste ijskelders van Nederland. In Eerde, Vilsteren, de Ommerschans en in Het Laar zijn deze ijskelders als “verborgen” cultureel erfgoed te vinden. Nu de wereld in de ban is van het Coronavirus heeft De Darde Klokke een verhaal over de Spaanse Griep die in de zomer van 1918 in Nederland heerste. Ook inwoners van Ommen ontkwamen niet aan de Spaanse griep. In de stad zelf maar ook in de buurtschappen werden mensen ziek en kwamen te overlijden. Een tweede golf stak een jaar later op. Bijna nog erger dan een jaar eerder. Wel werden er toen maatregelingen getroffen om het virus te beperken. Deze tweede golf duurde tot maart 1920.

Landgoed Junne
Landgoed Junne bestaat 300 jaar. De geschiedenis begint in 1718 als Werner van Pallandt erve “de Brakel” aankoopt. Verschillende eigenaren zijn er in die 300 jaren geweest. In mei 2018 werd het landgoed gekocht door verzekeraar ASR. Niet alle boerderijen zijn in bezit van het landgoed: vijf zijn in particuliere handen. Vroeger werden de schapen op de hei geweid door jongeren. Hun loon bestond uit kost en inwoning en wat geld voor de vaak kinderrijke gezinnen. Men had dan weer een eter minder en dat scheelde weer. Vroeger was Ommen omsloten door tolwegen en tolbruggen. Op bijna alle toegangswegen naar de stad moest men tol betalen om van de weg gebruik te mogen maken. In De Darde Klokke alle tolhuizen in Ommen op rij. In het nieuwe nummer ook aandacht voor de beeldbepalende molen De Lelie. Deze in 1846 gebouwde molen blijft behouden als de gemeente de molen aankoopt. Eigenaar Hendrik Oldeman moet er een veer voor laten bij de verkoop, maar bereikt wel zijn doel om de Lelie grondig te laten restaureren zodat deze weer als korenmolen zijn werk kan doen. In 1976 is het dan eindelijk zo ver dat de molen weer kan draaien en malen met molenaar Anton Wolters. Abonnees van de kwartaaluitgave van De Darde Klokke krijgen het tijdschrift thuis toegestuurd. Losse nummers van De Darde Klokke zijn te koop bij Read Shop aan de Kruisstraat 3 in Ommen.

Bron: Harry Woertink – 12 juni 2020

Reageren »